Schorren zijn natuurlijke buffers tegen overstromingen

Ken Schoutens (UAntwerpen) onderzocht planteneigenschappen voor natuurlijke bescherming van kustgebieden

Klimaatverandering zorgt voor een grotere kans op overstromingen langs kustgebieden en riviermondingen, door de stijging van de zeespiegel én de grotere impact van stormen. Tegelijkertijd zijn laaggelegen kustgebieden dichtbevolkt en sterk geïndustrialiseerd. Het is dus aangewezen dat de huidige kustbescherming, zoals dijken, beter wordt beschermd. Onderzoeker Ken Schoutens (Biologie, UAntwerpen) wijdde zijn doctoraat aan natuurgebaseerde oplossingen voor overstromingen.

Op natuur gebaseerde kustbescherming wordt steeds vaker voorgesteld en bestudeerd. Hierin biedt behoud of (her)inrichting van schorren verschillende voordelen. Schorren zijn natuurgebieden die geregeld overstromen onder invloed van getijdenwerking – de afwisseling van eb en vloed. Ze kunnen de kust beschermen, omdat ze golfenergie reduceren en een tijdelijke waterbuffer vormen bij stormtij. Daarenboven leveren schorren ook ecologische waarde, waaronder de verbetering van waterkwaliteit, biodiversiteit en koolstofopslag.

Schorren kunnen als een 'dijk voor de dijk' functioneren.

Bioloog Ken Schoutens (onderzoeksgroep Ecosphere, Global Change Ecology Centre) bekeek in detail of bepaalde plantensoorten efficiënter bescherming kunnen bieden, en hoe verschillende planteigenschappen hieraan bijdragen. Ondanks dat de grootste en sterkste soorten duidelijk beter bescherming bieden, blijkt dat een combinatie van soorten met contrasterende eigenschappen het meeste beschermingspotentieel biedt.

Veerkracht en betrouwbaarheid

Schoutens voerde experimenten uit in zowel Duitsland als België, waarbij hij schorplanten verplantte en blootstelde aan verschillende golfcondities. Zijn onderzoek toonde aan dat de capaciteit van schorrenvegetatie om golven en stroming af te zwakken, sterk afhankelijk is van de aanwezige plantensoorten en hun eigenschappen. Bovendien variëren de planteigenschappen in een gematigd klimaat ook over de seizoenen heen.

Ken Schoutens voerde experimenten uit in Duitsland en België.

“In Noordwest-Europa vermindert de bovengrondse biomassa van planten in de winter”, legt Schoutens uit. “Dat is helaas ook typisch het stormseizoen, waarbij de nood aan kustbescherming het grootst is. Mijn onderzoek toont aan dat ook de ondergrondse biomassa een stabiliserende functie heeft op de bodem, omdat ze het risico op erosie van de kustlijn sterk vermindert, waardoor de hoger gelegen landinwaartse schorren naast de dijk ook beschermd worden.”

Het onderzoek bewijst dat schorren als een extra ‘dijk voor de dijk’ kunnen functioneren, om zo een dijkbreuk te voorkomen. Het onderzoek is een sterke onderbouwing dat het cruciaal is om voldoende ruimte te voorzien voor schorontwikkeling: dit zal de veerkrachtigheid van onze drukbewoonde kustgebieden grondig beschermen en vergroten in een veranderend klimaat.