Met dank aan de overkant. Vlaamse en Waalse identiteitsconstructie aan de hand van alteriteitsvertogen, 1840−1993

Date: 11 June 2015

Venue: UAntwerpen, Stadscampus, Grauwzusters (kapel) - Lange Sint-Annastraat 7 - 2000 Antwerpen

Time: 3:00 PM - 5:30 PM

Organization / co-organization: Departement Geschiedenis

PhD candidate: Vincent Scheltiens

Principal investigator: Marnix Beyen

Short description: Doctoraatsverdediging Vincent Scheltiens, Faculteit Letteren en Wijsbegeerte - Departement Geschiedenis



Abstract

Dit onderzoek reikt een vernieuwende manier aan om ontstaan en ontwikkeling van nationale identiteitsconstructies te lezen en te begrijpen.

Het vertrekt vanuit de hypothese dat het ‘maken’ van nationale identiteiten niet zozeer moet verklaard worden vanuit nationale identiteit op zich, als wel uit de capaciteit van nationale elites om een harde grens aan te brengen tussen het eigen en de andere, identiteit en alteriteit. Het op deze wijze nooit geëxploreerde België leent zich uitstekend voor een studie van de identiteitsconstructie aan de hand van alteriteitsvertogen. In de Belgische geschiedenis ontwikkelden zich immers twee aan elkaar gewaagde nationale bewegingen, de Vlaamse en de Waalse. Gaandeweg zouden ze er in slagen ideologische en sociale tegenstellingen in het eigen kamp te overstijgen en de Belgische identiteitsconstructie fundamenteel te ondermijnen.

Het proefschrift analyseert de vertogen van beide bewegingen over de ‘andere’ en hoe die vertogen werden ingezet om een stabiel zelfbeeld te creëren. Dit onderzoek, waarin voor het eerst beide nationale bewegingen te samen bestudeerd worden, toont aan dat deze zich veeleer ontwikkelden rond een beeld van de ‘andere’ dan rond stabiele zelfbeelden. Uit de combinatie van linguïstische detailstudie met een meer longitudinale aanpak, volgt het onderzoek de vertoogstrategieën over de ‘andere’ vanaf het ontstaan van deze bewegingen tot hun institutionalisering als deelstaten.

Om deze methodologie mogelijk te maken, werden vijf kritische momenten geselecteerd die samen anderhalve eeuw Belgische geschiedenis omspannen. Daaruit blijkt dat beide bewegingen in een pril stadium een discours over de ‘andere’ ontwikkelden dat ze grotendeels, tot op heden, zullen aanhouden. Hun negatieve verbeelding van de ‘andere’ werd constant versterkt door die ‘andere’ onder te dompelen in een bredere etnische ‘externe andere’: de Latijnse of Germaanse. De eigen identiteit werd aan beide zijden gehomogeniseerd rond een zelfbeeld van geminoriseerde groep, slachtoffer van een agressie vanwege de ‘andere’. Deze victimiseringsvertogen werden echter doorkruist met zelfbeelden van eigen superioriteit. Belangrijke gebeurtenissen als beide wereldoorlogen of de federalisering van het land, braken deze continuïteit geenszins, maar versterkten die.

De discursieve bedding waarin beide bewegingen vanaf het begin zaten, diepte zich telkens uit. De homogenisering van het eigen kamp waar zowel aan Vlaamse als aan Waalse zijde naar gestreefd werd, leidde ertoe dat – ondanks pleidooien van openheid – het eigen territorium van elke aanwezigheid of manifestatie van de ‘andere’ moest gezuiverd worden. Die zuiveringsidee werd in tal van metaforen uitgedrukt, was soms allegorisch maar – aan de taalgrens – ook fysiek. Doorheen heel deze periode leidde de intensieve interactie tussen beide bewegingen herhaaldelijk tot een vorm van mimetisme: strategieën, topoi en zelfs organisatorische keuzen werden van elkaar overgenomen, toegeëigend en tegen elkaar ingezet. Dit proefschrift toont aan dat de paradox tussen succesvolle institutionalisering van nationalisme en vage invulling van haar ideologische basis kan verklaard worden aan de hand van een studie van alteriteitsvertogen.



Entrance fee: gratis

Contact email: vincent.scheltiens@uantwerpen.be