1970 - 1980

1970

De Spaanse hoer naar de roman La Celestina van Fernando de Rojas wordt met groot succes gecreëerd op 1 januari 1970 door Toneelgroep Globe te Eindhoven in een regie van Ton Lutz. Het Hof van Cassatie buigt zich bij arrest van 23 februari 1970 over de Masscheroen-zaak en oordeelt dat ook in een kunstwerk naaktheid als openbare zedenschennis kan gelden. Het arrest van het Hof van Beroep te Gent van 17 maart 1969 wordt bevestigd.
Op 4 maart 1970 wordt in de Brusselse KVS in een regie van Walter Tillemans Tand om tand - oorspronkelijke titel: Tijl Uilenspiegel 1980 - gecreëerd. Het stuk verschijnt in april.
Verhuist in maart van Nukerke naar Amsterdam, Vondelstraat 9 bis, waar hij een relatie heeft met de acht jaar jongere Kitty Courbois (13 juli 1937). Voor haar schrijft hij de gedichtenreeks Dag, jij (1971), hij vertaalt Warm en koud (1971) van Fernand Crommelynck en Teresa (1972) van Natalia Ginzburg. In de verhalenbundel Gebed om geweld (1972) schrijft hij over het jaar 1970: 'Vergist zich twee jaar lang schromelijk in een 'amour fou'.'
Wordt vanaf april 1970 (tot begin 1974) redacteur van het tijdschrift De Gids.
Op de beststellerslijst met Literaire Reuzenpockets van de Bezige Bij staat op 31 juli 1970 de roman De Metsiers met 11.875 verkochte exemplaren sinds 1967, de roman De koele minnaar met 58.962 verkochte exemplaren sinds 1960 en de verhalenbundel De zwarte keizer met 48.083 verkochte exemplaren sinds 1960. In september 1970 verschijnt Het auteurstheater. Plan voor een Amsterdams Toneelgezelschap, ondertekend door onder andere Hugo Claus, Harry Mulisch, Cees Nooteboom en Fons Rademakers.
Vliegt voor het maandblad Avenue naar Tanzania en Zanzibar.
In november 1970, negen jaar na zijn vorige dichtbundel bij zijn reguliere uitgever, verschijnen tegelijk twee bundels, waarin de auteur de verscheidenheid van zijn werk beklemtoont. Heer Everzwijn bevat volgens de flaptekst 'poëzie van klassieke allure' over 'elementaire gegevens als de dood, de creativiteit, de geschiedenis', en Van horen zeggen 'anti-poëzie die zich bezighoudt met de dagelijkse verbeelding en moderne fenomenen'.
Door de Nederlandse Comedie wordt in de Stadsschouwburg te Amsterdam in een regie van de auteur op 21 november 1970 Het leven en de werken van Leopold II - geschreven in opdracht van de Vereniging Nederlands Toneelverbond - gecreëerd.
Jean Weisgerber publiceert de bloemlezing met inleiding Hugo Claus. Experiment en traditie.

1971

Verhuist naar de Raamgracht 5-7, waar krakers hem lastigvallen. Breuk met Kitty Courbois. Er breekt een periode aan van 'het afreageren van monogame impulsen'.
Ontvangt zijn derde staatsprijs, dit keer voor de dichtbundel Heer Everzwijn (1970) en wordt Ridder in de Kroonorde.
Op 2 maart 1971 beleeft de door Fons Rademakers geregisseerde film Mira - naar een roman van Stijn Streuvels en een scenario van Hugo Claus - zijn première te Brussel.
Op 27 maart van dat jaar wordt in de Amsterdamse Stadsschouwburg door de Nederlandse Comedie Warm en koud gecreëerd in een regie van de auteur.
Op 15 mei 1971 wordt in de Rotterdamse Schouwburg door het Nieuw Rotterdams Toneel in een regie van Lodewijk de Boer Oedipus gecreëerd.
Het door Claus vertaalde en bewerkte toneelstuk van Jean-Clarence Lambert Stalinade wordt door de acteurs van het Rotterdams Toneel afgewezen.
In augustus 1971 verschijnt de uit proza, poëzie, tekeningen en commentaar samengestelde 'roman' Schola nostra onder het pseudoniem Dorothea van Male.
Interieur, de toneelversie van de roman Omtrent Deedee (1963) wordt op 29 oktober 1971 door het Amsterdams Toneel in een regie van de auteur gecreëerd.
Op 11 november 1971 creëert de Haagse Comedie in het HOT-theater te Den Haag Georg Büchners Woyzeck in een regie van Hans Croiset. Claus' vertaling verschijnt pas in 1988.
Jacques de Decker publiceert de studie Over Claus' toneel.

