Onderzoeksgroep

Media, ICT en interpersoonlijke relaties in Organisaties en Samenleving (MIOS)

Expertise

Social psychology, Applied psychology, Media psychology, (Mental) health problems, Online and offline risk and problem behavior, Online self-disclosure of personal information, Attitudes, Adolescents, Advanced Structural Equation Modeling, Actor-Partner Interdependence Modeling (APIM) Multigroup Comparison Analyses

Het misbruik van voorschriftplichtige stimulerende medicatie als leerpil door de Vlaamse studentenpopulatie: het proces van voorschrijven, verstrekken en verwerven. 01/10/2018 - 30/09/2021

Abstract

Uit een grootschalig onderzoek bij Vlaamse studenten blijkt dat een belangrijk deel van deze studenten (3 tot 10%) stimulerende medicatie –voornamelijk methylfenidaat zoals Rilatine, voorgeschreven om ADHD te behandelen– als een prestatieverhogend middel gebruikt. Los van de vraag of er in dit geval sprake is van oneerlijke concurrentie, kan het oneigenlijk gebruik van deze stimulantia ook schadelijke mentale en fysieke gezondheidseffecten hebben, waardoor het eveneens een onderzoeksprioriteit wordt. Hoewel we dus een zicht hebben op de prevalentie van dit oneigenlijk gebruik van stimulantia, is er bijna niets geweten over de karakteristieken van de gebruikers, de impact op het fysieke en mentale welzijn van de studenten en de psychosociale motieven van het misbruik van stimulerende middelen. Daarnaast verwachten we een hoger misbruik bij geneeskundestudenten, omwille van de sterk concurrerende omgeving waarin ze studeren en de gemakkelijke(re) toegang tot deze medicatie. Specifieke focus op de prevalentie en motieven van misbruik bij deze studentengroep is bijgevolg cruciaal. Bovendien is er een gebrek aan kennis over de aanbodszijde van dit volksgezondheidsprobleem. De voorgestelde studie heeft als doel om wetenschappelijke kennis te verzamelen over het misbruik van methylfenidaat in Vlaanderen. Meer bepaald zal het onderzoek trachten om de bovenvermelde onderzoeksnoden te lenigen: (1) welke groepen studenten misbruiken deze stimulantia en wat is de impact van dit misbruik op hun welzijn; (2) waarom stellen deze studenten dit gedrag; en (3) hoe geraken de studenten aan deze voorschriftplichtige geneesmiddelen? Het mixed-methods onderzoeksdesign bestaat uit 3 fasen, die elk 1 van de bovengenoemde onderzoeksdoelstellingen behandelen. Allereerst zal de beschikbare dataset van de kwantitatieve enquête bij Vlaamse studenten worden benut om de gebruikerspopulatie te identificeren en hun welzijn te meten (Studie 1). Op de tweede plaats zal een meer specifieke kwalitatieve en kwantitatieve dataverzameling worden uitgevoerd om de mechanismen die aan het misbruik ten grondslag liggen na te gaan (Studie 2). Hierbij zullen we eerst en vooral focussen op de studenten geneeskunde, vanwege een mogelijk hoger misbruik bij deze groep. Nadien zullen we ons richten tot alle studentengroepen. Hierbij zal een theoretisch model, beschreven in de literatuur, worden getest. Tenslotte zal een web-survey, alsook een kwalitatief onderzoek bij artsen en apothekers worden uitgevoerd om wetenschappelijke kennis over de aanbodszijde te genereren (Studie 3). Het voorgestelde onderzoek kan zowel theoretische als praktische implicaties hebben. Op theoretisch vlak is het de eerste studie die de complexe mechanismen ten grondslag aan het stimulantiamisbruik door studenten, zal exploreren. Praktisch gezien, zal de resulterende wetenschappelijke kennis ons in staat stellen om effectieve preventie-interventies op te stellen om de studenten van deze schadelijke gezondheidskeuzes te doen afzien.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

De impact van attitudes en gedrag van de doelgroep van de PVI-campagne 'Kop Op'. 01/01/2018 - 31/12/2018

