Alingapoyil Choyikutty Jiji

Een biofysisch chemicus met kennis in structurele biologie en biofysische karakterisering van peptiden en eiwitten. Expertise in peptide/eiwit-aggregatiestudies met behulp van biofysische hulpmiddelen. Sterke achtergrond in peptidesynthese en recombinante eiwitexpressie en hun structuuropheldering met behulp van NMR in oplossing en andere biofysische methoden.

Techniek

Biomoleculaire NMR-spectroscopie, circulair dichroïsme (CD), synthese en zuivering van vaste fase peptiden, bacteriële expressie en zuivering van eiwitten, thioflavine T-fluorescentie, AFM/TEM-beeldvorming van amyloïde fibrillen.

Gebruikers

Faculteit Wetenschappen, Departement Biologie, ecosysteembeheer

Trefwoorden

Experimentele studie

Belliard Jean-Philippe

Estuariene en kustprocessen; biogeomorfologie van wetlands aan de kust; fysieke oceanografie

Techniek

Veldwerk; data-analyse; numerieke modellering

Gebruikers

Onderzoeksgemeenschap; overheid; conserverings en restauratie beoefenaars; beleidsmakers; milieu-NGO's

Trefwoorden

Geomorfologie, Oceanografie, Drasland

Boerema Annelies

I am an economist and environmental scientist by training and have been working at the research group Ecosystem Management (ECOBE) since 2011. My research makes the link between the biological-morphological-hydrological research of ecosystems and ecosystem management and the social and economic context of these ecosystems. Especially the study of the effects of coastal management for nature and society is central to my research. My research contributes to the development of multifunctional management practices.

Techniek

milieubeleidsevaluatie, ecosysteemdiensten analyse, kosten-baten analyse, kosten-effectiviteitsanalyse

Gebruikers

Land managers, beheerders, lokale overheden, natuur organisaties, baggerbedrijven, rederijen, visserijen, landbouwers

Trefwoorden

Moerassige weiden, Etuarine ecologie, Ecosysteemdiensten, Ecologie, Noordzee, Ecologische economie

Emsens Willem-Jan

Willem-Jan Emsens is eco-hydroloog, vegetatiekundige, restauratie-ecoloog en biogeochemicus. Hij onderzoekt de onderlinge relaties tussen vegetatie, biogeochemie en microbiële gemeenschappen, waarbij hij zich voornamelijk richt op het doorgronden van het functioneren van natuurlijke (meestal voedselarme) en soortenrijke ecosystemen. Kernvraag is of (en hoe) sterk gedegradeerde ecosystemen weer te herstellen zijn. Centraal in zijn onderzoek staan soortenrijke graslanden en (vooral) moerassen en venen: zijn PhD dissertatie handelde over het herstel van kleine zeggenvegetatie in gedegradeerde ijzerrijke laagvenen. Zijn onderzoekslijn en -methodologie is grotendeels gestoeld op het idee dat ecosysteemfunctioneren niet te doorgronden is op basis van slechts één wetenschappelijke discipline, of door de studie van één soortgroep. Zijn onderzoek heeft daarom doorgaans een sterk interdisciplinair en meerlagig karakter: er wordt gebruik gemaakt van diverse methoden afkomstig uit verschillende takken van de wetenschap (bv. hydrochemie, bodemkunde, vegetatiekunde, microbiologie (NGS), zoologie, enz.). Op dit moment bestudeert hij o.a. microbiële gemeenschappen in ongestoorde, gedraineerde en vernatte laagvenen doorheen Europa in het kader van een BiodivERsa en FWO project, waarin hij de interacties tussen microbiële gemeenschappen, functionele vegetatie-eigenschappen, stikstofdepositie en de emissie van broeikasgassen (CO2 en CH4) onderzoekt.

