Het Postgraduaat in het gezondheidsrecht en gezondheidsethiek is een opleiding van 30 studiepunten. Het programma is onderverdeeld in zeven modules van elk 3 studiepunten. De eindverhandeling staat op 9 studiepunten. Iedere module telt 26 lesuren.

Het programma kan ook deeltijds gevolgd worden. Een student kan één of enkele modules volgen. De deelnemer ontvangt in dat geval een getuigschrift per module die met succes werd afgelegd.

Module 1: Organisatie van de gezondheidszorg

Algemene inleiding tot het recht en de ethiek

Eindcompetenties:

  • een inleidende, wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van de basisprincipes van het recht en de ethiek;

  • inzicht verwerven in beide disciplines;

  • een kritische houding aannemen ten aanzien van recht en ethiek.

Inhoud:

Als basis voor de andere opleidingsonderdelen, wordt in dit opleidingsonderdeel een algemene inleiding gegeven op het recht en op de (medische) ethiek. De structuur, de methodologie, de doelstellingen en subdisciplines van het recht en de ethiek komen in dit opleidingsonderdeel aan bod. Ook de rechtsbronnen en de bevoegdheidsverdeling komen aan bod.

Werkvorm: hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.


Het juridisch, ethisch en deontologisch normenkader

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van het normenkader vanuit juridisch, ethisch en deontologische invalshoek;

  • het assimileren van nieuwe en evoluerende rechtsregels binnen het vakgebied;

  • inzicht verwerven in de regelgeving;

  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;

  • een kritische houding aannemen ten aanzien van dit kader;

  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische en ethische problemen i.v.m. dit normenkader te onderkennen en op te lossen.

Inhoud:

In dit opleidingsonderdeel wordt aandacht besteed aan

  • de inhoud en waarde van internationale verdragen en teksten;

  • richtlijnen en standaarden;
  • de ziekteverzekering.

Werkvorm: hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.


De voorzieningen in de gezondheidszorg

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van het recht inzake gezondheidszorgvoorzieningen;

  • het assimileren van nieuwe en evoluerende rechtsregels binnen het vakgebied;

  • inzicht verwerven in de regelgeving;

  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;

  • een kritische houding aannemen ten aanzien van het recht inzake gezondheidszorgvoorzieningen als onderdeel van het gezondheidsrecht;

  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische en ethische problemen i.v.m. gezondheidszorgvoorzieningen te onderkennen en op te lossen.

Inhoud:

In dit opleidingsonderdeel komen volgende topics aan bod

  • toepassingsgebied van de Ziekenhuiswet;

  • instrumenten van aanbodbeheersing t.a.v. ziekenhuizen (programmatie);

  • de erkenning van ziekenhuizen, de erkenningsnormen en erkenningscriteria;

  • de financiering van ziekenhuizen;

  • de exploitatievormen van ziekenhuizen (vzw, OCMW, publiekrechtelijke verenigingen);

  • samenwerkingsvormen voor ziekenhuizen (groepering, fusie, associatie, samenwerkingsverbanden, netwerken, zorgcircuits);

  • mededinging in de gezondheidszorg;

  • toezicht en strafsancties;

  • het statuut van de ziekenhuisarts, de financiële regeling, de ziekenhuisarts in besluitvormings- en adviesorganen (medisch directeur, diensthoofd, medische raad, permanent overlegcomité, financiële commissie), de beëindiging van de rechtsverhouding met de ziekenhuisarts en de sancties tegen de ziekenhuisarts.

Werkvorm: hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.

Module 2: Beroepsbeoefenaars

De arts en de uitoefening van de geneeskunde

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van de regelgeving inzake de uitoefening van de geneeskunde;

  • het assimileren van nieuwe en evoluerende rechtsregels binnen het vakgebied, zoals de Kwaliteitswet;

  • inzicht verwerven in de regelgeving;

  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;

  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische problemen i.v.m. de regulering inzake de uitoefening van de geneeskunde.

Inhoud:

In dit opleidingsonderdeel komen volgende topics aan bod

  • de uitoefenings- en erkenningsvoorwaarden voor de uitoefening van de geneeskunde;

  • bijzondere beroepstitels;

  • statuut van arbeidsarts, controlearts, ziekenfondsarts en verzekeringsarts;

  • deontologie van de arts;

  • uitoefening van de geneeskunde in groepsverband;

  • toezicht en strafsancties.

