Side header image

Master in de geneesmiddelenontwikkeling: apotheker

Jobmogelijkheden

Door de veelzijdigheid van de opleiding hebben masters in de geneesmiddelenontwikkeling een enorm brede waaier aan beroepsmogelijkheden. De tewerkstellingssituatie van apothekers is dan ook zeer gunstig: de werkloosheid kan als nihil beschouwd worden. Van werk ‘zoeken’ is nauwelijks sprake: de overgrote meerderheid van farmaciestudenten heeft werk nog vóór het afstuderen.

Masters in de geneesmiddelenontwikkeling bekleden belangrijke functies met eindverantwoordelijkheid, zowel in de industrie, het preklinisch en klinisch wetenschappelijk onderzoek, een klinisch laboratorium als bij de overheid. De afstudeerrichting apotheker biedt ook steeds de mogelijkheid om als apotheker te werken in een openbare apotheek of ziekenhuisapotheek, hoewel dit eerder het werkdomein vormt van de masters in de farmaceutische zorg. Ook een job in het onderwijs behoort tot de mogelijkheden.

Industrie

Als apotheker in een farmaceutisch bedrijf (al of niet na het volgen van een master-na-masteropleiding industriële farmacie) ben je verantwoordelijk voor onder meer de ontwikkeling van toedieningsvormen van geneesmiddelen, de productie van geneesmiddelen, de kwaliteitscontrole ervan, de registratie van geneesmiddelen, het klinisch onderzoek, de experimentele en klinische farmacologie en toxicologie, regulatory affairs, de marketing, ... Ook zijn industrieapothekers werkzaam als product- en salesmanager, clinical associate, medical writer, verantwoordelijke voor publiciteit en voorlichting, of als administratief medewerker bij de medische departementen. Industrieapothekers vind je niet alleen in de farmaceutische of medische sector; ook in de voedingsindustrie worden hun competenties uitermate gewaardeerd.

Wetenschappelijk onderzoek

Masters in de geneesmiddelenontwikkeling met interesse voor wetenschappelijk onderzoek kunnen een doctoraatsstudie starten om het diploma van doctor in de farmaceutische wetenschappen te behalen. Het diploma van doctor is vereist indien je een academische loopbaan binnen de universiteit of een andere wetenschappelijke instelling ambieert. Wie in het hoger onderwijs van twee cycli wil gaan doceren, moet eveneens een doctorsdiploma kunnen voorleggen. Ook in de industrie wordt een doctorstitel op prijs gesteld.

Klinisch laboratorium

Als apotheker – klinisch bioloog vervul je een leidinggevende functie in een laboratorium voor analyse van patiëntenstalen. Dit kan zowel in een ziekenhuis als privaat.

Overheid

Spreekt de overheid als werkomgeving je aan, dan kan je terecht bij het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten. Ook op Europees niveau zijn masters in de geneesmiddelenontwikkeling tewerkgesteld in overheidsinstellingen, o.a. in de European Medicines Agency (EMA), de Europese tegenhanger van de -Amerikaanse FDA (Food and Drug Administration).

Openbare apotheek of ziekenhuisapotheek

Hoewel de opleiding master in de farmaceutische zorg specifieker voorbereidt op de functie van officina-apotheker in een openbare apotheek of ziekenhuisapotheek kan je met de afstudeerrichting apotheker van de masteropleiding geneesmiddelenontwikkeling ook nog steeds aan de slag als officina-apotheker. Je taak zal dan vooral bestaan uit het verschaffen van informatie over geneesmiddelen en patiëntenbegeleiding. Uiteraard blijf je ook verantwoordelijk voor de conformiteit en de kwaliteit van specialiteiten en bereidingen.

Als ziekenhuisapotheker ben je verantwoordelijk voor o.a. beheer en management, distributie van geneesmiddelen, medische hulpmiddelen en implantaten, bereiden van steriele geneesmiddelen, sterilisatie, hygiëne, informatie naar medici en paramedici, opvolgen van klinische studies en het opstellen van formularia.

Onderwijs

Tot slot kan je met dit diploma ook een loopbaan uitbouwen in het onderwijs. De academische lerarenopleiding sluit aan bij de masteropleiding. De lerarenopleiding heeft tot doel het verwerven en trainen van leraarscompetenties met integratie van de daarbij nodige theoretische kennis. Hoewel het decreet expliciet het secundair onderwijs (tweede en derde graad) beoogt, wenst de Universiteit Antwerpen de toekomstige leraars vaardigheden bij te brengen waardoor zij eveneens kunnen functioneren in vormingssituaties buiten de klassieke onderwijscontext, zoals in bedrijven en organisaties.