Deze cursusinformatie geeft aan hoe het onderwijs zal verlopen bij pandemieniveau code geel en groen.
Als er tijdens het academiejaar aangepast wordt naar code oranje of rood, zijn er wijzigingen mogelijk o.a. in de gebruikte werk - en evaluatievormen.

Specifieke onderzoeksmethoden en -technieken

Studiegidsnr:2007FOWERF
Vakgebied:Architectuur
Academiejaar:2020-2021
Semester:1e semester
Contacturen:60
Studiepunten:6
Studiebelasting:168
Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder examencontracten
Instructietaal:Nederlands
Examen:1e semester
Lesgever(s)Dirk Laporte
Bhumi Vanderheyden
Thomas Vanoutrive
Noortje Cools
Hélène Verreyke

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof

3. Inhoud *

Verplichte opleidingsonderdelen:

GIS ( Geografisch informatiesysteem)                       20 u       Thomas Van Outrive

Bouwhistorisch onderzoek                                          12 u       Bhumi Vanderheyden

Stratigrafisch onderzoek                                                4u        Noortje Cools

Twee keuzevakken te kiezen uit:

Archeologisch onderzoek + excursie                                         12 u      Hélène Verreyke

Iconografie & heraldiek & inventarisatietechnieken & kerkinterieur + excursie   12 u       Dirk Laporte

Paleografie                                                                                     12 u       Bhumi Vanderheyden 

 

Geografisch Informatie Systeem (GIS) Dit opleidingsonderdeel behandelt de theorie van geografische informatiesystemen (GIS) en hun toepassing. Naast een algemeen en meer theoretisch inleidend gedeelte, zijn er oefeningensessies waar studenten zelf leren GIS aan te wenden in functie van ruimtelijke vraagstukken.

Bouwhistorisch onderzoek: Dit vak vormt een introductie tot de discipline van het bouwhistorisch onderzoek. Het biedt een algemeen overzicht van wat bouwhistorisch onderzoek inhoudt, in welke vormen het frequent toegepast wordt binnen het werkveld en hoe een dergelijk onderzoek ondernomen dient te worden. Studenten krijgen tevens een overzicht van de belangrijkste bronnen en informatiekanalen voor dit type van onderzoek.  

Paleografie: Dit vak vormt een praktische introductie in de hulpwetenschap paleografie, specifiek toegespitst op het bouwhistorisch onderzoek. Met behulp van door de docent geleverde oefenteksten maken de studenten zich stelselmatig vertrouwd met verschillende schrifttypes van de late Middeleeuwen en de Nieuwe Tijd, en de moeilijkheden die voorkomen in teksten uit die periodes (afkortingen, cijfers, data, munteenheden, etc.). Via de oefenteksten (beginnersniveau) maken de studenten kennis met het bronnencorpus dat wordt aangesproken bij bouwhistorisch onderzoek, en de specifieke terminologie die daarin voorkomt. Het transcriberen gebeurt zowel in groep als individueel tijdens oefeningensessies. Iedere behandelde tekst wordt na transcriptie uitgebreid toegelicht. Op deze wijze bouwen de studenten ervaring op die nodig is om de vaardigheid van het lezen en begrijpen van historische geschriften te ontwikkelen.   

Iconografie, heraldiek en kerkelijk interieur: christelijke en mythologische iconografie ( 4u) Heraldiek (2u), terminologie, evolutie en inventarisatie kerkelijk interieur ( 4u), excursie kerkelijk interieur ( 2u).

Archeologisch onderzoek: Dit onderdeel behandelt de verschillende theoretische stromingen binnen de archeologie en geeft een overzicht van de meest gangbare prospectie- en opgravingstechnieken, niet-invasieve prospectietechnieken en dateringsmethoden. Deelaspecten van de archeologie  (zoals experimentele archeologie) en natuurwetenschappelijke onderzoekstakken (archeozoölogie, archeobotanie, petrografisch onderzoek...) worden uitgelegd aan de hand van recente cases. Tijdens de excursie maakt de student kennis met archeologisch onderzoek achter de schermen.