Toelatingsvoorwaarden voor de educatieve master in de talen: één taal

Toelating tot de master

Rechtstreekse toelating:

  • academische bachelor in de taal- en letterkunde (één taal uit Nederlands, Frans, Engels, Duits, Spaans)
  • academische bachelor in de toegepaste taalkunde (één taal uit Frans, Engels, Duits, Spaans)
  • behaald in Nederland: bachelor taal en cultuur: Duits, Frans, Engels, Nederlands, Spaans

Toelating aanvragen:

  • andere academische bachelor

Toelating tot de master na schakelprogramma

Via het schakelprogramma van de (niet-educatieve) master taal- en letterkunde kan je toelating tot de (educatieve) master bekomen.

Rechtstreekse toelating:

  • professionele bachelor in het onderwijs: secundair onderwijs - optie Duits, Engels, Frans of Nederlands
  • professionele bachelor in het office management: bedrijfsvertaler-tolk, management assistant of international management assistant
  • behaald in Nederland: HBO bachelor leraar 2de graad Frans, Engels of Nederlands
  • behaald in Nederland: HBO bachelor Business Administration
  • behaald in Nederland: HBO bachelor Business Management
  • behaald in Nederland: HBO bachelor International Business and Languages

Toelating vragen:

  • professionele bachelor in de journalistiek

Als je instroomt vanuit een professionele bachelor secundair onderwijs, kan je – na het schakelprogramma – in de educatieve masteropleiding het zalmtraject volgen.

Al een master behaald?

Als je al een master (of licentiaat) in jouw vakdomein behaald hebt, kan je de educatieve master in de talen volgen via een verkort traject. Ga na of je voldoet aan de toelatingsvoorwaarden!

Taalvoorwaarden

Is Nederlands niet je moedertaal? Het minimum taalniveau voor Nederlands is:

  • ITNA: niveau C1
  • CNVT: niveau Educatief Professioneel (voorheen: Profiel Academische Taalvaardigheid)

Je kan deze taaltesten bij Linguapolis, het taalinstituut van de Universiteit Antwerpen, afleggen.

Toelating tot de vakdidactiek Nederlands voor studenten toegepaste taalkunde

Je vooropleiding bepaalt ook tot welke vakdidactieken je rechtstreekse toelating hebt: bekijk het overzicht. Als je toegepaste taalkunde gestudeerd hebt, heb je geen rechtstreekse toelating tot de vakdidactiek Nederlands. Je kan de vakdidactiek Nederlands opnemen zodra je voor Nederlands 60 studiepunten verworven hebt.

  • Als je je bachelordiploma toegepaste taalkunde aan UAntwerpen behaalde, heb je nog geen 60 sp verworven en volg je een inhaaltraject van (maximaal) 36 sp Nederlands (in de vorm van een voorbereidingsprogramma).
  • Als je je bachelordiploma toegepaste taalkunde niet aan UAntwerpen behaalde, leg je je reeds behaalde sp Nederlands voor aan de studietrajectbegeleider Ann Peeraer (ann.peeraer@uantwerpen.be) die op basis daarvan een voorbereidingsprogramma opstelt.

Het voorbereidingsprogramma van 36 sp bestaat uit de volgende opleidingsonderdelen uit het studieprogramma van de bachelor taal- en letterkunde:

  • Nederlandse taalkunde 2: synchrone taalstudie (6 sp)
  • Nederlandse taalkunde 3: diachrone taalstudie (6 sp)
  • Cultuurgeschiedenis van de Lage Landen 1 (3 sp)
  • Cultuurgeschiedenis van de Lage Landen 2 (3 sp)
  • Geschiedenis van de Nederlandse letterkunde 1: Middeleeuwen en Vroegmoderne tijd (6 sp)
  • Geschiedenis van de Nederlandstalige letterkunde 2: van de Franse Revolutie tot de Grote Oorlog (6 sp)
  • Geschiedenis van de Nederlandstalige letterkunde 3: van de Grote Oorlog tot vandaag (6 sp)

Vragen hierover? Contacteer de studietrajectbegeleider Ann Peeraer (ann.peeraer@uantwerpen.be).

Zowel studenten taal- en letterkunde als studenten toegepaste taalkunde hebben rechtstreeks toegang tot de vakdidactiek Nederlands niet-thuistaal.