Abstract

Smartphones zijn binnengedrongen in elk facet van ons leven. Hoewel mobiele apps en andere digitale toepassingen veel voordelen bieden, om relaties te onderhouden en informatie op te zoeken, geven meer en meer individuen aan te worstelen met hun smartphonegebruik. Het toenemende smartphonegebruik heeft een invloed op onder meer hun sociaal leven, beweging en slaapgewoonten, soms met negatieve gevoelens tot gevolg. Het Provinciaal VeiligheidsInstituut Antwerpen (PVI) heeft een een sensibiliseringscampagne ontwikkeld met als kernboodschap: Gebruik je smartphone bewust en, indien nodig, herstel de balans tussen je smartphonegebruik en je andere activiteiten. Om de impact van de ontwikkelde activatietools (zelftest, logging app, website) na te gaan werd een kwalitatieve (diepte-interviews) en kwantitatieve studie (survey) uitgevoerd waarin gepeild werd naar de voornaamste smartphonegewoontes en gebruiksmotieven en welke problemen/uitdagingen respondenten ervaren bij hun smartphonegebruik. Daarnaast worden de activatietools van de Kop Op campagne geëvalueerd en werd nagegaan in welke mate deelnemers vinden dat de tools aanzetten tot inzicht en bewuster smartphonegebruik. Ten slotte werden suggesties voor het vervolg van de campagne geformuleerd.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Project website

Cyberrelationeel geweld bij adolescenten: Op zoek naar de sociale, relationele en individuele antecedenten. 01/10/2017 - 30/09/2018

Abstract

Digitale technologieën bieden aan jonge daders van partnergeweld meer mogelijkheden om hun partners te kwetsen, controleren, stalken of lastig te vallen. Op dit ogenblik, is onderzoek over het recente fenomeen van cyberrelationeel geweld bij adolescenten hoofdzakelijk descriptief van aard en focust het vooral op de verbanden tussen negatieve gezondheid en andere risicogedragingen bij slachtoffers. Er is weinig geweten over de antecedenten van daderschap bij cyberrelationeel geweld. Om effectieve preventiestrategieën uit te bouwen, dient toekomstig onderzoek te focussen op de studie van daderschap vanuit aanvullende theoretische perspectieven. Dit zal ons in staat stellen om de verklarende kracht van de verschillende modellen te vergelijken en biedt aan professionelen informatie over hoe ze preventie-initiatieven op een effectieve manier kunnen afstemmen op de belangrijkste facilitators van daderschap bij cyberrelationeel geweld.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Project website

Waarom delen adolescenten persoonlijke informatie online? Onderzoek bij adolescenten naar het vrijgeven van persoonlijke informatie en beschermend gedrag op sociale netwerk sites. 01/10/2016 - 30/09/2020

Abstract

Het gebruik van sociale netwerksites (SNS) is gedurende het laatste decennium sterk gestegen. Gezien deze sites zich ontwikkelen op basis van persoonlijke informatie, stellen onderzoekers zich kritische vragen bij de mogelijke implicaties voor adolescenten wanneer ze persoonlijke informatie online meedelen. Nochtans zijn er nog belangrijke beperkingen terug te vinden in het huidige onderzoek rond het vrijgeven van persoonlijke informatie op SNS. Deze beperkingen vormen dan ook de inspiratie voor de doelstellingen van dit project. Ten eerste, de meeste studies zijn datagedreven, terwijl dit project wil vertrekken vanuit een theoretische basis. Het meedelen van persoonlijke informatie door adolescenten zal onderzocht worden aan de hand van complementaire theoretische modellen, met name de Theory of Planned Behavior en het Prototype Willingness Model. Daarnaast zal de Protection Motivation Theory en de Technology Threat Avoidance Theory gebruikt worden om zowel het bewustzijn als de ervaring die jongeren hebben met bepaalde risico's tijdens het meedelen van persoonlijke informatie op SNS te onderzoeken en na te gaan hoe dit beschermend gedrag stimuleert. Ten tweede maken de meeste studies gebruik van een cross-sectioneel onderzoeksdesign. Daarom is het implementeren van een longitudiaal onderzoekdesign de tweede doelstelling van dit project. Het gebruik van dit design maakt het mogelijk om de evolutie in de gedragingen van adolescenten, na het ervaren van concrete gevolgen van het meedelen van persoonlijke informatie, in kaart te brengen.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het misbruik van voorschriftplichtige stimulerende medicatie als leerpil door de Vlaamse studentenpopulatie: het proces van voorschrijven, verstrekken en verwerven. 01/10/2016 - 01/12/2018