Werkvorm: hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuwe handboek in druk.


De beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg (niet-arts)

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van de regelgeving inzake de beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg;

  • het assimileren van nieuwe en evoluerende rechtsregels binnen het vakgebied;

  • inzicht verwerven in de regelgeving;

  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;

  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische problemen i.v.m. de regulering inzake beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg te onderkennen en op te lossen.

Inhoud:

In dit opleidingsonderdeel komen volgende topics aan bod

  • de uitoefenings- en erkenningsvoorwaarden van de verschillende beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg, met name apotheker, tandarts, verpleegkundige, vroedvrouw, zorgkundige, kinesist, paramedicus, beoefenaar van de niet-conventionele geneeskunde;

  • niet-geregelde beroepen in de gezondheidszorg;

  • bevoegdheidsafbakening tussen de verschillende beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg;

  • deontologie van de gezondheidszorgberoepen;

  • uitoefening in groepsverband;

  • toezicht en strafsancties.

Werkvorm: hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.


Rechten van de beroepsbeoefenaars

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van de regelgeving inzake de rechten van beroepsbeoefenaars;

  • het assimileren van nieuwe en evoluerende rechtsregels binnen het vakgebied;

  • inzicht verwerven in de regelgeving;

  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;

  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische problemen i.v.m. de regulering inzake de rechten van beroepsbeoefenaars te onderkennen en op te lossen.

Inhoud:

In dit opleidingsonderdeel komen volgende topics aan bod

  • recht op therapeutische vrijheid;

  • recht op honorarium (inclusief ereloonverdeling, ...);

  • recht op publiciteit;

  • recht op medewerking van de patiënt.

Werkvorm: hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.

Module 3: Patiëntenrechten

Het beroepsgeheim en het patiëntendossier

Eindcompetenties:

  • inzicht verschaffen in het brede regelgevend kader inzake het medisch beroepsgeheim en het patiëntendossier in gezondheid- en welzijnsvoorzieningen;

  • kritisch analyseren en interpreteren van de betrokken wetgeving en aanverwante regulerende deelgebieden;

  • inzicht verschaffen in een aantal belangrijke praktische toepassingsproblemen i.v.m. het medisch beroepsgeheim en het patiëntendossier;

  • in staat zijn om het betrokken regelgevend kader toe te passen op concrete casussen.

Inhoud:

Dit onderdeel gaat uitgebreid in op:

  • de verschillende soorten wettelijk geregelde patiëntendossiers, hun inhoud en vorm. Zowel de elektronische als de papieren patiëntendossiers, de verwerking van gezondheidsgegevens, het eHealth-platform en de eisen van veiligheid, transparantie en privacy worden toegelicht;

  • de rechten en plichten van de beroepsbeoefenaars en hun patiënten aangaande het patiëntendossier: het recht op toegang, het recht op inzage in en op afschrift van het patiëntendossier komen uitvoerig aan bod, en dit zowel bij wilsbekwame als wilsonbekwame patiënten, zoals minderjarigen en geesteszieken;

  • het patiëntendossier buiten de arts-patiëntrelatie in het kader van het patiëntendossier. Aan bod komen eveneens de rechten op het patiëntendossier van de verzekeraars, de rechter (de burgerlijke rechter, de strafrechter, de tuchtrechter), de gerechtsdeskundige en andere specifieke overheidsorganen;

  • per patiëntendossier in de gezondheidszorg wordt nagegaan wie de verantwoordelijke is en wat de bewaringstermijn is van het patiëntendossier.

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 2, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.


Specifieke patiënten-rechten: recht op gezondheidzorg, vrije keuze, informed consent, klachtrecht

Eindcompetenties:

  • inzicht verschaffen in het regelgevend en maatschappelijk kader inzake het recht op (grensoverschrijdende) gezondheidszorg, de vrije keuze van beroepsbeoefenaar, de informatie en informed consent en het klachtrecht;

  • kritisch analyseren en interpreteren van de betrokken wetgeving en het kunnen toepassen op concrete casussen.

