Curieuzeneuzen

Uit het Curieuzeneuzen-onderzoek, met de hulp van UAntwerpen uitgevoerd, blijkt dat de luchtkwaliteit in Antwerpen erg verschilt van straat tot straat. Daarbij werden in een uitgebreide campagne in Antwerpen twee elementen gemeten: de aanwezigheid van stikstofdioxide (NO2) in de lucht, en de afzetting van fijn stof.

Het tweede luik van de campagne werd uitgevoerd door onze onderzoekers van het Laboratorium voor Milieu-ecologie en Stedelijke Ecologie van het departement Bio-ingenieurswetenschappen. Zij wilden de ruimtelijke verdeling inschatten van voornamelijk verkeersgerelateerde stofvervuiling in de stad Antwerpen. Dat deden ze door de 'makelaarsborden' die overal in de stad bij enthousiaste Antwerpenaren waren uitgehangen, na de campagne af te kuisen. De doekjes werden nadien bezorgd aan, en geanalyseerd in het laboratorium voor Milieu-ecologie en Stedelijke Ecologie.

Het onderzoek werd geleid door Professor Roeland Samson. "Het is de eerste keer dat we deze analyses op zo'n grote schaal hebben kunnen doen. Uit de in totaal 4.000 ingestuurde doekjes hebben we na een strenge selectie - op basis van betrouwbaarheid, hoogte van het meetpunt enz. - 500 stalen overgehouden. Elk doekje werd geanalyseerd op de aanwezigheid van fijn stof. In de resultaten zagen we de trends uit ons AIRbezen onderzoek bevestigd: binnen de ring is er een veel hogere stofafzetting dan erbuiten, waarbij de hoeveelheid fijn stof vermindert naarmate je verder van de ring woont, hoogstwaarschijnlijk vanwege een betere luchtcirculatie. Maar binnen de ring is er ook veel variatie afhankelijk van de hoeveelheid verkeer in een straat, het straattype, de mogelijkheid tot ventilatie ... Afhankelijk van zulke eigenschappen kan de hoeveelheid fijn stof flink verschillen op twee punten die amper 100m van elkaar gelegen zijn."

De campagne is extra interessant voor de onderzoekers, omdat het aantoont dat de fijnstofmeting een goede alternatieve methode is voor de meting van luchtvervuiling. "Het is opmerkelijk dat de resultaten uit onze analyse in grote mate overeenkomen met de resultaten van het stikstofonderzoek van onze VUB collega's," bevestigt Roeland Samson. "We zien dezelfde trends bevestigd op basis van een heel andere methode, wat de betrouwbaarheid van deze methode aantoont."