Tip 79: Laptops en smartphones in de aula: deel 2. Hoe kan je hiermee omgaan?

In een voorgaande tip behandelden we een aantal argumenten die je kon meenemen in jouw beslissing om laptops en smartphones al dan niet te verbieden in jouw leeromgeving.

In deze tip bouwen we hier op verder en geven we je een aantal mogelijke manieren om met deze apparaten om te gaan. Hierbij zullen we de extremen behandelen: volledig toelaten of volledig verbieden, maar willen we ook meegeven dat verbieden of toelaten geen ‘of-verhaal’ moet zijn (volledig verbieden of volledig toelaten). Het kan ook een ‘en-verhaal’ zijn (soms verbieden en soms toelaten).

Wat je ook beslist, het is belangrijk om jouw beslissing duidelijk te communiceren aan studenten, er duidelijke afspraken over te maken en ook, indien relevant, voor te bereiden welke acties jij zou willen ondernemen als studenten de afspraken niet nakomen.

 

Volledig toelaten

Als je kiest voor het volledig toelaten van laptopgebruik, is het een vrij rechtlijnig verhaal. Studenten mogen hun laptop en/of smartphone gebruiken. Er wordt geen controle ingebouwd. Het risico dat studenten laptop en smartphone zowel voor taakgerichte activiteiten als voor niet-taakgerichte activiteiten gaan gebruiken, neem je erbij.

 

Het ‘en-verhaal’: gedeeltelijk verbod

Hierbij gaan we laptop- en smartphonegebruik soms toelaten en soms verbieden. Bij dit zogenaamde gedeeltelijke verbod zijn volgende aandachtspunten interessant om in overweging te nemen:

Het gedeeltelijk verbod kan op vier manieren gelden:

  1. Verbieden in sommige lessen en toelaten in andere lessen. Hierbij gaan dan lessen geïdentificeerd worden waarbij de laptop toegelaten is (bv., in een hoorcollege, waarin belangrijke concepten worden uitgelegd) en waarbij de laptop niet toegelaten is (bijvoorbeeld, in een les waarin discussie centraal staat).
     
  2. Verbieden én toelaten in dezelfde les. Hierbij ga je momenten in 1 les identificeren waarin de laptop wel én niet gebruikt mag worden.
     
  3. Toelaten op bepaalde locaties in het lokaal: het installeren van een ‘laptopvrije zone’ of juist een zone waarin laptopgebruik toegelaten is (bijvoorbeeld, de laatste of eerste drie rijen van het lokaal beschikbaar maken voor laptopgebruikers).
     
  4. Toelaten voor bepaalde activiteiten en verbieden voor andere. Hierbij ga je laptops en smartphones als een effectief leermiddel doelgericht en geïntegreerd inzetten in jouw leeromgeving. Dit betekent dat laptops of smartphones gebruikt mogen worden voor on-topic taken (bijvoorbeeld, nemen van notities, opzoeken van extra informatie, gebruik van bepaalde software, oplossen van oefeningen, …), maar niet voor off-topic activiteiten (bijvoorbeeld, facebook, mails,…). Zo wordt er vaak met digitale stemmingstools zoals Polleverywhere of Socrative gewerkt om studenten aan te zetten hun input mee te geven (zie ook hier; Voor UA-personeelsleden zijn er gratis Polleverwyhere-accounts beschikbaar). 

Bij de eerste drie manieren is het eerder rechtlijnig en duidelijk wanneer en/of waar men wel en niet de laptop of smartphone mag gebruiken. Dit is dan ook vrij eenvoudig te monitoren. De vierde manier vereist echter een striktere handhaving. En dan komen we bij klasmanagement: hoe ga jij in het oog kunnen houden dat men niet off-topic bezig is en hoe ga jij omgaan met studenten die toch off-topic bezig zijn? Enkele suggesties:

  • Bij activerende opdrachten consequent eerst studenten aanduiden die off-topic bezig waren en dit ook zo communiceren aan de studentengroep.
     
  • Bij het gebruik van digitale stemmingstool: als je merkt dat er meer laptops opengeklapt zijn dan (digitale) antwoorden op jouw vraag, is dit een mogelijke aanduiding dat er studenten off-topic bezig zijn. Hier kan dan op ingegaan worden.

 

Volledig verbieden

Als je kiest voor volledig verbieden, neem dan volgende aandachtspunten mee:

  • Hoe ga je dit implementeren? Hoe ga je ervoor zorgen dat ze geen laptop gebruiken? Hoe ga je omgaan met studenten die dit toch proberen te doen?
     
  • In een kleine groep zal dit gemakkelijker op te volgen zijn dan in een (zeer) grote groep.
     
  • Hoe ga je om met studenten die, omwille van bijzondere faciliteiten (bijvoorbeeld, dyslexie), de laptop nodig hebben (Voor UA-personeelseden: hier vind je meer informatie over studeren met een functiebeperking aan de Universiteit Antwerpen)?
     
  • Wat ga je doen met studenten waarvan de werkwijze volledig geïntegreerd is in het gebruik van technologie (bijvoorbeeld, voor het maken van notities)? Om deze reden beslissen sommige lesgevers om eerder voor een smartphone- en niet voor een laptopverbod te kiezen. 

 

Meer weten?

Over het (algemene ) effect van laptopgebruik op leerresultaten

 

Over het gegeven dat laptopgebruik afleidend kan zijn

Ragan, E. D. , Jennings, S. R. , Massey, J. D. , & Doolittle, P. E. (2014). Unregulated use of laptops over time in large lecture classes. Computers & Education, 78, p.78-86.

 

Voor personeelsleden van UAntwerpen

  • Hier vind je meer informatie over de gratis Polleverywhere-accounts.
  • Hier vind je meer informatie over studeren met een functiebeperking aan de Universiteit Antwerpen.

 

(Onderwijstip april 2019)