Inhoud:

Dit onderdeel gaat uitgebreid in op:

  • het recht op (grensoverschrijdende) gezondheidszorg als Belgisch grondwettelijk recht, naast de situering van dit recht in internationale context;

  • het recht op vrije keuze van beroepsbeoefenaar en de uitzonderingen daarop;

  • het recht op (gezondheids)informatie en geïnformeerde toestemming, de principes, rechtspraak en uitzonderingen; bovendien zal eveneens gekeken worden naar de manier waarop belangrijke accrediteringsorganen (Joint Commission International (JCI), Nederlands Instituut voor Accreditatie in de Zorg (NIAZ) dit recht inhoudelijk vormgeven;

  • klachtrecht bij een ombudspersoon zoals geregeld door de Wet betreffende de rechten van de patiënt (22 augustus 2002), de soorten, taken en het statuut van ombudspersonen.

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 2, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.


Minderjarige patiënten en beschermingsstatuten voor wils- en handelingsonbekwamen

Eindcompetenties:

  • inzicht verschaffen in het regelgevend kader inzake rechten van minderjarigen, in de diverse wettelijke beschermingsstatuten (of beschermingsmaatregelen) voor personen die door een ongeval, ziekte, of een aandoening niet handelings- en/of wilsbekwaam worden geacht om hun rechten m.b.t. de persoon en/of goederen uit te oefenen;

  • kritisch analyseren en interpreteren van de betrokken wetgeving en het kunnen toepassen op concrete casussen.

Inhoud:

Dit onderdeel gaat uitgebreid in op:

  • de positie van de minderjarige volgens de Wet Patiëntenrechten gedetailleerd besproken. Wie oefent de patiëntenrechten uit? Wat is wilsbekwaamheid (versus handelingsbekwaamheid) in deze context? Hoe interfereert dit met het ouderlijk gezag? Wat zijn mogelijke conflicten? Is er een verschil tussen een ontvoogde en niet-ontvoogde minderjarige?;

  • specifieke regelgeving zoals bijvoorbeeld de gedwongen opname van geesteszieken, maar anderzijds ook op de algemene vertegenwoordigingsregels in de wet patiëntenrechten bij meerderjarigen die niet in staat zijn hun rechten zelfstandig uit te oefenen, en die (nog) niet onder een specifiek wettelijk beschermingsstatuut staat;

  • de regelgeving rond het beschermingsstatuut voor meerderjarige onbekwamen.

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 2, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.

Module 4: Aansprakelijkheid en verzekeringen

Aansprakelijkheid, expertises en aansprakelijkheidsverzekering

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van de aansprakelijkheid, de expertises en de aansprakelijkheidsverzekering;
  • het assimileren van nieuwe en evoluerende rechtsregels binnen de wetgeving, de rechtspraak en rechtsleer;
  • inzicht verwerven in de regelgeving;
  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;
  • een kritische houding aannemen ten aanzien van het aansprakelijkheidsrecht en verzekeringsrecht, toegepast op het gezondheidsrecht;
  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische en ethische problemen i.v.m. de aansprakelijkheid en de verzekering van de actoren in de gezondheidszorg te onderkennen en op te lossen.

Inhoud:

In dit opleidingsonderdeel komen zowel de civielrechtelijke als de strafrechtelijke aansprakelijkheid van de verschillende actoren in de gezondheidszorg aan bod, naast de daarmee gepaard gaande gerechtelijke procedures. Zowel het begrip fout, schade als causaal verband wordt aan de hand van rechtspraak en rechtsleer toegelicht. De aansprakelijkheidsprincipes worden specifiek toegepast op artsen, ziekenhuizen, tandartsen, apothekers, kinesitherapeuten, vroedvrouwen, verpleegkundigen, en andere paramedici.

De aansprakelijkheid van een hulpverlener wordt doorgaans maar vastgesteld na een minnelijke of een gerechtelijke expertise. Het verloop van beide soorten expertises wordt grondig belicht. Ook de procedure voor en de werking van het Fonds Medische Ongevallen wordt uiteengezet.

Tot slot hoort bij een aansprakelijkheid ook een aansprakelijkheidsverzekering en rechtsbijstandverzekering. Aandacht zal worden besteed aan: de verzekerde partijen, het verzekerd risico (waarborgomschrijving en uitsluitingen), het verzekerd bedrag, de dekking in de tijd en de ruimte en de verplichtingen en de procedure bij een schadegeval.

Werkvorm: hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.