1972

Op 9 maart 1972 wordt in een regie van de auteur Teresa naar Natalia Ginzburg gecreëerd door het Amsterdams Toneel in De Brakke Grond te Amsterdam.
Negen jaar na zijn vorige roman verschijnen er twee romans, waarmee de auteur opnieuw de verscheidenheid van zijn werk demonstreert : op 1 april 1972 verschijnt de cryptische roman Schaamte en op 18 oktober de toegankelijke liefdesroman Het jaar van de kreeft. In deze laatste roman heeft Claus zijn afgelopen relatie met Kitty Courbois geromanceerd. Er ontstaat een heuse rel vanwege het interview van Henk van der Meyden in De Telegraaf van 5 oktober, waarin Claus zijn affaire aanwees als inspiratiebron voor zijn roman.
Op 21 december 1972 wordt in een regie van de auteur De vossejacht naar Volpone van Ben Jonson gecreëerd door het Amsterdams Toneel in de Stadsschouwburg te Amsterdam. Het stuk verschijnt in dezelfde maand.

1973

Hij schrijft voor Fons Rademakers het scenario naar de roman van Nicolas Freeling Because of the Cats. Ontmoet in het begin van 1973 bij het filmen van Niet voor de poesen de 24 jaar jongere actrice Silvia Kristel, die hij op het einde van het jaar begeleidt naar Bangkok, waar de pornoprent Emmanuelle wordt opgenomen. Hij reist met haar naar New York, Tokio, Hollywood, de Bahamas...
Ontvangt zijn vierde staatsprijs, de derde voor toneel, voor het stuk Vrijdag (1969).
In maart 1973 publiceert hij drie prozadeeltjes op het thema van de Arthur-legende van 'De groene ridder'.
In het najaar verschijnt de dichtbundel De wangebeden, 10 blasfemische gedichten, de eerste bibliofiele editie van een Clauswerk uitgegeven door Pink Editions & Productions onder leiding van Robert Lowet de Wotrenge. Tussen 1973 en 1982 brengt deze Antwerpse uitgever 8 nieuwe Clauspublicaties op de markt.
Claus begeeft zich op het pad van de vrije toneelproducties.
Pas de deux wordt door Gijsbrecht BV op 4 oktober 1973 gecreëerd in een regie van de auteur in de Haarlemse Stadsschouwburg. Het stuk verschijnt in dezelfde maand in boekvorm.
Blauw blauw wordt door Gijsbrecht BV op 17 november 1973 gecreëerd in een regie van de auteur in het Hofpleintheater te Rotterdam. Het stuk verschijnt in 1974 in boekvorm.
In november 1973 verschijnt de dichtbundel Figuratief, die aanvankelijk werd aangekondigd onder de titel Au. Georges Wildemeersch publiceert het essay over de vroege poëzie Hugo Claus of Oedipus in het paradijs.

1974

Verhuist met Silvia Kristel naar Parijs, behoudt een huurhuis in Amsterdam en neemt zich voor een jaar lang niets te doen. Verkeert in de Franse en internationale filmwereld.

1975

Op 10 februari 1974 wordt Arthur, zoon van Hugo Claus en Silvia Kristel, geboren.
Koopt samen met Kristel een huis te Antwerpen, waar hij nauwelijks verblijft.
Schrijft in drie weken de vijf afleveringen voor de televisieserie over Het leven van Rubens, die in het Rubensjaar 1977 zal worden uitgezonden in een regie van Roland Verhavert.
Op 4 juni 1975 overlijdt Hugues C. Pernath, voor wie Claus twee jaar later Het graf van Pernath schrijft.
Op 30 september 1975 wordt Thuis door Gijsbrecht BV gecreëerd in een regie van de auteur in de Stadsschouwburg van Amsterdam. Het stuk verschijnt in oktober in boekvorm.
De film Pallieter naar een scenario van Claus en een regie van Roland Verhavert gaat in première.