Abstract

Uit een grootschalig onderzoek bij Vlaamse studenten blijkt dat een belangrijk deel van deze studenten (3 tot 10%) stimulerende medicatie –voornamelijk methylfenidaat zoals Rilatine, voorgeschreven om ADHD te behandelen– als een prestatieverhogend middel gebruikt. Los van de vraag of er in dit geval sprake is van oneerlijke concurrentie, kan het oneigenlijk gebruik van deze stimulantia ook schadelijke mentale en fysieke gezondheidseffecten hebben, waardoor het eveneens een onderzoeksprioriteit wordt. Hoewel we dus een zicht hebben op de prevalentie van dit oneigenlijk gebruik van stimulantia, is er bijna niets geweten over de karakteristieken van de gebruikers, de impact op het fysieke en mentale welzijn van de studenten en de psychosociale motieven van het misbruik van stimulerende middelen. Daarnaast verwachten we een hoger misbruik bij geneeskundestudenten, omwille van de sterk concurrerende omgeving waarin ze studeren en de gemakkelijke(re) toegang tot deze medicatie. Specifieke focus op de prevalentie en motieven van misbruik bij deze studentengroep is bijgevolg cruciaal. Bovendien is er een gebrek aan kennis over de aanbodszijde van dit volksgezondheidsprobleem. De voorgestelde studie heeft als doel om wetenschappelijke kennis te verzamelen over het misbruik van methylfenidaat in Vlaanderen. Meer bepaald zal het onderzoek trachten om de bovenvermelde onderzoeksnoden te lenigen: (1) welke groepen studenten misbruiken deze stimulantia en wat is de impact van dit misbruik op hun welzijn; (2) waarom stellen deze studenten dit gedrag; en (3) hoe geraken de studenten aan deze voorschriftplichtige geneesmiddelen? Het mixed-methods onderzoeksdesign bestaat uit 3 fasen, die elk 1 van de bovengenoemde onderzoeksdoelstellingen behandelen. Allereerst zal de beschikbare dataset van de kwantitatieve enquête bij Vlaamse studenten worden benut om de gebruikerspopulatie te identificeren en hun welzijn te meten (Studie 1). Op de tweede plaats zal een meer specifieke kwalitatieve en kwantitatieve dataverzameling worden uitgevoerd om de mechanismen die aan het misbruik ten grondslag liggen na te gaan (Studie 2). Hierbij zullen we eerst en vooral focussen op de studenten geneeskunde, vanwege een mogelijk hoger misbruik bij deze groep. Nadien zullen we ons richten tot alle studentengroepen. Hierbij zal een theoretisch model, beschreven in de literatuur, worden getest. Tenslotte zal een web-survey, alsook een kwalitatief onderzoek bij artsen en apothekers worden uitgevoerd om wetenschappelijke kennis over de aanbodszijde te genereren (Studie 3). Het voorgestelde onderzoek kan zowel theoretische als praktische implicaties hebben. Op theoretisch vlak is het de eerste studie die de complexe mechanismen ten grondslag aan het stimulantiamisbruik door studenten, zal exploreren. Praktisch gezien, zal de resulterende wetenschappelijke kennis ons in staat stellen om effectieve preventie-interventies op te stellen om de studenten van deze schadelijke gezondheidskeuzes te doen afzien.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het welbevinden van kinderen bij justitiële samenwerking in geval van internationale kinderontvoering 01/01/2016 - 31/12/2017