Techniek

Biogeochemie (bv. Bepaling nutriëntenvoorraden, basenverzadiging, C-fluxen, etc in/van bodems) Hydrochemie (Bepaling chemische waterkwaliteit) Vegetatiekunde/Plantkunde (Botanie, vegetatie-opnames, bepaling lichtbeschikbaarheid,...) Data-analyse en statistiek in R

Gebruikers

Onderzoekers Natuurbeheerders en -organisaties Overheidsinstanties Beleidsmakers Vrijwilligers/leken met interesse in natuur(bescherming)

Trefwoorden

Experimentele studie, Ecosysteem functie, Verhoogde atmosferische co2, Ecosysteemstudie, Stikstof, Moerassige weiden, Moerasvegetatie

Gourgue Olivier

ik bestudeer (bio-) geomorfologie van kustsystemen door intrinsieke interacties tussen waterstromen, sedimenttransport en vegetatiedynamica. Mijn onderzoeksactiviteiten omvatten numerieke modellering en teledetectieanalyses van getijdesystemen (slikken, kwelders en mangroven) in hun natuurlijke omgeving of in het kader van restauratieprojecten. Mijn veldsites bevinden zich in België, Nederland, Verenigde Staten en Ecuador.

Techniek

Numerieke modellering en teledetectie.

Gebruikers

Mensen die betrokken zijn bij het behoud en herstel van de getijdennatuur, bescherming tegen overstromingsgevaren.

Trefwoorden

Estuaria, Geomorfologie, Mangrove, Getijdenzone, Modellering, Ontpoldering, Kustmoerassen, Numerieke technieken

Meire Patrick

Ecologisch onderzoek van aquatische en wetland systemen. Vegetatie karteringen. Physico-chemische en biologische (BBI) analyse van waterkwaliteit.

Techniek

GIS/experimenteel onderzoek aan planten.

Gebruikers

- Overheden - Studiebureaus - Privé bedrijven aktief in de milieusector (baggeren, ecological engineering, waterzuivering etc.)

Trefwoorden

Milieurapporten, Baggeren, Waterzuivering, Drasland

Meysman Filip

mariene microbiologie en ecologie biogeochemie oceanografie klimaatverandering en global change citizen science

Techniek

microscopie van microorganismen (klassiek, epifluorescentie, SEM, AFM) Raman spectroscopy van microorganismen Moleculaire biologie van mariene microorganismen Analytische chemie van zoet en zeewater (nutrienten, metalen, pH, CO2 en alkaliniteit) Bodemanalyse van aquatische sedimenten Microsensor profiling van aquatische sedimenten (O2, pH, H2S, EP) Biogeochemische modellering van aquatische sedimenten

Gebruikers

We verlenen een gamma aan diensten in microscopie (klassiek, epifluorescentie, scanning electron, atomic force) en analytische chemie (microsensor profiling, porewater and solid phase analyse) voor collega wetenschappers en industriele eind-gebruikers.

Trefwoorden

Microbiele elektriciteit, Mariene-biologie, Microbiologie, Biogeochemie, Klimaatverandering

Pankratov Dmitrii

Foto(bio)elektrochemie, microbiële elektrochemie. Ontwikkeling en karakterisatie van conventionele en hybride bio-elektrochemische systemen. Heterogene elektronenoverdracht, oppervlaktechemie, immobilisatie van de biomoleculen.

Techniek

Elektrochemische technieken: cyclic voltammetry, amperometry, potentiometry, electrochemical impedance spectroscopy, etc. Scanning electron microscopy, atomic force microscopy, FTIR, UV-vis spectrophotometry.

Gebruikers

Specialisten in de ontwikkeling van biosensoren, biomedische systemen, apparaten voor het omzetten van energie en ladingopslag.

Trefwoorden

Electrochemical impedance spectroscopy (eis), Elektrochemie, Elektronentransport

Schoelynck Jonas

In mijn onderzoek focus ik op de BIO in biogeochemie. Dit wil zeggen dat ik de interactie van planten en dieren met hun omgeving bestudeer, en dan vooral chemische en geomorfologische processen in aquatische ecosystemen. Ik heb ervaring met veldwerk (nemen van stalen in meren, rivieren en moerassen), chemische analyses van water, planten en bodem in het lab en de verwerking van de resultaten tot nieuwe inzichten. Het meeste van het onderzoek is in België, Nederland en Polen gebeurd, maar ik nam ook deel aan tal van expedities naar verschillende Afrikaanse rivieren en moerassen. Complementair aan dit veldwerk zijn de laboproeven. Veel hypothesen heb ik getest in experimenten, zowel kleinschalig in het labo, als op mesocosmos schaal in de Mesodrome, een nieuwe state-of-the-art onderzoeksfaciliteit op onze campus. In dit geheel heb ik de grootste affiniteit met waterplanten, Chinese wolhandkrabben, nijlpaarden, de siliciumcyclus en de interactie van planten met de stroming.