1976

Op 22 januari 1976 stichten Claus en Kristel de NV Groep Kristel, een bouw- en exploitatiemaatschappij.
Op 18 september van dat jaar wordt Orestes naar Euripides gecreëerd door de Antwerpse KNS in een regie van Walter Tillemans. Het stuk verschijnt in oktober in boekvorm.

1977

'Actrices gaan, actrices komen.'
Hij keert uit Parijs terug naar Gent, waar zijn broer Guido inmiddels de Hotsy Totsy, een populaire club annex restaurant, uitbaat waar Hugo geregeld opdaagt. De NV Groep Kristel wordt opgedoekt.
Vanaf 1977 verschijnen jaarlijks diverse publicaties in het circuit van bibliofiele en/of aparte edities. Samen met Marie-Claire Nuyens en Marc Verstockt richt hij de Antwerpse bibliofiele uitgeverij Ziggurat op, die in de praktijk geleid wordt door Freddy de Vree. De eerste publicatie, Het graf van Pernath, wordt tusen 1977 en 1985 gevolgd door 8 andere uitgaven.
Op 14 oktober 1977 wordt Het huis van Labdakos gecreëerd door het RO-Theater in de Rotterdamse Schouwburg in een regie van Franz Marijnen. Het stuk, geschreven in enkele weken tijd, verschijnt nog dezelfde maand.
Op 3 november 1977 wordt Jessica! gecreëerd door de Brusselse KVS in een regie van de auteur. Het stuk verschijnt in het handschift van de auteur bij Ziggurat. De romanversie verschijnt nog dezelfde maand bij De Bezige Bij.

1978

Reist met zijn broers Guido en Johan naar Las Vegas en vindt er inspiratie voor zijn roman Het verlangen, die in april 1978 verschijnt. Uit onvrede met de kritiek, die de bijbelse parallel niet had opgemerkt, voegt hij vanaf de tweede druk enkele citaten uit de bijbel toe, alsook de zin: 'Het verlangen is een parafrase van het verhaal van Jakob in Genesis.'
In juli verschijnt de bundel De wangebeden, waarin ook de gelijknamige bibliofiele editie is opgenomen. Van 13 oktober tot 7 november 1978 heeft in de Printschop België te Antwerpen de tentoonstelling Cobra Revisited plaats, met een vier bladzijden tellende poëtische tekst onder dezelfde titel. De tentoonstelling toont met de schaar bewerkte schilderijen op papier uit de periode 1949-1959.
In oktober 1978 verschijnt de bundel Zwart, een reeks gedichten bij door Karel Appel en Pierre Alechinsky samen met Oostindische inkt gepenseelde prenten.

1979

Ontvangt de Cultuurprijs van de stad Gent, de Constantijn Huygensprijs en zijn vijfde Staatsprijs - de vierde voor toneel - voor Orestes (1976) en Jessica! (1977).
Op 27 januari 1979 wordt Macbeth naar Shakespeare gecreëerd door Teater Arena te Gent in een regie van Jaak Van de Velde. De tekst van de vertaling verschijnt pas in 2003 in boekvorm.
Ter gelegenheid van zijn 50ste verjaardag wordt in het Cultureel Centrum van Hasselt van 30 maart tot 19 april 1979 een verkoopstentoonstelling georganiseerd onder de titel Claustrum, de eerste echte tentoonstelling sinds de Retrospectieve van 1965. Bij die gelegenheid verschijnt onder dezelfde titel een bundel met 222 knittelverzen.
In april van dat jaar verschijnt de verzamelbundel Gedichten 1969-1978.
Joris Duytschaever publiceert de monografie Over De verwondering van Hugo Claus.

© Georges Wildemeersch