Abstract

In het project zal kwantitatieve data worden verzameld bij ouders met een kind dat internationaal ontvoerd is geweest. De kwantitatieve dataverzameling wordt gefinancierd door de Europese Commissie en is een samenwerking tussen Child Focus (Belgium), het Centrum Internationale Kinderontvoering (Centrum IKO, the Netherlands), Centre Français de Protection de l'Enfance - Enfants Disparus (CFPE, France), Missing Children Europe (MCE, the European umbrella organization for missing children) en Universiteit Antwerpen. De data zijn gebaseerd op de populatie en verschaffen informatie over socio-demografische, individuele, familiale en sociale kenmerken van ouders met een kind dat internationaal ontvoerd werd. Daarnaast zullen er kwalitatieve interviews worden afgenomen met adolescenten die ooit ontvoerd werden door een ouder.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Cyberrelationeel geweld bij adolescenten: Op zoek naar de sociale, relationele en individuele antecedenten. 01/10/2015 - 30/09/2017

Abstract

Digitale technologieën bieden aan jonge daders van partnergeweld meer mogelijkheden om hun partners te kwetsen, controleren, stalken of lastig te vallen. Op dit ogenblik, is onderzoek over het recente fenomeen van cyberrelationeel geweld bij adolescenten hoofdzakelijk descriptief van aard en focust het vooral op de verbanden tussen negatieve gezondheid en andere risicogedragingen bij slachtoffers. Er is weinig geweten over de antecedenten van daderschap bij cyberrelationeel geweld. Om effectieve preventiestrategieën uit te bouwen, dient toekomstig onderzoek te focussen op de studie van daderschap vanuit aanvullende theoretische perspectieven. Dit zal ons in staat stellen om de verklarende kracht van de verschillende modellen te vergelijken en biedt aan professionelen informatie over hoe ze preventie-initiatieven op een effectieve manier kunnen afstemmen op de belangrijkste facilitators van daderschap bij cyberrelationeel geweld.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Project website

Kom je dichterbij? Een longitudinale studie omtrent de zelfonthulling van adolescenten en de ontwikkeling van sociaal kapitaal in sociaalnetwerksites. 01/10/2014 - 30/09/2016

Abstract

Sociaalnetwerksites (SNS) zijn snel geëvolueerd tot het geprefereerde online communicatiemiddel van jongeren. Wanneer adolescenten SNS gebruiken, dan onthullen ze informatie over zichzelf omtrent, onder meer, hun persoonlijke ervaringen. Bovendien vormen ze nieuwe relaties en verdiepen ze bestaande contacten, wat bijdraagt tot hun sociaal kapitaal. Het onderzoek over jongeren, zelfonthulling en sociaal kapitaal vertoont echter enkele beperkingen die dit onderzoek wenst aan te pakken. Tot nu toe heeft onderzoek zich geconcentreerd op de studie van profielinformatie van SNS-gebruikers. Ook werden algemene schalen toegepast om zelfonthulling op SNS te meten. Nochtans kunnen jongeren veranderingen ervaren in domeinen die belangrijk zijn in hun persoonlijk leven, zoals hun uiterlijk en relaties. Ze zijn vaak ook geneigd om hierover op SNS te berichten. Daarom wil dit onderzoek het zelfonthullingsgedrag van jongeren in verschillende domeinen van hun persoonlijk leven op een longitudinale manier onderzoeken. Dit onderzoek wil inzicht verwerven in de manier waarop zelfonthulling in verschillende levensdomeinen zich ontwikkelt en gelinkt kan worden aan de voldoening die jongeren ervaren op psychologisch en sociaal vlak. Wat de psychologische aspecten betreft, wil dit onderzoek bijdragen aan de literatuur door de antecedenten (b.v. persoonlijkheidskenmerken) en gevolgen (b.v. welbevinden) na te gaan van het zelfonthullingsgedrag van adolescenten. Bovendien wordt nagegaan hoe voldoening op bepaalde vlakken leidt tot veranderingen in zelfonthulling. Wat de sociale aspecten betreft, onderzoekt deze studie de relatie tussen zelfonthulling en veranderingen in het sociaal kapitaal van jongeren. Maar ook hoe wijzigingen in sociaal kapitaal mogelijks zelfonthulling beïnvloeden, wordt longitudinaal onderzocht. Tot slot, naast de mogelijke positieve gevolgen van zelfonthulling op vlak van welbevinden en sociaal kapitaal, wordt de impact van negatieve ervaringen bestudeerd. In het bijzonder gaat het onderzoek na hoe zelfonthullingen kunnen leiden tot bepaalde negatieve gevolgen en hoe dit op zijn beurt zelfonthullingen kan beïnvloeden.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

