Tip 65: Hoe omgaan met taalfouten van niet-moedertaalsprekers Nederlands?

i.s.m. Monitoraat op maat – Academisch Nederlands (Dirk Berckmoes)

Steeds meer studenten met een anderstalige achtergrond doorlopen hun academische studie in het Nederlands. Hoewel deze studenten voldoen aan het vereiste instapniveau - minimaal niveau B2 van het Europees Referentiekader - maken ze soms nog fouten in gesproken en geschreven taalgebruik die niet (meer) voorkomen bij moedertaalsprekers Nederlands. De meeste fouten verdwijnen  doorgaans naarmate deze studenten meer ervaring opdoen met het Nederlands (De Vries & Verspoor, 2010): door tegen zaken aan te lopen (noticing the gap) bouwen ze hun taalkennis verder op. Taalfouten kun je in die zin dan ook beschouwen als noodzakelijke stapstenen in hun  taalontwikkeling.

Cruciaal voor het taalleerproces van deze studenten zijn voldoende input, oefenkansen en aangepaste feedback. In deze ECHO-tip krijg je advies over wat je hier als docent aan kunt doen. De tips hieronder gelden in de eerste plaats voor studenten met een anderstalige achtergrond, maar zijn bij uitbreiding ook nuttig voor alle studenten.


Bied voldoende input en oefenkansen aan

  1. Reik goede voorbeeldteksten en modelopdrachten aan. Het leerproces vindt immers voor een groot deel plaats aan de hand van imitatie.  
  2. Lok tijdens de les actief taalgebruik uit. Dat kan bijvoorbeeld door in de les korte onbeoordeelde schrijfopdrachten te organiseren (writing to learn) of door mondelinge interactie tussen studenten te stimuleren (“Bedenk per twee een oplossing voor dit probleem”). Oefening baart kunst.

(Zie ook tip 27: activeren van grote groepen en tip 34: Opstellen van schriftelijke opdrachten)


Geef feedback

  1. Geef in de eerste plaats feedback op de inhoud en vraag om verduidelijking indien nodig: “Wat bedoel je met … ?”
  2. Geef verbeterende feedback door te parafraseren: “Ik vind dit het best methode.” – “Waarom vind je dit de beste methode?”. Feedback op fouten die de communicatie niet verstoren, kan ook na het gesprek aan bod komen.
  3. Geef bevestigende of positieve feedback op het taalgebruik van studenten: het motiveert ze om hun taal verder te ontwikkelen.

(Zie ook tip 31: Feedbackgesprek)        


Schep klaarheid over de beoordeling

  1. Informeer studenten vooraf over de talige verwachtingen van een opdracht. Ga je er bijvoorbeeld van uit dat het werkstuk door een moedertaalspreker is nagelezen of net niet?
  2. Geef duidelijk aan welke aspecten van taal in welke opdrachten meetellen. Hou er rekening mee dat een strenge beoordeling op grammatica en spelling sommige studenten kan afremmen. In een examenantwoord bijvoorbeeld nemen ze dan liever geen risico en hanteren ze bewust eenvoudig taalgebruik, ten koste van de inhoud (Neumann, 2014).
  3. Maak in de beoordeling een onderscheid tussen fouten die het begrip van de inhoud in het gedrang brengen en fouten die dat niet doen.

(Zie ook tip 43: Een schriftelijk werkstuk als toets en  tip 51: Talige verwachtingen bij schrijftaken)

 

Meer weten?

Meer informatie en tips vindt u in de nota Omgaan met taalfouten van anderstalige studenten in studietaken.

ExpertiseCentrum Hoger Onderwijs (ECHO): Onderwijstips:

De Vries, F. & M. Verspoor (2010). Taalfouten maken mag in tweede taalontwikkeling!Levende Talen Tijdschrift, 11 (3), 18–28. (sic)

Hoefnagel, M. (2008). Het kan veel beter. Over de hardnekkigheid van bepaalde taalfouten en wat daaraan te doen is, Les. Tijdschrift voor het onderwijs aan anderstaligen, 26 (152), p. 37-39.

Neumann, H. (2014). Teacher assessment of grammatical ability in second language academic writing. A case study, Journal of Second Language Writing, 24, 83-107.

Ortega, L. & G. Iberri-Shea (2005). Longitudinal research in second language acquisition: recent trends and future directions, Annual Review of Applied Linguistics, 25, p. 26-45.

Spruyt, E. (2016). Grammaticale fouten in het academisch Nederlands van UA-studenten in begeleiding bij Monitoraat op maat, Bachelorscriptie voor Toegepaste Taalkunde, UAntwerpen.  

Strybol, J. (2011). Breed motiveren. Op zoek naar motivatoren bij cursisten, Les. Tijdschrift voor het onderwijs aan anderstaligen, 29 (173), p. 3-7.

 

(Onderwijstip december 2017)