Deze pagina biedt een overzicht van de door het IOF aangeboden projectoproepen:

IOF Valorisatiemanagers

Doelstellingen

IOF-valorisatiemanagers  faciliteren de samenwerking van de betrokken promotoren en onderzoeksgroepen van een IOF-consortium met de industrie, staan in voor de vrijwaring en het in licentie geven van intellectuele eigendomsrechten en begeleiden de creatie van spin-off bedrijven. Daarnaast ondersteunen ze de onderzoekers bij het maximaliseren van de economisch en maatschappelijke impact van hun onderzoeksresultaten en technologie. Belangrijk daarbij is het streven naar het verhogen van de IOF-parameters van de AUHA  (met nadruk op P3 industriële inkomsten, P4 EU-kaderprogramma, P5 octrooien en P6 spin-offs).

De toekenning verloopt volgens een tweestapsprocedure waarbij in een eerste fase de selectie gebeurt van het IOF-consortium dat het nieuwe mandaat zal onthalen. In een tweede fase wordt, in samenspraak met de woordvoerder van dit consortium, een vacaturetekst opgesteld voor de selectie van de IOF-valorisatiemanager, die wordt aangehecht aan de onderzoeksgroep van de woordvoerder.

Voor wie

Een consortium wordt gedragen door één promotor en minstens vijf copromotoren, waarbij elk van de leden van het consortium wezenlijk bijdraagt tot het consortium onder de vorm van valoriseerbare kennis. 

De IOF-consortia zijn een belangrijke actor binnen de AUHA valorisatiestrategie en versterken het valorisatiepotentieel door gerichte samenwerking tussen onderzoeksgroepen en het uitbouwen van gefocusseerde valorisatieprogramma’s  en technologieplatformen met een sterke socio-economische finaliteit. Een IOF-consortium behelst professoren en onderzoekers die gezamenlijke valorisatie-objectieven hebben. Eén ZAP-lid is promotor-woordvoerder en het centrale aanspreekpunt van het IOF-consortium. Binnen een consortium worden een beperkt aantal valorisatieprogramma’s uitgewerkt. Elk valorisatieprogramma wordt gedragen door een team en inhoudelijk geleid door de promotor of een van de (co-)promotoren van het consortium. Als promotor komen leden van het academisch personeel (UAntwerpen) of van het onderwijzend of wetenschappelijk personeel van de hogescholen van de AUHA in aanmerking, voor zover ze in het bezit zijn van een doctoraat en een aanstelling van onbepaalde duur genieten. De promotor dient op te treden als woordvoerder van het IOF-consortium. De woordvoerder dient het statuut van voltijds ZAP-lid, of hiermee gelijkgesteld (= vanaf 80%) van de Universiteit Antwerpen, te bezitten.

De kandidaat IOF-Valorisatiemanager dient houder te zijn van een doctoraat op proefschrift, of over minstens 5 jaar ervaring te beschikken, bij voorkeur in het domein van het IOF-consortium en dient te beschikken over een sterke ondernemingszin en over de nodige communicatieve vaardigheden.  Voeling met zowel de academische als de bedrijfssector en ervaring met het aantrekken van extern onderzoek via de private sector en de overheid in het domein van basis- en toegepast onderzoek op zowel nationaal als internationaal niveau is aangewezen. Tenslotte levert kennis van technologietransferprocessen voor academische kennis, alsmede het beschikken over de nodig managementcapaciteiten om op synergetische wijze een grote diversiteit aan projecten te beheren, een voordeel.

Proof of Concept (POC)

Doelstellingen

De financiering is hier gericht op kleine, kortdurende projecten ter ondersteuning van ad hoc onderzoeksbehoeften en voorbereiding van marktintroductie in het kader van een concreet valorisatieproject. Een POC-project dient een duidelijke valorisatiefocus te hebben, gericht op het verwerven van externe middelen ten bate van de AUHA (vierde geldstroom) door de vermarkting van een bepaalde kennis of technologie. POC-projecten zijn bijgevolg steeds vraag- of marktgedreven en leiden tot valorisatie in de vorm van octrooi-aanvragen, licentie-overeenkomsten of de oprichting van een spin-off.

Voor wie 

Als promotor komen leden van het academisch personeel (Universiteit Antwerpen) of van het onderwijzend of wetenschappelijk personeel van de hogescholen van de AUHA in aanmerking, voor zover ze in het bezit zijn van een doctoraat en een aanstelling genieten die minstens de duur van het aangevraagde project overspant. Deze personen dienen een lopend valorisatiedossier te hebben bij TechTransfer. 