AdLit : reclamegeletterdheid in een Nieuwe Media-omgeving : onderzoek naar de kennis van minderjarigen met betrekking tot overreding bij nieuwe advertentieformaten. 01/09/2014 - 31/08/2018

Abstract

Dit project wil nagaan in hoeverre minderjarigen gewapend zijn (m.a.w. in welke mate kunnen ze inhoud van reclame onderscheiden en zijn ze in staat om hier consequent mee om te gaan in hun handelen) tegen de nieuwe vormen die publiciteit aanneemt.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Stress en mentale gezondheid in gezinnen met verschillende inkomensniveaus: De tweede wave van een longitudinale multi-actor studie 01/02/2014 - 31/12/2014

Abstract

Opgroeien en leven in armoede en/of financiële onzekerheid veroorzaakt veel stress en moeilijkheden bij ouders en kinderen. Onderzoek naar de relatie tussen armoede, stress en welbevinden waarbij meerdere gezinsleden bevraagd worden is schaars. Het doel van dit project is een tweede wave van een longitudinaal multi-actor onderzoek uit te voeren, waarbij zowel moeder, vader als een kind uit eenzelfde gezin worden bevraagd.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Waarom delen adolescenten persoonlijke informatie online? Een longitudinale studie bij adolescenten naar het vrijgeven van persoonlijke informatie en beschermend gedrag op sociale netwerk sites. 01/01/2014 - 30/09/2015

Abstract

Het gebruik van sociale netwerksites (SNS) is gedurende het laatste decennium sterk gestegen. Gezien deze sites zich ontwikkelen op basis van persoonlijke informatie, stellen onderzoekers zich kritische vragen bij de mogelijke implicaties voor adolescenten wanneer ze persoonlijke informatie meedelen. Nochtans zijn er nog drie belangrijke beperkingen terug te vinden in het huidige onderzoek rond het vrijgeven van persoonlijke informatie op SNS. Deze beperkingen vormen dan ook de inspiratie voor de drie doelstellingen van dit project. Ten eerste spitsen de meeste studies zich toe op enerzijds de informatie die wordt meegedeeld op de online profielen en anderzijds de privacy-instellingen die gebruikt worden. Het vrijgeven van persoonlijke informatie terwijl men de SNS gebruikt is minder onderzocht. Door zowel de voorspellers als de gevolgen van het meedelen van persoonlijke informatie door adolescenten tijdens het gebruiken van SNS te analyseren, wil dit project een bijdrage leveren aan de literatuur. Daarenboven focust dit project ook op het beschermend gedrag van jongeren tijdens het gebruik van SNS. Ten tweede, de meeste studies zijn datagedreven, terwijl dit project wil vertrekken vanuit een theoretische basis. Het meedelen van persoonlijke informatie door adolescenten zal onderzocht worden aan de hand van een uitgebreid model gebaseerd op de Theorie van het Gepland Gedrag. Daarnaast zal de Protectie Motivatie Theorie gebruikt worden om zowel het bewustzijn als de ervaring die jongeren hebben met bepaalde risico's tijdens het meedelen van persoonlijke informatie op SNS te onderzoeken en na te gaan hoe dit beschermend gedrag stimuleert. Ten slotte maken de meeste studies gebruik van een cross-sectioneel onderzoeksdesign. Daarom is het implementeren van een longitudiaal onderzoekdesign de derde doelstelling van dit project. Het gebruik van dit design maakt het mogelijk om de evolutie in de gedragingen van adolescenten, na het ervaren van concrete gevolgen van het meedelen van persoonlijke informatie, in kaart te brengen.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Kinderen en persuasieve communicatie op het Internet. 01/10/2013 - 31/08/2016