Deontologie en tucht: Orde, de provinciaal geneeskundige commissie en het RIZIV

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van de deontologie en de tucht in de gezondheidszorg;
  • het assimileren van nieuwe en evoluerende rechtsregels binnen de wetgeving, de rechtspraak en rechtsleer;
  • inzicht verwerven in de regelgeving;
  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;
  • een kritische houding aannemen ten aanzien van de deontologie en de tucht in de gezondheidszorg;
  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische en ethische problemen i.v.m. de deontologie en de tucht van de actoren in de gezondheidszorg te onderkennen en op te lossen.

Inhoud:

In dit opleidingsonderdeel worden de deontologie en de tuchtprocedures van de verschillende actoren in de gezondheidszorg belicht. Zo zal onder meer de aandacht uitgaan naar de Orde der Geneesheren en de Orde van Apothekers. 

Daarnaast kan ook het RIZIV sanctionerend optreden voor inbreuken op de RIZIV-reglementering. De procedure en de bevoegdheid van het RIZIV, evenals de rechtspraak van het RIZIV worden uiteengezet.

Werkvorm: hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.


Verzekeringen

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven over verzekeringen;
  • het assimileren van nieuwe en evoluerende rechtsregels binnen de wetgeving, de rechtspraak en rechtsleer;
  • inzicht verwerven in de regelgeving;
  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;
  • een kritische houding aannemen ten aanzien van verzekeringen en de toepassingen ervan;
  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische en ethische problemen i.v.m. verzekeringen te onderkennen en op te lossen.

Inhoud:

In dit opleidingsonderdeel wordt een inleiding tot het verzekeringsrecht gegeven. Vooreerst worden enkele basisbegrippen uitgelegd en vervolgens ingegaan op de Verzekeringswet van 2014.
Nadien komen tevens enkele bijzondere verzekeringen aan bod, waaronder de beroepsaansprakelijkheidsverzekering die belangrijk is voor elke beoefenaar van gezondheidszorg.

Werkvorm: hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.

Module 5: Lichaamsmateriaal, geneesmiddelen en producten

Lichaamsmateriaal, orgaantransplantatie en bloed(producten)

Eindcompetenties:

  • inzicht verschaffen in het brede regelgevend kader inzake lichaamsmateriaal, transplantaties van organen en het gebruik van bloed- en bloedproducten bij de menselijke persoon;

  • kritisch analyseren en interpreteren van de wetgeving en uitvoeringsbesluiten;

  • inzicht verschaffen in een aantal praktische aspecten bij het beheer van banken, intermediaire structuren en productie-instellingen, orgaantransplantatie en bij het gebruik van bloed- en bloedproducten;

  • in staat zijn om het besproken wetgevend kader toe te passen op concrete casussen.

Inhoud

Dit onderdeel gaat dieper in op de wettelijke regeling voor alle handelingen met menselijk lichaamsmateriaal en bloed dat bestemd is voor een toepassing op de mens of voor wetenschappelijk onderzoek.

In het bijzonder gaat het over:

  • de donatie, het wegnemen en het verkrijgen, testen, bewerken, preserveren, bewaren, verdelen en gebruiken van lichaamsmateriaal dat afkomstig is van de mens en bestemd is voor toepassing op de mens of voor wetenschappelijk onderzoek, de verschillende actoren en de veiligheids-, kwaliteits- en traceerbaarheidsnormen;

  • de verschillende soorten instellingen die menselijk lichaamsmateriaal (in de ruimste zin van het woord) mogen verkrijgen, bewaren, bewerken en distribueren;

  • bloed, bloedbestanddelen en –derivaten van menselijke oorsprong, de erkende bloedinstellingen, de ziekenhuisbloedbanken, kwaliteitsnormen, traceerplicht, enz.;

  • de rechten van de donor, zowel bij leven als na overlijden.

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 2, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.


Experimenten op de mens

Eindcompetenties:

  • inzicht verschaffen in het brede regelgevend nationaal en internationaal kader inzake experimenten op de menselijke persoon;

  • kritisch analyseren en interpreteren van de wetgeving en uitvoeringsbesluiten;

  • inzicht verschaffen in een aantal praktische aspecten bij het uitvoeren van experimenten;

  • in staat zijn om het besproken wetgevend kader toe te passen op concrete casussen.

