Stadsmussen hebben minder diverse darmflora

Datum: 25 september 2017

Inleiding: De effecten van verstedelijking reiken bijzonder ver, blijkt uit een nieuwe studie. Tot in de darmflora van stadsmussen om precies te zijn. Dit kan verregaande gevolgen hebben voor het voorplantingssucces van de vogels.

Er verschijnt meer en meer bewijs dat de ‘fitness’ van individuele organismen onlosmakelijk verbonden is met de bacteriën die in hun lichaam leven: het microbioom. Zo weet ondertussen zowat iedereen dat onze darmflora een essentiële bijdrage levert aan de vertering. Maar recent tonen heel wat studies dat de relatie tussen organismen en hun microbioom nog heel wat dieper gaat. Immuniteit, groei en voortplanting, zelfs gedrag: al deze essentiële aspecten in het leven van dieren en mensen kunnen direct worden beïnvloed door het microbioom.

Toch weten we nog bijzonder weinig omtrent de mogelijke effecten van menselijke milieu-impact op dit microbioom. Daarom gingen onderzoekers van UGent (Departement Biologie en Departement Pathologie), UAntwerpen (Global Change Ecology Centre, onderzoeksgroep Evolutionaire Ecologie) en de Franse Université Paul Sabatier in Toulouse samen aan de slag in de regio’s Antwerpen, Gent en Leuven. Ze namen specifiek het effect van toenemende verstedelijking op de darmflora van mussen onder de loep.

Het nieuwe onderzoek werd uitgevoerd op een alom bekende soort: de huismus (Photo: Adamo).

Aimeric Teyssier, de hoofdonderzoeker, legt uit: “Voor zover we weten, is dit de eerste studie die het effect van verstedelijking op het microbioom van dieren onderzocht in detail. We sloten ons voor het onderzoek aan bij een groter project waar de effecten van verstedelijking worden bestudeerd. Zo konden we de darmflora van de huismussen onderzoeken langsheen een gradiënt die het volledige spectrum van platteland tot volledig verstedelijkt overspant.”

Het onderzoeksteam identificeerde de bacteriegemeenschappen in de darmen van de vogels door gebruik te maken van next-generation sequencing techniques. Aimeric: “De vogels uit de stadgebieden hadden een minder diverse darmflora, vergeleken met hun soortgenoten van het platteland.”

Het onderzoek wees erop dat het microbioom van de stadsvogels beter in staat is om mogelijk schadelijke “xenobiotics” (lichaamsvreemde deeltjes die gerelateerd zijn aan vervuiling in de stad) in de darmen onschadelijk te maken. Aimeric: “Dit wijst erop dat de darmflora een rol kan spelen bij het aanpassingsvermogen aan de nieuwe stadsomgeving. Hoewel dit een positief effect is, waren er ook meerdere eerder negatieve implicaties van de verminderde darmflora-biodiversiteit. Zo kunnen de vogels minder efficiënt worden in de vertering van voedsel, en immuniteit tegen potentieel dodelijke ziektes verliezen. Onze studie wijst erop dat de verminderde darmflora-diversiteit een belangrijk aspect kan zijn dat mee de recente dalingen in het aantal stadmussen in verschillende steden kan verklaren.”

De studie werd gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrijft “Science of the Total Environment