Circulatiemechanismen van medische kennis in de Nieuwe Tijd (1500–1795). Studie van twee casussen: de lithotomie en de kruidengeneeskunde

Date: 23 May 2016

Venue: Auditorium Felixarchief - Oude Leeuwenrui 29 - 2000 Antwerpen

Time: 3:00 PM - 6:00 PM

Organization / co-organization: Faculteit Letteren en Wijsbegeerte

PhD candidate: Vincent Van Roy

Principal investigator: prof. dr. Bert De Munck & em. prof. dr. Robrecht Van Hee

Short description: Doctoraatsverdediging Vincent Van Roy - Departement Geschiedenis - Faculteit Letteren en Wijsbegeerte



Circulatiemechanismen van medische kennis in de Nieuwe Tijd (1500–1795)

Dit proefschrift behandelt de diverse mechanismen van medische kenniscirculatie die doorheen de lange periode van de Nieuwe Tijd een belangwekkende evolutie ondergingen.  Daarbij stellen we de voormalige paradigma’s uit de historiografie in vraag en proberen we een specifieke positie in het huidige debat in te nemen.  Het lijkt niet langer zaligmakend om bepaalde soorten kennis tegen elkaar af te zetten en de ‘natuur’ van zulke kennis als onwrikbaar en vaststaand te beschouwen.  Het loont net de moeite om het situationele aspect van die kennis uit te lichten en de gesteldheden waarbinnen (of buiten) medische kennis kon circuleren in een dynamische context te plaatsen.  Vaak proberen we concrete voorbeelden uit het gebied van de Nederlanden daarvoor aan te halen, zeker in de prelude.  Gaandeweg verruimen we echter het gezichtsveld en gaan we ook de West-Europese context na en uiteindelijk zelfs de Trans-Atlantische ruimte.   Concreet wordt het onderwerp uitgewerkt aan de hand van twee uitvoerige hoofdstukken die elk een specifieke medische casus omvatten.  Ten eerste wordt dieper ingegaan op de evoluties die zich voordeden op het chirurgische domein van de steensnijding (= lithotomie).  De technieken aangaande deze praktijk evolueerden grondig tussen de zestiende en de achttiende eeuw.  Zo verspreidde de kennis en de techniek met de introductie van het ‘Grand Appareil’ zich gaandeweg doorheen gans Europa.  Hierbij is het vooral interessant na te gaan via welke manieren bestendigde en innovatieve kennis en skills circuleerden onder de medische zorgverstrekkers.  Ten tweede wordt de casus van de zich evoluerende kruidengeneeskunde uitvoerig belicht.  Zowel inheemse kruiden als planten en kruidenextracten uit de Nieuwe Wereld worden ‘multifunctioneel’ gebruikt in de medicinale geneeskunde.  Nieuwe toepassingen worden ontdekt en overleverde geneesmiddelen worden verbeterd of gewijzigd.  Hierbij is het vooral interessant dieper in te gaan op het spanningsveld tussen een zogenaamd continuïteitsdenken van overgeleverde kennis en de discontinuïteit van wetenschappelijke methoden als de empirie of de taxonomische classificatie aan het einde van de Nieuwe Tijd.  Ter conclusie proberen we zowel de gelijkenissen als verschillen tussen beide casussen bloot te leggen en deze terug te koppelen aan de centrale onderzoeksvragen uit de inleidende hoofdstukken.