Katrien Kolenberg tijdens een waarnemingscampagne van een sterverduistering door een asteroïde in Senegal, in het kader van de NASA LUCY-ruimtemissie (die onderweg is naar Jupiter).

Wat houdt je job en onderzoek in?

Ik ben professor astrofysica aan de Universiteit Antwerpen, met bijkomende aanstellingen aan de Vrije Universiteit Brussel en KU Leuven.
Mijn sterrenkundig onderzoek richt zich op het inwendige van sterren: door hun trillingen te bestuderen krijgen we inzicht in hoe sterren zijn opgebouwd en hoe ze evolueren. Daarnaast onderzoek ik hoe wetenschap op een betekenisvolle manier kan worden verbonden met de maatschappij. 

Naast mijn academisch onderzoek ben ik sterk actief in wetenschapsonderwijs en wetenschapscommunicatie. Ik werk vaak op het kruispunt van wetenschap en kunst, onder meer via datasonificatie, tentoonstellingen, performances en participatieve projecten, omdat ik ervan overtuigd ben dat wetenschap niet alleen begrepen, maar ook ervaren en gevoeld mag worden.
Daarnaast werk ik intensief samen met partners in ontwikkelingslanden en in regio’s waar astronomie nog in de kinderschoenen staat. Net daar zie ik een enorme interesse in wetenschap en een groot, vaak onderbenut talent. Via samenwerking rond onderzoek, onderwijs en wetenschapscommunicatie wil ik bijdragen aan duurzame capaciteitsopbouw en wederzijds leren, en tonen dat wetenschappelijk talent geen grenzen kent. 

Wat motiveert jou in je onderzoek en job en wat maakt het voor jou zo boeiend of uitdagend?

Wat mij drijft is nieuwsgierigheid, maar ook verwondering: de fascinatie voor het universum én voor hoe mensen zich daartoe verhouden. Wat mijn werk voor mij zo boeiend maakt, is de combinatie van onderzoek, onderwijs, communicatie en artistieke praktijk. Die veelzijdigheid is uitdagend, maar net daardoor bijzonder betekenisvol. Het geeft mij energie om wetenschap open te trekken en te delen, zeker met jongeren en met mensen die zich minder vanzelfsprekend aangesproken voelen door de wetenschappelijke wereld. Door te werken in verschillende (academische, culturele) contexten kan ik verschillende rollen combineren en tonen dat een wetenschappelijke loopbaan niet één vast traject hoeft te volgen.

Waarom is diversiteit (in gender, achtergrond, perspectieven) zo belangrijk in wetenschap? En wat kan er nog verbeteren op dat vlak?

Wetenschap floreert dankzij diversiteit. Verschillende achtergronden en perspectieven leiden tot rijkere vragen en sterkere inzichten. Toch zien we nog steeds ongelijkheden, vooral in doorstroming en zichtbaarheid.

Initiatieven zoals de International Day of Women and Girls in Science zijn belangrijk om rolmodellen zichtbaar te maken, maar structurele veranderingen blijven nodig: inclusieve werkculturen, ruimte voor verschillende loopbanen en erkenning van diverse vormen van wetenschappelijke impact, waaronder ook communicatie en ander creatief werk.

Tips voor toekomstige wetenschappers?

Laat je nieuwsgierigheid je kompas zijn en durf je eigen stem te volgen. Er is geen vast beeld van wat een wetenschapper ‘hoort te zijn’. Wetenschap heeft nood aan mensen die verschillende talenten en interesses combineren.
Zoek steun bij mentoren en peers, wees mild voor jezelf bij tegenslagen, en onthoud dat twijfel deel uitmaakt van het proces. En vooral: koester je verwondering, want die is vaak de meest duurzame motor voor een leven in de wetenschap.