Groeistage biologie

Studiegidsnr:2100ASEBIO
Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
Academiejaar:2019-2020
Semester:1e en 2e semester
Inschrijvingsvereisten:De student dient 10/20 behaald te hebben of moet ingeschreven zijn voor:
- Vakdidactiek biologie met oefenlessen
Contacturen:0
Studiepunten:5
Studiebelasting:140
Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder credit- en examencontracten
Instructietaal:Nederlands
Examen:2e semester
Lesgever(s)Annie Pinxten
Liesbeth Spithoven
Sabine Van Roose

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof

3. Inhoud *

Tijdens de groeistage oefenen de studenten op een diepgaander niveau hoe ze als vakleraar kunnen/moeten functioneren. Er zijn twee groeistages, deze tellen telkens 5 studiepunten. Per gekozen vakdidactiek wordt er een groeistage afgelegd. Indien een student slechts één vakdidactiek volgt, dan worden er twee groeistages voor deze vakdidactiek afgelegd.

 

De toewijzing aan stagescholen gebeurt in functie van de beschikbaarheid van stagescholen, rekening houdend met een aantal desiderata van de student.

Per groeistage wordt een andere school toegewezen, waar de student 15 stagelessen geeft, voorafgegaan door 4 lesobservaties. Een groeistage vindt plaats in het regulier secundair onderwijs en is gekoppeld aan het vereiste bekwaamheidsbewijs van de vakdidactiek. De stage kan plaatsvinden in aso, tso, bso of kso, afhankelijk  van het beschikbare aanbod in de toegewezen stageschool. De student maakt hierover zelf afspraken met de school/mentor. Bij studenten met één vakdidactiek worden de twee groeistages bij voorkeur in twee verschillende onderwijscontexten afgelegd (enerzijds aso, anderzijds bso, kso of tso). Voor volgende vakdidactieken kan de stage buiten het secundair onderwijs plaatsvinden: rechten, Spaans, Nederlands niet-thuistaal, wijsbegeerte, gezondheidswetenschapen, informatica.

 

De begeleiding op de stagescholen gebeurt door vakmentoren. In de praktijk zijn dat de vakleraren bij wie de studenten lesgeven. Vanuit de universiteit wordt de student begeleid en opgevolgd door de vakdidacticus en de praktijkassistenten. De groeistage is een continuüm waarbij de student in het begin sterk begeleid wordt en waarbij hij/zij zelfstandiger optreedt naarmate de stage vordert.

 

 Voor elke groeistage stellen de studenten een stagemap samen.

 

De evaluatie van de groeistage gebeurt door de vakdidacticus, die zich een totaalbeeld vormt van de stages op basis van stagebezoeken, de stagemap, informatie van de mentoren en van de student zelf. Om praktische redenen is het in veel gevallen niet mogelijk om tijdens de tweede zittijd te herkansen voor de groeistage.