Abstract
Het bestuur van complexe beleidsproblemen, zoals klimaatverandering, vereist de betrokkenheid van meerdere bestuursniveaus. Vooral in meerlagige systemen binnen de EU maakt de verdeling van bevoegdheden over niveaus intergouvernementele relaties (IGR) tussen deze niveaus onmisbaar. Hoewel er uitgebreide literatuur bestaat over de structuren en instituties van IGR, is er zeer weinig onderzoek naar IGR-praktijken op individueel niveau. Dit is opmerkelijk, aangezien de literatuur algemeen erkent dat het de beleidselites zelf zijn die beslissen hoe zij zich binnen deze structuren engageren in IGR. Dit project onderzoekt daarom hoe individuele beleidselites op subnationaal en nationaal niveau IGR benaderen en hoe dergelijke individuele IGR praktijken de beleidsprocedures en -uitkomsten mee beïnvloeden. De empirische focus ligt op de nationale positievorming m.b.t. EU-voorstellen voor klimaatbeleid. Het onderzoek maakt gebruik van een survey experiment om te analyseren hoe beleidselites IGR benaderen, en van deskresearch en interviewgegevens uit vier meerlagige systemen (België, Duitsland, Italië en Spanje) om te bestuderen hoe IGR op individueel niveau de vorming van een nationale positie beïnvloedt. Hierbij worden Qualitative Comparative Analysis (QCA) en process-tracing toegepast. Dit project draagt bij aan en integreert literatuur over IGR, politiek gedrag, federalisme en EU-klimaatbestuur, en aan het debat over de optimalisatie van nationale coördinatie van EU-beleid.
Onderzoeker(s)
Onderzoeksgroep(en)
Financiering
Project type(s)