Transportrecht

Studiegidsnr:2108TEWTEL
Vakgebied:Rechten
Academiejaar:2019-2020
Semester:1e semester
Contacturen:30
Studiepunten:3
Studiebelasting:84
Contractrestrictie(s):Geen contractrestrictie
Instructietaal:Nederlands
Examen:1e semester
Lesgever(s)Wouter Verheyen

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof

3. Inhoud *

Voor elke uitwisseling van goederen en berichten, en voor elke verplaatsing van personen die zij niet zelf verrichten, is vervoer nodig. De rechtstak, die betrekking heeft op het vervoer en de vervoermiddelen die daarbij worden gebruikt, is het vervoersrecht. Zijn belang neemt recht evenredig toe met de steeds groter wordende mobiliteit van personen, goederen en diensten.

Het opleidingsonderdeel “Transportrecht” kan, met 30 uur hoorcollege, enkel een algemeen overzicht bieden van deze ingewikkelde en uitgebreide rechtstak. Bovendien wordt het onderdeel aangeboden aan een publiek dat overwegend uit niet-juristen bestaat, zodat enige aandacht moet worden besteed aan bepaalde basisbegrippen, wat ten koste gaat van uitdieping van details. Het vervoer over zee en binnenwateren (het “natte” vervoer) komt slechts zeer summier aan bod.

De voornaamste doelstelling bestaat erin de student inzicht te verschaffen in het belang van deze rechtstak, in zijn onderlinge samenhang met andere grote onderdelen van het handels- en economisch recht, en in zijn nauwe verwevenheid met de technische en economische achtergrond van het vervoer van goederen en van personen.

Met het oog daarop wordt een algemeen theoretisch overzicht gegeven van de privaatrechtelijke structuren, die het vervoersrecht kenmerken.

Verder wordt getracht om de student een praktijkgerichte inleiding in de strikt juridische principes van het vervoersrecht te geven. Een aantal publiekrechtelijke structuren worden toegelicht, en een algemene uiteenzetting wordt gegeven over het onderscheid tussen de vervoersovereenkomst en een aantal ermee verwante of gelijkenis vertonende contracten. Veel aandacht wordt besteed aan de behandeling van specifieke regelingen per vervoerstak. Veruit het grootste deel hiervan wordt beheerst door internationale verdragen. Onder meer worden besproken:

  • het internationaal vervoer van goederen over de weg, voornamelijk geregeld door de CMR (1956);
  • het internationaal luchtvervoer, geregeld door het Verdrag van Montreal (1999), en de eraan voorafgaande historiek van het Verdrag van Warschau van 1929;
  • het internationaal spoorvervoer, voornamelijk geregeld door de COTIF (1999);
  • het multimodaal vervoer.

Zeer kort wordt aandacht besteed aan:

  • het internationaal vervoer over zee, voornamelijk geregeld door de Brusselse Cognossementsverdragen (1924 en 1968);
  • het vervoer over de binnenwateren, geregeld door de CMNI (2000) en de Wet Rivierbevrachting (1936).

Daarbij wordt aan de ene vervoerstak meer aandacht besteed dan aan de andere. Zo bv. wordt aan het wegvervoer disproportioneel veel tijd besteed (6 à 8 uur), omdat de afgestudeerde jurist, die zich niet verder in het vervoersrecht specialiseert, wellicht het meest kans heeft om daarmee in de praktijk in aanraking te komen.