Zelfstudie

Studiegidsnr:1014FLWTLT
Vakgebied:Film en theater
Academiejaar:2019-2020
Semester:1e en 2e semester
Contacturen:0
Studiepunten:6
Studiebelasting:168
Contractrestrictie(s):Geen contractrestrictie
Instructietaal:Nederlands
Examen:Permanente evaluatie
Lesgever(s)Kurt Vanhoutte

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof

3. Inhoud *


De spelregels:

Zelfstudie levert evenveel studiepunten op als de stage en is dus een mogelijke vervanging van die stage. Contacteer Prof. Kurt Vanhoutte voor een lijst onderwerpen gesuggereerd door docenten op grond van hun expertise in het betreffende onderzoeksdomein en hun actuele interesses; als begeleider van een zelfstudie treedt automatisch de docent op die het betreffende onderwerp in de zelfstudie-onderwerpenlijst heeft laten opnemen. Deze lijst wordt elk academiejaar herzien en aangevuld.
De zelfstudie staat los van de scriptie, die over een ander onderwerp dient te handelen. Wel kan voor het zelfstudie-onderdeel een kritische methode worden gehanteerd die vervolgens in de scriptie in een aantoonbaar ander onderzoeksdomein wordt toegepast. Vanzelfsprekend kan een s tudent ook dezelfde begeleider hebben voor zijn verplichte scriptie en voor het optionele zelfstudie-onderdeel. 

Fasering:

1. Wie in een academiejaar een zelfstudie uit wil voeren, dient dat voor 1 december van dat jaar te laten registreren op het onderwijssecretariaat. Aan die registratie gaat een introductiegesprek met de begeleider vooraf. (Hiervoor dient de student zelf een afspraak te maken met de betreffende docent.) Tijdens dit verplichte introductiegesprek worden heldere afspraken gemaakt over opzet, aanpak en verplichte lectuur. Die verplichte lectuur is in de regel een selectie uit de in onderstaande lijst bij elk onderwerp vermelde teksten.
2. Voor 15 april dient een tussentijds evaluatiegesprek plaats te vinden; ook hiervoor maakt de student zelf een afspraak met zijn begeleider.
3. Voor 1 juni levert de student een schriftelijk verslag van maximum tien pagina’s in bij zijn begeleider, dat voor 15 juni door de docent wordt geëvalueerd en van commentaar voorzien.
4. Tijdens de examenperiode verzorgt de student een mondelinge presentatie over het door hem zelfstandig bestudeerde onderwerp.