Deze cursusinformatie geeft aan hoe het onderwijs zal verlopen bij pandemieniveau code geel en groen.
Als er tijdens het academiejaar aangepast wordt naar code oranje of rood, zijn er wijzigingen mogelijk o.a. in de gebruikte werk - en evaluatievormen.

Grondige studie personenbelasting m.i.v. belastingen in een meergelaagde staatsstructuur

Studiegidsnr:2101RECPBL
Vakgebied:Rechten
Academiejaar:2020-2021
Semester:1e semester
Contacturen:45
Studiepunten:9
Studiebelasting:252
Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder examencontracten
Instructietaal:Nederlands
Examen:1e semester
Lesgever(s)Nicole Plets

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof

3. Inhoud *

Dit opleidingsonderdeel bevat twee componenten: belastingen in een meergelaagde staatsstructuur (onderdeel 1) en de personenbelasting (onderdeel 2).

In het eerste onderdeel komen de algemene principes van de Belgische fiscale bevoegdheidsverdeling aan bod. De Belgische meergelaagde staatsstructuur heeft immers aanleiding gegeven tot een verdeling van de fiscale bevoegdheden over de verschillende overheidsniveaus: federale overheid, deelstaten en territoriaal gedecentraliseerde besturen (lokale besturen). Bovendien moet ook rekening worden gehouden met de supranationale dimensie van de staatsstructuur (europeaniseringproces en mensenrechtenverdragen).

In het bijzonder wordt aandacht besteed aan de verruimde bevoegdheden die de gewesten ingevolge de zesde staatshervorming t.a.v. de personenbelasting verkregen. O.m. wordt dieper ingegaan op de gewestelijke personenbelasting, de nieuwe begrippen als de autonomiefactor, de gereduceerde belasting staat, ... en de berekening van de personenbelasting met een federale, gewestelijke en lokale component. Daarnaast komt ook het gebruik door de gewesten van hun bevoegdheden t.a.v. de personenbelasting aan bod. Hiermee wordt ook de link gelegd met het tweede onderdeel.

In het tweede - meest omvangrijke onderdeel - komen de principes van de gehele personenbelasting aan bod, met accent op de  inkomstencategorieën: onroerende inkomsten, beroepsinkomsten en diverse inkomsten, alsook de beginselen van de roerende inkomsten. De doelstelling van dit opleidingsonderdeel bestaat erin een duidelijk kader te bieden waarbinnen de verschillende elementen van de personenbelasting op een gestructureerde wijze kunnen worden ingepast. Deze benadering moet toelaten complexe fiscale problemen tot hun essentie terug te brengen en een oplossing te formuleren.

Aangezien de personenbelasting sterk onderhevig is aan wijzigingen, moet de werkwijze ook toelaten latere wijzigingen op een correcte wijze te plaatsen binnen het geheel en de concrete gevolgen van deze wijzigingen in te schatten.

De relevante bepalingen uit het WIB 92 en het KB/WIB 92 worden daarom als uitgangspunt genomen. Deze bepalingen worden vervolgens ontleed en besproken aan de hand van de administratieve onderrichtingen, rechtspraak en rechtsleer. Om de betekenis van de personenbelasting te begrijpen wordt daarbij zoveel als mogelijk ingegaan op de context waarbinnen bepaalde regels tot stand zijn gekomen en wordt eveneens gewezen op onvolkomenheden en onrechtvaardigheden in de fiscale wetgeving en administratieve interpretaties.

Er wordt eveneens uitvoerig aandacht besteed aan het invullen van het aangifteformulier in de personenbelasting en aan de belangrijkste elementen van de berekening van de verschuldigde belasting.

Dit alles wordt gerealiseerd via een aantal inleidende hoorcolleges (online en/of webcolleges) al dan niet met voorbereidende lectuur, werkcolleges en individuele en groepsopdrachten (schriftelijk: aangifte-opdrachten met mondelinge bespreking/toelichting).