Inhoud

In dit onderdeel wordt uitgebreid stil gestaan bij:

  • het Belgisch en Europees regelgevend kader inzake experimenten op menselijke personen, waaronder de Verordening Klinische Proeven, de Belgische wet van 7 mei 2004 en deze van 2017, de kwalificatie, lokalisatie, het soort en de aard van experimenten;
  • de samenstelling, werking en taken van de ethische comités;

  • de rol van de overheid, in het bijzonder het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG);

  • de aansprakelijkheid en verzekering.

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.


Geneesmiddelen en medische hulpmiddelen

Eindcompetenties:

  • inzicht verschaffen in het brede regelgevend kader inzake geneesmiddelen voor menselijk gebruik en de medische hulpmiddelen;

  • kritisch analyseren en interpreteren van de wetgeving en uitvoeringsbesluiten;

  • inzicht verschaffen in een aantal praktische aspecten van het geneesmiddelenrecht en bij het gebruik van medische hulpmiddelen.

Inhoud:

In dit onderdeel wordt uitgebreid stil gestaan bij:

  • het Belgisch en Europees regelgevend kader inzake geneesmiddelen voor menselijk gebruik;

  • de (vergunnings)voorwaarden voor de vervaardiging (fabricage, verdeling, verpakking of presentatie) van geneesmiddelen of tussenproducten op Belgisch grondgebied en de vergunningsprocedures;

  • de zogenaamde geneesmiddelenbewaking (farmacovigilantie);

  • de distributie en aflevering van en reclame over geneesmiddelen;

  • het algemeen wettelijk kader inzake medische hulpmiddelen, met aandacht voor de definities, de CE-markering, de classificatie van medische hulpmiddelen,  de rol van de Dienst medische hulpmiddelen en de aangemelde instantie/notified body;

  • de toepassingsmodaliteiten voor klinisch onderzoek met actieve, implanteerbare medische hulpmiddelen en de materiovigilantie ( de studie en de opvolging van incidenten die het gevolg kunnen zijn van het gebruik van medische hulpmiddelen);

  • het verdelen en uitvoeren van (actieve, implanteerbare) medische hulpmiddelen (distributie en vervoer).

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.

Module 6: Beginnend en eindigend leven

Beginnend leven

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van het recht inzake medisch begeleide voortplanting en zwangerschapsafbreking;

  • het assimileren van nieuwe en evoluerende rechtsregels binnen het vakgebied;

  • inzicht verwerven in de regelgeving;

  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;

  • een kritische houding aannemen ten aanzien van het recht inzake medisch begeleide voortplanting en zwangerschapsafbreking als onderdeel van het gezondheidsrecht;

  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische en ethische problemen i.v.m. medisch begeleide voortplanting en zwangerschapsafbreking te onderkennen en op te lossen.

Inhoud

In dit opleidingsonderdeel komen de verschillende aspecten van het beginnend leven aan bod. Het betreft onder meer het recht op voortplanting waarin volgende topics worden behandeld:

  • de verschillende medisch begeleide bevruchtingstechnieken;

  • de voorwaarden waaronder dergelijke technieken zijn toegelaten alsook de problematiek van draagmoederschap.

In dit opleidingsonderdeel wordt aandacht besteed aan het statuut van het embryo met inbegrip van het onderzoek op embryo’s in vitro en op recentere fenomenen zoals social freezing en nieuwe technieken.

Daarnaast wordt de wetgeving inzake zwangerschapsafbreking behandeld.

De problematiek wordt vanuit verschillende invalshoeken belicht: het juridisch kader, maar tevens een multidisciplinaire (medische, ethische) input vanuit de praktijk (fertiliteitscentra, abortuscentra, ethiek, …).

Vorm: hoorcolleges en gastcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 2, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.


Levenseindebeslissingen en wilsverklaringen

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van het recht inzake levenseindebeslissingen en wilsverklaringen;

  • inzicht verwerven in de regelgeving, de verschillende levenseindebeslissingen van elkaar te onderscheiden en kruisverbanden te leggen;

  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;

  • een kritische houding aannemen ten aanzien van het recht inzake levenseindebeslissingen en wilsverklaringen als onderdeel van het gezondheidsrecht;

  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische en ethische problemen i.v.m. levenseindebeslissingen en wilsverklaringen te onderkennen en op te lossen.

