Groeistage Nederlands niet thuistaal

Studiegidsnr:2100ASENNT
Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
Academiejaar:2019-2020
Semester:1e en 2e semester
Inschrijvingsvereisten:De student dient 10/20 behaald te hebben of moet ingeschreven zijn voor:
- Vakdidactiek Nederlands niet-thuistaal
Contacturen:0
Studiepunten:5
Studiebelasting:140
Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder credit- en examencontracten
Instructietaal:Nederlands
Examen:2e semester
Lesgever(s)Jordi Casteleyn
Helga Van Loo
Nele Van Mieghem

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof

3. Inhoud *

Tijdens de groeistages oefenen de studenten meer diepgaand hoe ze als vakleraar kunnen/moeten functioneren. De groeistages sluiten daarom aan bij de vakdidactiek(en). Wie twee vakdidactieken gekozen heeft, doet Groeistage X voor de ene vakdidactiek en Groeistage Y voor de andere.

Tijdens de groeistages maken de studenten kennis met verschillende onderwijscontexten en worden ze verbonden aan twee stagescholen. Het gaat daarbij zo mogelijk om verschillende onderwijsvormen. Eén van beide kan zich ook buiten het secundair onderwijs situeren, indien voor de gekozen vakdidactiek de onderwijsbevoegdheid binnen het secundair onderwijs te beperkt is.

In elk van beide groeistages moeten de studenten lessen observeren en lessen geven. Ze worden daarbij in de stagescholen begeleid door vakmentoren. In de praktijk zijn dat de vakleraren bij wie de student lesgeeft. Vanuit de universiteit wordt de student begeleid en opgevolgd door de vakdidacticus en de praktijkassistenten. De groeistages zijn een continuüm waarbij de studenten in het begin sterk begeleid worden en waarbij zij zelfstandiger optreden naarmate de stage vordert.

Aan de groeistages is ook groepssupervisie gekoppeld. Daarin worden de studenten begeleid door een supervisor die verbonden is aan de opleiding. De focus van deze supervisie is professionele ontwikkeling en de leerbegeleiding is gericht op zelfstandig leren leren. Studenten analyseren tijdens de sessies zorgvuldig hun handelen, denken, willen en voelen in onderwijssituaties om zich bewust te worden van hun onderwijsvisie en hoe deze hun onderwijspraktijk beïnvloedt. In de supervisie worden de persoonsgerichte aspecten van het professioneel handelen gethematiseerd en besproken. Centraal staat de bewustwording en ontwikkeling van de eigen professionele identiteit.