Looptijd – budget 

De aanvragen kunnen worden ingediend voor een periode van 1 jaar, op aanvraag uitzonderlijk verlengbaar met maximum 1 jaar. De einddatum mag maximaal 24 maanden na de vaste startdatum liggen. POC-projecten kunnen vanuit het IOF een financiering ontvangen van minimaal € 25.000 en maximaal € 125.000. Aantoonbare betrokkenheid van bedrijven zal als een positief punt meegenomen worden in de evaluatie. Preferentieel voorziet de aanvrager bijkomende middelen voor het valorisatietraject vanuit andere valorisatiegerichte financieringskanalen (VLAIO-middelen, vrije middelen onderzoeksgroep, industriële-co-financiering, EU-financiering,…). In het projectbudget kan gekozen worden voor een projectaanvraag met of zonder personeelskosten. Voor de loonkostenberekening kan niet gewerkt worden met Dehousse bursalen of postdocs met subsidie. Kosten voor apparatuur (> € 5.000) zijn niet aanvaardbaar. Kosten voor apparatuur onder de € 5.000 worden aanzien als werkingskosten.

Strategisch Basisonderzoek (SBO)

Doelstellingen

SBO-projecten betreffen vernieuwend onderzoek dat in geval van wetenschappelijk succes een vooruitzicht biedt voor latere economische of economisch-maatschappelijke toepassingen onder de vorm van een nieuwe generatie van producten, processen of diensten. De verwezenlijking van de economische of economisch-maatschappelijke toepasbaarheid gebeurt door samenwerking met economische actoren en transfer van de kennis naar die actoren. Intellectuele eigendom (IP) verkregen uit IOF - projecten strategisch basisonderzoek dient binnen de schoot van de AUHA te worden opgebouwd. Valorisatie van de onderzoeksresultaten kan gebeuren in samenwerking met (een) industriële partner(s).

Voor wie

Als promotor komen leden van het academisch personeel (Universiteit Antwerpen) of van het onderwijzend of wetenschappelijk personeel van de hogescholen van de AUHA in aanmerking, voor zover ze in het bezit zijn van een doctoraat en een aanstelling genieten die minstens de duur van het aangevraagde project overspant

Looptijd – budget

Projecten worden toegekend voor een periode van minimum 2 jaar en maximum 4 jaar. Het beschikbare budget voor deze oproep wordt door de Industrieel Onderzoeksfondsraad (IOF Raad) vastgesteld in de begroting van de IOF-middelen, volgens de bepalingen vermeld in het IOF-besluit. Er kan een budget aangevraagd worden van minimum € 25.000 en maximum € 200.000 voor het totaal projectbudget.

IOF-Serviceplatformen

​Doelstellingen 

De financiering is hier gericht op kortdurende projecten ter ondersteuning en voorbereiding van de lancering van een op korte termijn zelf bedruipend serviceplatform. Een serviceplatformproject dient een duidelijke valorisatiefocus te hebben, gericht op het verwerven van externe middelen ten bate van de AUHA (vierde geldstroom) door de vermarkting van een bepaalde kennis, technologie of service. Serviceplatform-projecten zijn bijgevolg steeds vraag- of marktgedreven.

Voor wie

Als promotor komen leden van het academisch personeel (Universiteit Antwerpen) of van het onderwijzend of wetenschappelijk personeel van de hogescholen van de AUHA in aanmerking, voor zover ze in het bezit zijn van een doctoraat en een aanstelling genieten die minstens de duur van het aangevraagde project overspant.

Looptijd – budget

De aanvragen kunnen worden ingediend voor een periode van 1 jaar, op aanvraag uitzonderlijk verlengbaar met maximum 1 jaar. De einddatum mag maximaal 24 maanden na de vaste startdatum liggen. Serviceplatform-projecten kunnen vanuit het IOF een financiering ontvangen van minimaal € 25.000 en maximaal € 125.000. Aantoonbare betrokkenheid van bedrijven zal als een positief punt meegenomen worden in de evaluatie (bv. Co-investering door geïnteresseerde klanten). Preferentieel voorziet de aanvrager bijkomende middelen voor het valorisatietraject vanuit andere valorisatiegerichte financieringskanalen (VLAIO-middelen, vrije middelen onderzoeksgroep, industriële-co-financiering, EU-financiering…). In het projectbudget kan gekozen worden voor een projectaanvraag met of zonder personeelskosten. Voor de loonkostenberekening kan niet gewerkt worden met Dehousse bursalen of postdocs met subsidie. Kosten voor apparatuur onder de € 5.000 worden aanzien als werkingskosten