Language Variation and Change in Adults

Studiegidsnr:2019FLWTAA
Vakgebied:Taalkunde en Taalbeheersing
Academiejaar:2020-2021
Semester:2e semester
Contacturen:45
Studiepunten:6
Studiebelasting:168
Contractrestrictie(s):
Instructietaal:Engels
Examen:2e semester
Lesgever(s)Peter Petré

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof

3. Inhoud *

De cursus bestudeert taalverandering bij volwassenen, en wel vanuit twee complementaire perspectieven. Het sociolinguïstische perspectief benadert taalverandering als het gevolg van sociaal gedrag, het cognitieve-functionele als het gevolg van functionele optimalisering van de hersenen en/of onze spraakorganen. Centrale vragen die aan bod komen zijn: Is er een fundamenteel verschil tussen taalverandering bij volwassen taalgebruikers en kinderen? Kinderen zijn volop bezig hun moedertaal te verwerven. Hun hersenen zoeken en vinden in de taal die ze horen geleidelijk systematiciteit. Maar deze kan anders zijn dan die van wie ze taal leren. Dit kan dan leiden tot structurele taalverandering. Maar is het verschil met volwassenen echt zo groot als vaak gedacht wordt? Hoe diep gaat taalverandering bij volwassenen? Gaat het enkel om een oppervlakkig komen en gaan van nieuwe woorden als frietchinees of flitsmarathon? Of is er meer aan de hand en verandert de mentale grammatica, onze kennis van de taal in haar geheel op alle niveaus, ook nog na de eerste taalverwerving?

De doelstelling van deze cursus is een grondige uitdieping van deze vragen, toegepast op verschillende types van taalverandering:

1. Fonologisch: De sociolinguïstiek heeft individuele fonologische variatie intens bestudeerd. Een grote naam is Labov, die al in 1966 systematische uitspraakverschillen blootlegde tussen het cliënteel van kledingwinkels van drie verschillende prijsklasses. Een functionele traditie die veranderende uitspraak deels verbindt aan in essentie luie spraakorganen gaat minstens terug op Martinet in de jaren 1950.

2. Lexicaal: Onderzoek naar lexicale verandering is vooral sociolinguïstisch, met centrale aandacht voor sociale netwerken. Recent is er ook vernieuwde aandacht voor de cognitieve dimensie van lexicale verandering. Zo argumenteren Ramscar et al. (2014) dat wanneer oudere mensen er langer over doen om op hun woorden te komen, dit niet wijst op achteruitgang, maar komt omdat hun ervaring en woordenschat zoveel rijker is.

3. Syntactisch: De studie van syntactische verandering in individuen staat nog in haar kinderschoenen. De weinige sociolinguïstische historische studies (zoals Curie 2013) leveren geen duidelijk beeld op. De cognitieve benadering van syntactische verandering in individuen is zelfs nog jonger. Studenten zullen mee betrokken worden bij deze innovatieve benadering en kunnen onderzoeken in welke mate individuen tijdens hun leven niet-grammaticale constructies op een grammaticale manier beginnen gebruiken, aan de hand van een case als be going to, dat in de 17de eeuw voor het eerst gebruikt wordt als hulpwerkwoord van de toekomst, zoals in What I am going to tell you is really awesome, waar beweging niet langer aanwezig is.