Techniek

Verschillende ecologische vraagstukken worden opgelost door stalen te nemen in het veld (doorgaans water-, plant- en bodemstalen) en nadien de eigenschappen ervan te nemen. Dit kan zowel door chemische analyses uit te voeren in het laboratorium, als door bepaalde eigenschappen te meten. Nadien worden deze gegevens geïntegreerd om een totaalbeeld te krijgen en zo verbanden te leggen. Oorzakelijke verbanden worden meestal bewezen door gerichte experimenten uit te voeren.

Gebruikers

Academici, waterbeheerders, beleidsmensen

Trefwoorden

Aquatische ecologie, Silicium, Waterkwaliteit, Silica, siliciumdioxide, Waterflux

Staes Jan

Dr. Staes Jan is sinds 2002 werkzaam bij de onderzoeksgroep Ecosysteembeheer. In 2002-2004 ontwikkelde hij een concept en methodiek toe voor het opstellen van stroomgebiedbeheerplannen. Al snel specialiseerde hij zich in het gebruik van geografische informatiesystemen (GIS) voor de ontwikkeling van ruimtelijke analyse-instrumenten en -methoden. Om de toepassing van het concept op twee andere bekkens te begeleiden, werd hij voor 6 maanden gecontracteerd als ambtenaar bij de Vlaamse overheid voor milieu, natuur en energie. Hij keerde terug naar de universiteit en werd betrokken bij het onderwijs- en opleidingsprogramma voor de leerstoel Integraal Waterbeheer (IMDO). Dit werd gecombineerd met verschillende onderzoeksprojecten op het gebied van waterbeheer. In 2006 startte hij in samenwerking met de vakgroep Hydraulica (K.U.Leuven) een onderzoek naar de hydrologische effecten van ecosysteembeheer. Deze nieuwe expertise resulteerde in zijn betrokkenheid bij het ADAPT-project (2005-2009), gefinancierd door het Federaal Wetenschapsbeleid (BELSPO). Het ADAPT-project had tot doel een geïntegreerd beslissingsinstrument voor adaptatie aan overstromingen te ontwikkelen. In de loop van het project heeft Jan Staes een aanvraag ingediend voor een interdisciplinair onderzoeksnetwerkproject, genaamd SUDEM-CLI (2008-2010) "Impact van klimaatverandering op de hydrologie en ecologie van rivieren: A case study for interdisciplinary policy oriented research", dat ook door BELSPO gefinancierd werd. In 2009 heeft de afdeling Beleidsvoorbereiding van de Vlaamse Overheidsdienst Leefmilieu, Natuur en Energie van ecosysteemdiensten opdracht gegeven voor een project getiteld "Economische Waardering van Ecosysteemdiensten voor Maatschappelijke Kosten-batenanalyses". De ontwikkeling van de Natuurwaardeverkenner is een scharniermoment geweest voor verder onderzoek naar ES in Vlaanderen. Jan Staes was betrokken bij de toepassing en uitvoering van vele andere ES-onderzoeksprojecten zoals BEES "BElgium Ecosystem Services": A vision for society-nature interactions"; ECOFRESH: "ECOsystem services of FRESHwater systems" en ESSENSE "Mapping regulating Ecosystem Services using remote SENSing imagery", die alle gefinancierd werden door BELSPO. Jan Staes was betrokken bij het SBO-project Ccassar "Klimaatverandering en veranderingen in ruimtelijke structuren in Vlaanderen" (2009-2013). In dit project heeft Jan Staes onderzoek kunnen doen naar de ontwikkeling van Ecosysteem gebaseerde adaptatieconcepten die ecosysteemdiensten koppelen aan ruimtelijke ordening en klimaatadaptatie. Sinds 2009 is Jan Staes ook een belangrijke drijvende kracht achter de aanvraag voor een groot ES-onderzoeksproject ECOPLAN "Planning for Ecosystem Services". ECOPLAN ontwikkelde ruimtelijk expliciete informatie en instrumenten voor de beoordeling van ecosysteemdiensten en de evaluatie van functionele ecosystemen als een kostenefficiënte en multifunctionele strategie om de milieukwaliteit te verbeteren. Jan Staes stond in voor de dagelijkse coördinatie van het IWT-SBO-project ECOPLAN "Planning for Ecosystem Services" van 2012-2016. ECOPLAN ontwikkelde de Scenario-Evaluator, een GIS-model dat de integratie van ES in (ruimtelijke) planningsprojecten vergemakkelijkt. Zijn team ontwikkelde een hoge resolutie, ruimtelijk expliciet instrument (QGIS plug-in) om de effecten van ruimtelijke scenario's op 18 ecosysteemdiensten te beoordelen. Op dit moment is hij WP-leider voor het Horizon 2020 project "LANDMARK". WP4 ontwikkelt een EU-scenario-beoordelingskader voor bodemfuncties en -diensten. Hij is ook de wetenschappelijke leider voor het INTERREG 2 SEAS project PROWATER "PROTECTING AND RESTORING RAW WATER SOURCES THROUGH ACTIONS AT THE LANDSCAPE SCALE". De algemene doelstelling is het opbouwen van veerkracht tegen droogte (en extreme neerslag) door het verbeteren van de infiltratie- en waterretentiecapaciteit van landschappen in regio's die van strategisch belang zijn voor de drinkwaterproductie.

