Privaatrechtelijke vraagstukken inzake transport- en maritiem recht

Studiegidsnr:2114TEWTEL
Vakgebied:Rechten
Academiejaar:2020-2021
Semester:2e semester
Contacturen:30
Studiepunten:3
Studiebelasting:84
Contractrestrictie(s):Geen contractrestrictie
Instructietaal:Nederlands
Examen:2e semester
Lesgever(s)- NNB

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof

3. Inhoud *

In deze cursus wordt voortgebouwd op de algemene structuur, die in de inleidende cursussen over transportrecht en maritiem recht werd aangeboden.

Op het privaatrechtelijke vlak wordt aandacht besteed aan een aantal courante, dan wel actuele problemen die in het strikt juridische luik van het vervoer van goederen en personen rijzen.

Er wordt gewerkt rond specifieke onderwerpen, die van jaar tot jaar worden afgewisseld, o.m.:

  • IPR-aspecten van het transport, o.m. het op een vervoersovereenkomst toepasselijke recht (Verordening Rome I), de in het transport toepasselijke regels van rechtsmacht of internationale bevoegdheid (Verordening Brussel I), en hun verhouding tot de dwingend toepasselijke internationale transportverdragen;
  • De specifieke problemen in het Belgische procesrecht.
  • Enkele specifieke problemen betreffende het zeevervoersrecht, zoals het statuut van de zeevrachtbrief (sea waybill) in vergelijking met het klassieke cognossement, het vervoer aan dek van goederen, de toepassing van specifieke begrippen zoals zeewaardigheid en zeefortuin, en de mogelijke toekomstige regelgeving, zoals de Regels van Rotterdam;
  • Specifieke problemen van wegvervoer, zoals het vraagstuk van de omvang van de schadevergoeding onder gelding van art. 23 CMR, met bijzondere aandacht voor de douane- en gerelateerde kosten;
  • Specifieke problemen van spoorvervoer, zoals het toepassingsgebied van de COTIF in zijn versie van 1999.