Inhoud:

In dit onderdeel worden de verschillende levenseindebeslissingen extensief behandeld. Het betreft met name levensbeëindiging zonder verzoek, euthanasie, hulp bij zelfdoding, pijnbestrijding met mogelijk levensverkortend effect, palliatieve sedatie, staken/niet starten van behandelingen en palliatieve zorg. Deze levenseindebeslissingen worden vanuit diverse invalshoeken benaderd: verschillende rechtstakken (gezondheidsrecht, aansprakelijkheidsrecht, strafrecht, personen- en familierecht, arbeidsrecht, …), maar ook andere disciplines, met name de geneeskunde en de bio-ethiek. De voorwaarden van de verschillende levenseindebeslissingen worden toegepast op specifieke patiëntencategorieën vanuit specifieke casussen (bv. minderjarigen, dementerenden, psychiatrische patiënten, levensmoeë patiënten, enz.).

De bevoegdheden van de verschillende betrokken actoren evenals de vertegenwoordigingsregels worden behandeld.

Daarnaast worden ook enkele wilsverklaringen specifiek in het kader van levenseinde behandeld. Het betreft onder meer de negatieve wilsverklaring, de positieve wilsverklaring en de euthanasieverklaring.

Op basis van concrete casussen worden de toepassingsproblemen, die bij wilsverklaringen kunnen rijzen, geduid.

Vorm: hoorcolleges en gastcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 2, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk.


Overlijden en statuut van het lijk

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van het recht inzake overlijden en statuut van het lijk;

  • inzicht verwerven in de regelgeving;

  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;

  • een kritische houding aannemen ten aanzien van het recht inzake overlijden en statuut van het lijk als onderdeel van het gezondheidsrecht;

  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische en ethische problemen i.v.m. overlijden en het statuut van het lijk te onderkennen en op te lossen.

Inhoud:

In dit opleidingsonderdeel wordt het statuut van het lijk behandeld. De verschillende stadia vanaf het overlijden van de persoon tot aan de lijkbezorging komen aan bod. Het betreft onder meer de criteria op basis waarvan een overlijden wordt vastgesteld, de wijze waarop een overlijdensaangifte wordt gedaan alsook de gevallen waarin tot een autopsie kan worden overgegaan. Ten slotte worden de verschillende toegelaten vormen van lijkbezorging (begraving, crematie, …) behandeld.

Vorm: hoorcolleges en gastcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 2, Antwerpen, Intersentia, 2014.
Nieuw handboek in druk

Module 7: Informatietechnologie en gegevensbescherming in de gezondheidszorg

Algemene gegevensbescherming in de zorg

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van het recht inzake gegevensbescherming in de gezondheidszorg;
  • het assimileren van nieuwe en evoluerende rechtsregels binnen het vakgebied;
  • inzicht verwerven in de Europeesrechtelijke en nationale regelgeving inzake gegevensbescherming in de gezondheidszorg;
  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;
  • een kritische houding aannemen ten aanzien van het recht inzake gegevensbescherming, in het bijzonder wat betreft de bescherming van gezondheidsgegevens en
  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische en ethische problemen i.v.m. gegevensbescherming te onderkennen en op te lossen.

Inhoud:

In dit opleidingsonderdeel komen wordt allereerst stilgestaan bij het concept ‘gegevensbescherming’ in een ruimer kader, nl. de grondslagen van gegevensbescherming en de verhouding ten opzichte van gerelateerde concepten zoals 'privacy', 'beroepsgeheim' en 'intellectuele eigendom'.

Vervolgens komt de algemene regelgeving inzake de bescherming van persoonsgegevens in zorgcontext aan bod (GDPR/AVG, alsook de Wet Bescherming Persoonsgegevens, de Kwaliteitswet en andere nationale wetten) met specifieke aandacht voor de gezondheidsgegevens in het elektronisch patiëntendossier en daarbuiten. Hierbij worden voornamelijk de volgende aspecten bestudeerd: 

  • afbakening van basisbegrippen zoals 'persoonsgegevens' en 'verwerkingsverantwoordelijke';
  • principes van rechtmatigheid (incl. rol van geïnformeerde toestemming), doelbinding, proportionaliteit en opslagbeperking;
  • algemene technische en organisatorische vereisten voor een veilige verwerking van gezondheidsgegevens, incl. aandacht voor contractuele clausules inzake verwerking van gezondheidsgegevens en
  • de rechten van de betrokkenen inzake hun gezondheidsgegevens en handhaving van gegevensbeschermingsregels.

