Wetenschappelijke vaardigheden en kwantitatieve methodes

Studiegidsnr:1105FLWTLA
Vakgebied:Taalkunde en Taalbeheersing
Academiejaar:2019-2020
Semester:1e en 2e semester
Contacturen:45
Studiepunten:6
Studiebelasting:168
Contractrestrictie(s):Geen contractrestrictie
Instructietaal:Nederlands
Examen:2e semester
Lesgever(s)Hubert Meeus
Dominiek Sandra
Patricia Stoop

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof

3. Inhoud *

De inhoud van deze cursus is gebaseerd op twee grote doelen: (a) kritisch leren omgaan met bronnen voor wetenschappelijk onderzoek en er op een correcte en consistente manier kunnen naar verwijzen en (b) de basisconcepten van de statistiek aanleren.

Enerzijds wil deze cursus de studenten de theoretische achtergrond en de praktische basisvaardigheden bijbrengen die horen bij de verschillende stappen in een wetenschappelijk onderzoek in de taal- en letterkunde. Uitgaande van een wetenschappelijke vraagstelling leren de studenten bronnen en informatie verzamelen uit bibliografieën, bibliotheken en via internet. Daarbij wordt vooral aandacht geschonken aan de voornaamste naslagwerken op het gebied van de Duitse, Engelse, Franse, Italiaanse, Nederlandse en Spaanse taal- en letterkunde.In een tweede stap leren de studenten de gevonden primaire en secundaire bronnen kritisch evalueren en selecteren. De studenten maken kennis met de basisprincipes van de historische kritiek. Daartoe hoort ook kennis over de informatiedragers (handschrift, boek, cd-rom, website,...). Vooral het oude gedrukte boek uit de handpersperiode krijgt bijzondere aandacht, enerzijds om inzicht te verwerven in de technische aspecten van het boek als informatiedrager, anderzijds om als praktische oefening te dienen voor de andere vaardigheden aangeleerd in de cursus. In een derde stap leren de studenten de resultaten van een wetenschappelijk onderzoek presenteren (o.a. bibliografische beschrijvingen, citeren, literatuurverwijzingen e.d.)

Anderzijds wil de cursus de studenten leren kennismaken met de statistiek. Vrijwel elke vorm van wetenschappelijk onderzoek maakt op de een of andere manier gebruik van statistiek. Van zodra er gegevens worden verzameld in verband met bv. de frequentie van voorkomen van een bepaald fenomeen doet de vraag zich voor of die frequentie voldoende hoog is (of voldoende verschilt van de frequentie van een ander fenomeen) om betekenisvol te zijn op een theoretisch niveau. Die vraag kan enkel met behulp van de statistiek beantwoord worden. Tegenwoordig kan geen enkele student taalkunde een onderzoekspaper lezen of schrijven zonder een basisinzicht te hebben in het begrippenarsenaal van de statistiek.

Concreet worden in het onderdeel Statistiek de basisconcepten uit de beschrijvende en verklarende statistiek uitgelegd en worden er oefeningen gemaakt om die concepten te leren gebruiken. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling om dit te doen aan de hand van moeilijke wiskundige formules maar om vooral inzicht te geven op conceptueel niveau, zodat duidelijk wordt wat elk basisconcept precies betekent en waarom het zinvol is om het te gebruiken. Als er een formule gegeven wordt, zal de conceptuele basis van die formule duidelijk worden gemaakt, zodat de studenten in principe in staat zouden moeten zijn om de formule op basis van inzicht te reconstrueren. Basisconcepten die in de cursus aan bod komen zijn: het onderscheid tussen populatie en steekproef, schatters van de centrale tendens van een reeks getallen (en de onderliggende populatie), schatters van de variatie in een reeks getallen (en de onderliggende populatie), de normaalverdeling (gausscurve), z-waardes en p-waardes, confidentie-intervallen, ...