Techniek

Expert geografische informatie systemen. Uitdenken en uitwerken van concepten voor ruimtelijk expliciete modelleringen van ecosysteemdiensten.  

Gebruikers

Overheden- Studiebureaus - Privé bedrijven aktief in de milieusector (ruimtelijke planning, klimaatadaptatie, ecosysteemdiensten, landschapsbeheer en inrichting, waterbeheer, etc.)

Trefwoorden

Kennis van watersystemen, Ecosysteemdiensten, Klimaatadaptatie, Ruimtelijke planning, Geografische informatiesystemen, Natuurlijke hulpbronnen

Temmerman Stijn

Hydrodynamica, sedimenenttransport en (geo)morfologische dynamiek van estuaria en rivieren: veldmetingen, GIS en remote sensing, numerieke modellering

Techniek

Hydrodynamische metingen op basis van Acoustic Doppler Velocimetry. Sedimentatie-erosie metingen op basis van in-huis ontwikkelde sediment traps, suspended sediment samplers, sedimentation-erosion tables (SET). Topografische opmetingen op basis van Total Station, RTK-GPS. GIS en teledetectie analyses. Numerieke modellering: hydrodynamisch, sedimenttransport, morfodynamisch modelleren.

Gebruikers

Overheden, studiebureaus, industrie (o.a. baggerbedrijven, havenbedrijven) betrokken in het beheer van estuaria en rivieren.

Trefwoorden

Geomorfologie, Overstroming, Zoetwatergetijmoerassen, Transport van sedimenten, Noodweer, Kustwateren, Geografische informatiesystemen, Ecosystemen, Sedimenten, Integraal waterbeheer, Rivierbezinksel

Van de Vijver Bart

Diatomeeën, eencellige, autotrofe algen, vormen één van de meest abundante en diverse algengroepen in de wereld. Als primaire producenten liggen zij aan de basis van alle voedselketens en zijn ze op die manier van groot belang voor het goed functioneren van de aquatische ecosystemen. Elk van de (naar schatting 50,000) soorten heeft eigen voorkeuren voor een grote waaier aan ecologische parameters zoals pH, geleidbaarheid, nutriënten, zware metalen en organische stoffen. Veranderingen in hun (physico-chemische) omgeving leiden automatisch tot veranderingen in de samenstelling van de diatomeeëngemeenschappen in rivieren, meren en bodems. Sinds enkele jaren verplicht de Europese Unie alle lidstaten om de goede kwaliteit van hun waterlichamen, zowel stilstaande als stromende te garanderen. Deze zogenaamde Europese Kaderrichtlijn Water vereist constante monitoring van de waterkwaliteit van meren en rivieren in de hele Europese Unie. Een van de belangrijkste indicatoren van de veranderingen in de kwaliteit van het water zijn zoetwater diatomeeën. De afgelopen 20 jaar zijn verschillende systemen ontwikkeld om gegevens van de diatomeeëngemeenschappen als bio-indicator te gebruiken. Het gebruik van diatomeeën heeft verscheidene voordelen: (1) ze reageren zeer snel op veranderingen in hun milieu, (2) ze zijn altijd overvloedig aanwezig in alle waterlopen en meren, (3) de bemonstering en monsterbereiding is vrij eenvoudig en goedkoop en ( 4) de diatomeeën analyse kan zeer eenvoudig worden omgevormd tot de waterkwaliteit indices. Een van de belangrijkste nadelen is echter de expertise die nodig is om de diatomeeëngemeenschap analyseren. Niet alleen zijn er een groot aantal soorten (ong. 1500 in België alleen al), hun identificatie vereist het gebruik van een performante lichtmicroscoop en soms zelfs een raster elektronenmicroscoop, en een constante training om vertrouwd te blijven met de nieuwste taxonomische updates omdat nieuwe soorten constant beschreven en ecologisch beter gekarakteriseerd worden. De onderzoeken die verband houden met de voorgestelde expertise omvatten professionele bemonstering op het terrein, het prepareren van de diatomeeënmonsters en de analyse en het tellen van de diatomeeënpreparaten met behulp van een lichtmicroscoop. Zodra de diatomeeëntellingen beschikbaar zijn, maakt het softwarepakket OMNIDIA een snelle berekening van de diatomeeën indices mogelijk. Alle analyses en technieken zijn conform de Europese richtlijnen EN13946 (diatomeeënbereiding) en EN 14407 (diatomeeën tellen).