Abstract

Dit project betreft fundamenteel kennisgrensverleggend onderzoek gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen. Het project werd betoelaagd na selectie door het bevoegde FWO-expertpanel

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Waarom delen adolescenten persoonlijke informatie? Een studie naar het vrijgeven van persoonlijke informatie en beschermend gedrag op sociale netwerk sites d.m.v. de Theorie van het Gepland Gedrag en de Protectie Motivatie Theorie. 01/10/2013 - 30/09/2014

Abstract

Dit longitudinaal onderzoek analyseert zowel de voorspellers als de gevolgen van het meedelen van persoonlijke informatie door adolescenten tijdens het gebruiken van SNS. Dit vrijgeven van informatie zal onderzocht worden aan de hand van een uitgebreid model gebaseerd op de Theorie van het Gepland Gedrag en het Prototype Willingness Model. Daarenboven focust dit onderzoek ook op het beschermend gedrag van jongeren tijdens het gebruik van SNS. Hiervoor zal de Protectie Motivatie Theorie gebruikt worden om zowel het bewustzijn als de ervaring die jongeren hebben met bepaalde risico's tijdens het meedelen van persoonlijke informatie op SNS te onderzoeken en na te gaan hoe dit beschermend gedrag stimuleert.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Leerstoel Veiligheidswetenschappen. 07/05/2013 - 31/12/2016

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds de opdrachtgever. UA levert aan de opdrachtgever de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Onderzoek naar de beeldvorming rond jong ouderschap bij kwetsbare jongeren. 01/02/2013 - 31/05/2013

Abstract

De doelstelling van dit onderzoek, in opdracht van het Vlaams departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media, is drieledig. Ten eerste wordt de representatie van jong ouderschap op de Vlaamse televisie geanalyseerd. Ten tweede zal gekeken worden naar de receptie van televisie-inhouden omtrent het onderwerp bij kwetsbare jongeren. Een derde, onderliggende, doelstelling bestaat erin om via participatieve onderzoekstechnieken na te gaan hoe kwetsbare jongeren betekenis geven aan de mediarepresentatie van jong ouderschap en welke rol sociale media kunnen spelen in dit proces van receptie en betekenisgeving.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Ouderlijke Stress en Probleemgedrag bij Adolescenten: De Mediërende Bijdrage van Opvoeding door Moeders en Vaders. Een Actor-Partner Interdependence Mediation Benadering. 01/01/2012 - 31/12/2012

Abstract

Het is een algemene trend dat vaders meer en meer betrokken zijn in het leven van hun kinderen. De meeste studies naar opvoedingsgedragingen besteden echter weinig aandacht aan de interactie van moeders en vaders hun opvoedingsgedragingen, en hoe deze opvoedingsgedragingen van beiden het gedrag van adolescenten beïnvloeden (Lamb, 2010). Met dit onderzoek willen we de directe en mediërende bijdrage van de opvoedingsgedragingen van moeders en vaders nagaan op het gedrag van hun kinderen. Eerst kijken we naar de bijdrage van de persoonlijke kenmerken van ouders en hun verschillende soorten stress die opvoedingsgedragingen vorm geven. Vervolgens kijken we naar de mediërende impact van de opvoedingsgedragingen van moeders en vaders op het probleemgedrag van hun adolescent. Voor dit onderzoek zal het Centrum voor Longitudinaal en Levensloop Onderzoek (CELLO) samenwerken met het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (HIG-HUBrussel).

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Cognitieve ontwikkeling in een digitale wereld: kinderen en persuasieve communicatie op het internet. 01/10/2011 - 30/09/2013

Abstract

Dit project betreft fundamenteel kennisgrensverleggend onderzoek gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen. Het project werd betoelaagd na selectie door het bevoegde FWO-expertpanel.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)