All together respectably dressed. Fashion and clothing in Bruges during the fifteenth and sixteenth centuries

Date: 11 March 2016

Venue: Rubenianum - Kolveniersstraat 20 - 2000 Antwerpen

Time: 3:00 PM - 5:30 PM

Organization / co-organization: Faculteit Letteren en Wijsbegeerte

PhD candidate: Isis Sturtewagen

Principal investigator: prof. dr. Bruno Blondé & prof. dr. Bert De Munck

Short description: Doctoraatsverdediging Isis Sturtewagen - Faculteit Letteren en Wijsbegeerte , Departement Geschiedenis, Centrum voor stadsgeschiedenis



'Alle tsamen zo hebbelicken ghecleet'. Mode en kleding in Brugge tijdens de vijftiende en zestiende eeuw

Het onderzoek van laatmiddeleeuwse en vroegmoderne kleding bleef dankzij de beperkte beschikbaarheid van bronnenmateriaal hoofdzakelijk beperkt tot de hof-mode. Hierdoor ontstond het idee dat, vooral tijdens de middeleeuwen, modieuze kleding voorbehouden bleef voor de hogere sociale groepen die aan de hand van weeldewetten het gewone volk in een constante staat van materiële armoede dwong. In dit zogenaamde ‘sartorial ancien régime’ zou mode hoofdzakelijk bepaald geweest zijn door het overdadige gebruik van kostbare stoffen, terwijl snit en decoratie maar heel traag evolueerden. In de loop van de zestiende eeuw, en volgens sommige historici pas veel later, zou mode eerst toegankelijk worden voor bredere lagen van de bevolking dankzij goedkope imitaties en het toenemend belang van design boven intrinsieke waarde.

Vertrekkend van boedelinventarissen als hoofdbron, ligt de focus in dit proefschrift op de stedelijke middengroepen in vijftiende- en zestiende-eeuws Brugge. Hieruit blijkt dat niet alleen dat de snit van kleding van stadsbewoners in deze periode veel sneller veranderde dan tot nu toe algemeen aanvaard, maar ook dat in de middelnederlandse woordenschat voor het concept mode direct of indirect verwezen wordt naar de veranderende snit, en dus het model van kleding. De stugge stoffen die gebruikt werden om de vormende onderkleding te maken bevonden zich in de goedkoopste textiel-prijsklasse, en op die manier viel een modieus silhouet binnen het bereik van grote delen van de samenleving. Het kleurgebruik in kleding was eveneens weinig sociaal gedifferentieerd: tijdens de vijftiende en zestiende eeuw werd het kleurenpalet gedomineerd door zwarte en rode stoffen. Voor alle sociale groepen gold dat keurige en propere kleding, versteld waar nodig en ongeacht de reële waarde, cruciaal was in het uitdragen van goed en eerlijk burgerschap.

Statusverschillen vonden vooral uitdrukking in het extreem doordrijven van de snit van kleding (bijvoorbeeld overdreven lange mouwen, dikke plooikragen en slepen aan vrouwenkleding), in de kwaliteit van de gebruikte kleurstoffen, in de kostbaarheid van het textiel, en in het al dan niet dragen van formele bovenkleding: omdat deze in de weg zat tijdens het uitoefenen handwerk, droegen ambachtslieden en arbeiders deze enkel op zon- en feestdagen.

De toenemende populariteit van lichtere en goedkopere stoffen in de late vijftiende en zestiende eeuw word vaak als argument aangehaald voor een toenemende democratisering van mode. De Brugse boedels geven echter aan dat een toename in de productie niet noodzakelijk samenhing met een groei van de lokale consumptie. Lichte wollen stoffen werden vooral gebruikt voor onderkleding en voeringstof, terwijl het duurdere laken favoriet bleef voor de formele bovenkleding. De toenemende populariteit en lokale productie van zijden en halfzijden stoffen zorgde niet, zoals algemeen geaccepteerd, voor een afname van de sociale differentiatie in kleding. De consumptie van deze stoffen bleef duidelijk beperkt tot de rijkere stedelijke groepen, terwijl het juwelenbezit zich meer en meer beperkte tot de stedelijke elite. De zestiende-eeuwse kledingcultuur getuigt in Brugge dus eerder van een uitgesproken sociaal gepolariseerde samenleving, overeenkomstig met de economische situatie van de stad. Brugge, dat in de vijftiende eeuw een belangrijke handelsmetropool was maar in de zestiende eeuw een periode van economisch verval doormaakte, vormt hierdoor net een interessant studieobject. Het Brugse voorbeeld herinnert ons eraan dat de impact van lokale economische en politieke omstandigheden op de consumptie van en sociale differentiatie in kleding niet onderschat moet worden. Het is duidelijk geworden dat er van een ‘grand narrative’ betreffende een gestage democratisering van mode geen sprake kan zijn.



Contact email: isis.sturtewagen@uantwerpen.be