Techniek

Bemonstering en basis fysica-chemische analyses volgens de richtlijnen van de Europese kaderrichtlijn Water Preparatie monsters olgens de richtlijnen van de Europese kaderrichtlijn Water EN13946 Lichtmicroscopische analyses van diatomeeënpreparaten Raster Electronenmicroscopische analyses Analyse van water monitoring data m.b.v. OMNIDIA

Gebruikers

Openbare en privé milieudiensten Lokale overheden Watermaatschappijen

Trefwoorden

Bio-indicatie, Protisten, Diatomen, Ecologische kwaliteitsdoelen

Vasquez Cardenas Diana

Mariene biology Microbiële ecology Aquatische biogeochemie

Techniek

veldcampagnes sediment incubaties moleculaire analyse stabiele isotoop labeling microsensorprofilering

Gebruikers

academici

Trefwoorden

Ecosysteemstudie

Vrebos Dirk

Dr. Dirk Vrebos is sinds 2009 vorser bij de onderzoeksgroep Ecosysteembeheer en doet onderzoek naar klimaatadaptatie, ecosysteemdiensten, waterbeheer en ruimtelijke planning. Doorheen de jaren heeft hij zich inhoudelijk gespecialiseerd in het ruimtelijk evalueren van water gerelateerde gegevens, ecosysteemdiensten en bodemfuncties in Vlaanderen en Europa. Hierdoor heeft hij een brede theoretische en praktische kennis in zake deze onderwerpen, als ook ruime ervaring in het gebruik van verschillende GIS statistische programma’s en technieken en een brede kennis van de beschikbare GIS data en databanken die relevant zijn voor het ruimtelijk beleid in Vlaanderen. Van 2009 tot 2012 werkte hij aan zijn doctoraatsthesis getiteld “Inzichten in stromen voor integraal waterbeheer: waterkwaliteit, -kwantiteit en ecosysteemdiensten.” Binnen deze thesis werd uitgebreide kennis opgedaan over het algemeen functioneren van een bekkensysteem, de statistische analyse van waterkwantiteit- en kwaliteitsdata en de opbouw en integratie van verschillende types ruimtelijke data. In deze periode was hij ook betrokken bij het FP7 project ‘AFROMAISON’ dat onderzoek deed naar Integrated Natural Resources Management’ in Afrika en ontwikkelde hij een methodiek om ecosysteemdiensten te evalueren in data-arme regio’s. Van 2012 tem 2016 werkte hij voornamelijk op het project ECOPLAN (IWT-SBO) "Planning for Ecosystem Services". Binnen dit project was hij verantwoordelijk voor de ontwikkeling van een QGIS plug-in die de levering van een reeks ecosysteemdiensten kan berekenen binnen Vlaanderen. Bij het ontwikkelen van deze plug-in werd gebruik gemaakt van specifieke Vlaamse ecosysteemdiensten studies als ook een groot aantal Vlaamse (GIS) datasets. Deze data werden vertaald naar modellen voor de evaluatie van ecosysteemdiensten als ook ruimtelijke inputkaarten (vb. bodembedekking) die nodige zijn voor de ecosysteemdiensten berekeningen op Vlaams niveau. In het Horizon 2020 project LANDMARK (2015 – 2019) werkte hij als overkoepelend post-doctoraal onderzoeker. Hierbij stond hij in voor de evaluatie van het Europees beleid op de werking van bodemfuncties in landbouwgebieden. Hiervoor werden een reeks Bayesian netwerken ontwikkeld die toelieten om de impact van bepaalde beleidsscenario’s op deze bodemfuncties te evalueren. In de periode 2018-2019 stond hij in voor de technische ontwikkeling van een QGIS plug-in voor de evaluatie van ecosysteemdiensten in Estuaria (INTERREG project Smartsediment). Daarnaast werkte hij ook mee aan het uitwerken van een globale socio-economische impactanalyse van de uitvoering van het Vlaams NATURA-2000-programma. Sinds 2019 werkt hij op het FWO-SBO project EcoCities waarbinnen hij een tool ontwikkelt om de impact van groendaken op de ecosysteemdiensten levering te berekenen. Daarnaast is hij ook betrokken bij een aantal andere projecten zoals het INTERREG 2 ZEEËN project “PROWATER " (Bescherming en herstel van grondwatersystemen op landschapsniveau), het HORIZON 2020 project UPSURGE (Nature-based solutions voor klimaatadaptatie in steden) en het FWO-SBO project TURQUOISE (Blauw-groene strategieën voor klimaatadaptatie).

