Kerncompetenties

Domeinspecifieke component

1. De master heeft, naast diepgaande kennis van en inzicht in biochemie en moleculaire en cellulaire biotechnologie, kennis van de ontwikkelingsbiologie van modelorganismen en kennis van gespecialiseerde en geavanceerde technieken zoals proteoomanalyse, genoomanalyse, en structuurbepaling en modelling van biomoleculen. De master kan deze technieken geïntegreerd en autonoom toepassen in een complexe wetenschappelijke probleemstelling.

2. De master heeft gespecialiseerde en praktische kennis over het verband tussen celbiologische en pathofysiologische processen en tussen moleculaire, pathologische en epidemiologische aspecten van genetische aandoeningen.

3. De master beheerst bio-informatica en statistische methoden voor het verwerken van zelfstandig verzamelde onderzoeksgegevens.

4. De master kan de wetenschappelijke evolutie in het vakgebied biochemie en biotechnologie blijvend en kritisch opvolgen om zijn/haar professioneel niveau op peil te houden.

5. De master kan op verantwoorde manier oordelen over de maatschappelijke en bio-ethische implicaties van het (eigen) wetenschappelijk onderzoek m.i.v. reflectie over het eigen handelen.

6. De master kan zelfstandig en in teamverband deelnemen aan een (inter-)nationaal multidisciplinair onderzoek. Op basis van de interpretatie van zijn/haar eigen (originele) experimentele resultaten kan hij/zij een onderbouwde conclusie formuleren om tot een oplossing te komen. De master is hierbij in staat om zijn/haar standpunt te verdedigen en in een ruimere context te plaatsen.

7. De master kan op een professionele, kritische en wetenschappelijke manier rapporteren over (eigen of vanuit literatuur) experimenteel onderzoek en kan hierover op een correcte en begrijpbare manier communiceren en presenteren in het Nederlands en Engels voor een gespecialiseerd (inter‐)nationaal‐ en lekenpubliek.

Lerarencomponent

Referentiekader

8. De educatieve master beheerst gespecialiseerde theoretische en praktische kennis, vaardigheden en attitudes die de basiscompetenties voor leraren zoals geformuleerd in het ‘Besluit van de Vlaamse Regering van 8 juni 2018 betreffende de basiscompetenties van de leraren’ ondersteunt, zowel op algemeen pedagogisch als op (vak)didactisch vlak.

9. De educatieve master heeft een diepgaande vakinhoudelijke kennis zoals geëxpliciteerd in de leerresultaten van de domeinspecifieke component.

10. De educatieve master kan de onderwijskundige, (vak)didactische en domeinspecifieke kennis zelfstandig uitbreiden, actualiseren, verbreden, verdiepen en verbinden met actuele maatschappelijke thema’s en ontwikkelingen. Hij/zij kan deze kennis zelfstandig en geïntegreerd toepassen en deze inzetten om voor lerenden uitdagende leeromgevingen te creëren. Hij/zij kan op basis van de verworven competenties eigen nieuwe ideeën voor de onderwijspraktijk ontwikkelen en aan de realiteit toetsen.

Klasniveau

11. De educatieve master kan de beginsituatie van een leergroep en individuele lerenden en hun specifieke onderwijsbehoeften in kaart brengen. Hij/zij kan een leeromgeving creëren die in al haar didactische componenten (leerdoelen, leerinhouden, leermaterialen, werk- en groeperingsvormen, evaluatie en feedback) aansluit bij die beginsituatie, inclusief is en responsief ten aanzien van de diversiteit in de leergroep.

12. De educatieve master beschikt over klasmanagementvaardigheden om een positief leer- en leefklimaat te creëren. Hij/zij kan door doelgerichte activiteiten en formele en informele interacties de brede persoonlijke, intellectuele en maatschappelijke ontplooiing van leerlingen ondersteunen.

13. De educatieve master kan omgaan met diversiteit en met de context van een grootstedelijke omgeving.

14. De educatieve master kan de organisatie van onderwijs- en leeractiviteiten op korte en lange termijn plannen, met het oog op het creëren van een gestructureerde, efficiënte, veilige en stimulerende leeromgeving, gesteund op wetenschappelijke evidentie.

Samenwerking met partners

15. De educatieve master kan communiceren met ouders of verzorgers met diverse achtergronden in diverse talige situaties met het oog op informatie-uitwisseling, het stimuleren van de betrokkenheid en participatie en het samen ontwikkelen van constructieve oplossingen om het leren van de lerenden te ondersteunen en te stimuleren.

16. De educatieve master kan constructief samenwerken met externe partners met het oog op het verrijken van het onderwijs- en vormingsaanbod en het faciliteren van de doorstroming tussen onderwijsniveaus en naar de arbeidsmarkt.

Onderzoekende houding

17. De educatieve master kan zelfstandig het beschikbare (inter)nationale wetenschappelijk onderzoek in het domein van het leraarschap in het algemeen en zijn discipline in het bijzonder ontsluiten, kritisch-reflectief benaderen en de inzichten toepassen in de eigen klas- en schoolcontext.

18. De educatieve master kent de mogelijkheden en grenzen van verschillende theoretische paradigma’s in onderwijskundig, (vak)didactisch en vakinhoudelijk onderzoek.

19. De educatieve master gaat, gesteund op wetenschappelijk evidentie, kritisch-reflectief om met informatie, onderwijspraktijken, methodieken en leermiddelen. Hij/zij is zich bewust van lacunes in de empirische evidentie voor het gepast invullen van het leraarschap.

20. De educatieve master kan een volledige onderzoekscyclus doorlopen over een onderwijsrelevant onderwerp waarbij hij/zij op grond van theoretische en praktijkgerichte inzichten een bijdrage kan leveren aan ontwikkelingen in onderwijs.

21. De educatieve master kan op basis van een actieve en onderzoekende houding voor beroepsvernieuwing bijdragen aan schoolbeleid en schoolontwikkeling.

22. De educatieve master kan door onderzoekend leren en kritische zelfevaluatie zijn functioneren als leraar bijsturen en op deze manier richting en innovatie geven aan zijn professionele praktijk en ontwikkeling.

School en maatschappij

23. De educatieve master heeft inzicht in organisatieprincipes van scholen en van goed schoolbeleid.

24. De educatieve master kan in een schoolteam constructief samenwerken met collega’s. Hij/zij kan initiatief nemen tot, deelnemen aan en leiding geven aan disciplinair en interdisciplinair teamoverleg en aan klasoverschrijdende activiteiten.

25. De educatieve master kan over onderwijskundige thema’s, het lerarenberoep, en zelf ontwikkelde oplossingen voor de onderwijspraktijk communiceren met collega’s en andere stakeholders in het onderwijs en als professional deelnemen aan het maatschappelijk debat.