Werkvorm : hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 2, Antwerpen, Intersentia, 2014
Nieuw handboek in druk.


Secundair gebruik van patiëntengegevens

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van het juridisch kader inzake secundair gebruik van gezondheidsgegevens, met focus op wetenschappelijk onderzoek;
  • inzicht verwerven in de Europeesrechtelijke en nationale regelgeving over onderzoek en ander secundair gebruik van gezondheidsgegevens;
  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;
  • een kritische houding aannemen ten aanzien van het recht inzake secundair gebruik van gezondheidsgegevens en
  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische en ethische problemen i.v.m. secundair gebruik van gezondheidsgegevens.

Inhoud

In dit opleidingsonderdeel wordt specifiek bestudeerd in welke mate gezondheidsgegevens die bij patiënten werden verzameld voor zorgdoeleinden, aangewend kunnen/mogen worden voor andere doeleinden ('secundair gebruik'). Hierbij zal worden voortgebouwd op de kennis die reeds werd verworven in het onderdeel 'Algemene gegevensbescherming in de zorg'.

De focus ligt op het gebruik van gezondheidsgegevens voor retrospectief en prospectief onderzoek, gelet op het grote belang hiervan voor de medische vooruitgang. De regels hieromtrent liggen voornamelijk vervat in de GDPR/AVG, de Wet Bescherming Persoonsgegevens en specifieke wetgeving (o.a. Wet Experimenten, Verordening Klinische Proeven, Wet Menselijk Lichaamsmateriaal). Er zal hierbij niet enkel worden gekeken naar het klassieke klinische onderzoek in zorginstellingen, maar ook naar het opbouwen van zogenaamde registers met big data en de rol van data intermediaries (incl. aandacht voor het Europese voorstel van Data Governance Act).

Daarnaast wordt ook stilgestaan bij de regels omtrent het gebruik van gezondheidsgegevens voor andere secundaire doeleinden, zoals onderwijs en audits.

Werkvorm: hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1 en 2, Antwerpen, Intersentia, 2014
Nieuw handboek in druk.


Specifieke informatietechnologieën in de zorg

Eindcompetenties:

  • een grondige wetenschappelijke en praktijkgerichte kennis verwerven van het recht dat van toepassing is op enkele specifieke informatietechnologieën in de zorg, met name apps/wearables, artificiële intelligentie en (audiovisuele en sociale) media;
  • inzicht verwerven in de Europeesrechtelijke en nationale regelgeving inzake apps/wearables, artificiële intelligentie en (audiovisuele en sociale) media;
  • een wetenschappelijke attitude verder uitbouwen inzake opsporen van bronnen en kritische studie ervan;
  • een kritische houding aannemen ten aanzien van het recht inzake apps/wearables, artificiële intelligentie en (audiovisuele en sociale) media;
  • de attitude verwerven om op een wetenschappelijk verantwoorde wijze juridische en ethische problemen i.v.m. de bestudeerde informatietechnologieën te onderkennen en op te lossen.

Inhoud

In dit opleidingsonderdeel worden de verschillende juridische aspecten van enkele belangrijke informatietechnologieën in de zorg bestudeerd. Hierbij zal worden voortgebouwd op de kennis inzake gegevensbescherming verworven in module 7, alsook de kennis inzake o.a. aansprakelijkheid en medische hulpmiddelen verworden in de overige modules.

Er wordt met name aandacht besteed aan 3 groepen van informatietechnologieën:

  • mHealth, met specifieke focus op de rechtsnormen inzake apps/wearables met het oog op tele-geneeskundige zorg;
  • artificiële intelligentie toegepast in de zorgcontext, incl. aandacht voor het Europese voorstel inzake Artificial Intelligence Regulation) en
  • media, incl. sociale media en beeld- en geluidsopnames via audiovisuele media.

Werkvorm: hoorcolleges

Studiemateriaal: T. Vansweevelt en F. Dewallens, Handboek gezondheidsrecht, volume 1 en 2, Antwerpen, Intersentia, 2014
Nieuw handboek in druk.