Techniek

Voor de verschillende types onderzoek wordt er voornamelijk gebruik gemaakt van de volgende technieken: • Verzamelen en integreren van bestaande kennis door middel van wetenschappelijk onderbouwde literatuurstudies. • Ontwikkelen van bijkomende kennis op basis van data-analyse door middel van uni- en multivariate statistische analyses in R, Python en SAS. Voor ruimtelijke datasets worden aangepaste technieken toegepast die rekening houden met het ruimtelijke aspect en mogelijke autocorrelaties. • Zowel kennis afkomstig uit literatuur als ook datasets worden geanalyseerd en geïntegreerd in Bayesian networks. Deze netwerken laten toe om in complexe systemen, rekening houdend met inherente onzekerheden, onderbouwde voorspellingen te doen. • De verzamelde kennis wordt vertaald naar ruimtelijke GIS modellen in ArcGIS, QGIS, GRASS en GDAL. Deze modellen kunnen vervolgens geïntegreerd worden in GIS plugins zodat ook derden de modellen eenvoudig kunnen toepassen binnen hun eigen projecten. • Afhankelijk van het onderzoek kunnen statistiek, Bayesian models en GIS-modellen met elkaar geïntegreerd worden met behulp van Python programming language.

Gebruikers

De beschikbare kennis en technieken worden gebruikt in zowel fundamenteel wetenschappelijk als ook toegepast, maatschappelijk onderzoek en kan breed worden ingezet. Doorheen de jaren werd er vaak samengewerkt met andere onderzoeksinstellingen als ook studiebureaus bij het ontwikkelen als ook toepassen van ruimtelijke analyses en modellen. Hierbij ligt de focus voornamelijk op landschapsanalyses in functie van waterbeheer, ecosysteemdiensten en klimaatmitigatie en -adaptatie. De beschikbare kennis kan worden toegepast van een lokale schaal tot op continentaal niveau. De beschikbare expertise is relevant voor: • Onderzoeksinstellingen die zich richten op (fundamenteel) onderzoek naar de werking van water, bodem en ecologische processen en hoe deze interageren met onze maatschappij. • Studiebureaus die projecten uitvoeren rond water- en landschapsbeheer • Overheidsinstellingen en agentschappen die werken rond landschapsinrichting, ecosysteemdiensten en klimaatadaptatie in zowel een stedelijke als ook landelijke context. • Anderen die kennis nodig hebben in zake de bovenvermelde onderwerpen.

Trefwoorden

Beheer stroomgebieden, Ecosysteem functie, Ecosysteemdiensten, Ecosysteemherstel, Waterkwaliteit, Hydrologie, Ecohydrologie, Integraal waterbeheer