Onderzoeksgroep

Neurochemie en gedrag

Expertise

1) Metabole en neurochemische analyses 2) Gedragsfenotypering van muismodellen en preklinische evaluatie van symptomatische en preventieve therapeutische interventies in gevalideerde transgene muismodellen voor de ziekte van Alzheimer 3) Diagnostisch referentiecentrum biomerkers in dementie 4) Wetenschappelijke counseling 5) Hersenbank

Monoaminerge en neuro-inflammatoire markers bij dementie met Lewy lichaampjes ter verbetering van de differentiële dementiediagnostiek. 01/11/2019 - 31/10/2022

Abstract

Door een overlap in de klinische kenmerken en hersenafwijkingen bij dementie met Lewy lichaampjes (DLB) en de ziekte van Alzheimer wordt de oorzakelijke diagnostiek sterk bemoeilijkt. Daarnaast is er voor DLB nog altijd geen enkele goedgekeurde behandeling. Deze aanvraag beoogt daarom ook de identificatie van neurochemische markers in bloed (serum) en lumbaal vocht om zo de diagnostische accuraatheid tussen beide syndromen te vergroten. Gebaseerd op onze vorige resultaten, blijkt de locus coeruleus, een noradrenerge hersenstamkern, hierbij een sleutelrol te spelen. Hetzelfde geldt voor lipocalin-2 (LCN2), een ontstekingsparameter met verhoogde expressielevels in de substantia nigra. Samengevat zullen we (i) verscheidene neurochemische moleculen analyseren in serum en lumbaal vocht als mogelijke DLB-specifieke biomarkers met een aangetoond verband met de onderliggende hersenafwijkingen. Onze focus zal hierbij vooral liggen op het noradrenerge neurotransmittersysteem (3-methoxy-4-hydroxyfenylglycol; noradrenaline) en LCN2. Verder zullen we in detail bestuderen (ii) of deze markers voorspellend zijn voor de opvolgdiagnose en of ze geassocieerd zijn met eerder gemeten noradrenerge tracerwaarden na MIBG-scintigrafie. Tot slot zullen we heel nauwgezet (iii) hersenweefsel verwerken en analyseren om zo een duidelijk beeld te krijgen van de topografische verdeling van de alfa-synucleïne en Alzheimerpathologie, gelinkt aan de monoaminerge en neuro-inflammatoire markers eerder bepaald.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Voorspellen van conversie naar de ziekte van Alzheimer in downsyndroom: een gedragsmatige en neurochemische benadering. 01/01/2018 - 31/12/2021

Abstract

De ziekte van Alzheimer (AD) en aanverwante dementies zijn degeneratieve en onomkeerbare hersenziekten die worden gekenmerkt door geheugenverlies, gedragsmatige en psychologische symptomen (BPSD) en een (over) geactiveerde neuro-immuunrespons. Interessant is dat mensen met het syndroom van Down (DS) een versnelde veroudering vertonen en bovendien en een hoog risico lopen om AD in de loop van de tijd te ontwikkelen; inderdaad, 50-70% van de DS-individuen ontwikkelt AD. Vroegtijdige AD-diagnose en / of voorspelling van conversie naar AD is essentieel voor adaptieve zorg en adequate behandelingsinterventies. BPSD bij AD-patiënten wordt gediagnosticeerd met behulp van gevalideerde beoordelingsschalen. Er zijn echter geen BPSD-schalen beschikbaar voor DS. Ons eerste doel is daarom onze recent ontwikkelde BPSD-schaal, speciaal aangepast voor DS, te valideren en longitudinaal toe te passen in cohorten van DS-patiënten met en zonder dementie. Concentratieveranderingen in biogene amines, d.w.z. klassieke neurotransmitters en hun metabolieten, zijn in verband gebracht met BPSD. We hebben eerder ontdekt dat de serumconcentratie van de monoaminerge neurotransmittermetaboliet 3-methoxy-4-hydroxyphenylglycol (MHPG) de ontwikkeling van AD in DS kan voorspellen. Het huidige project heeft tot doel de biologische functionaliteit van het monoaminerge neurotransmittersysteem in menselijke hersenen, bloed en CSF-stalen te onderzoeken. We zullen ook in detail bestuderen hoe hersenpathologie typisch voor AD, zich ontwikkelt in DS. Ook zal bekeken worden of er locus coeruleus pathologie wordt waargenomen en hoe deze verband houdt met neurotransmitterveranderingen en symptomen van patiënten.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

GPCR dimerisatie in AD: van hersenexpressie tot therapeutisch potentieel 01/05/2018 - 30/04/2019

Abstract

GPCRs worden beschouwd als zeer relevante doelwitten voor de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen. Er is een groeiende interesse in GPCRs die hetero- of homodimers vormen als mogelijke nieuwe farmacologische doelen in een verscheidenheid van ziekten, waaronder AD en aanverwante vormen van dementie. De vertaling van GPCR-heterodimeren en -mozaïeken voor de ontdekking en ontwikkeling van nieuwe farmaca staan echter nog in de kinderschoenen en worden beperkt door het gebrek aan geschikte hulpmiddelen om deze bioconjugaten te bestuderen, evenals onvoldoende kennis van welke interacties essentieel en (patho)fysiologisch relevant zijn. Dit project zal een systematische screening van GPCR-expressie en subcellulaire lokalisatie verschaffen in menselijk hersenweefsel, evenals in een valide amyloïdosis muismodel. Dit muismodel zal bovendien aangewend worden voor een eerste proof-of-concept studie met een bivalent ligand gericht op een GPCR-heterodimeer relevant voor AD. Deze innovatieve therapeutische aanpak zou een belangrijke verschuiving in de behandeling van AD kunnen veroorzaken.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Ondersteuning proefdierenonderzoek rond dementie. 01/12/2016 - 30/11/2017

Abstract

Financiering van werkingssubsidie door het Instituut Born-Bung voor het uitvoeren van proefdieronderzoek rond dementie en andere hersenaandoeningen. Deze werkingssubsidie zal in hoofdzaak de nodige personeelsomkadering (en mogelijks in beperkte mate onderzoeksgerelateerde kosten) financieren.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het ontrafelen van monoaminerge veranderingen in de ziekte van Alzheimer geassocieerd met Downsyndroom 01/01/2016 - 31/12/2017

Abstract

Downsyndroom (DS), of trisomie 21, is de meest voorkomende genetische oorzaak van verstandelijke beperking bij de mens. Bovendien, ontwikkelen 50-70% van de DS individuen dementie als gevolg AD vóór de leeftijd van 70 jaar. Het bestuderen van dementie-gerelateerde mechanismen draagt niet enkel bij tot het ontrafelen van de pathofysiologie van DS, maar ook het beter begrijpen van AD. Het voorspellen van de progressie van AD in DS is een grote uitdaging in de klinische praktijk en essentieel voor adaptieve zorgverstrekking en therapeutische interventies. Onze hypothese is dat accurate herkenning van gedrags-en psychologische symptomen van dementie (behavioural and psychological symptoms of dementia, BPSD) vroegtijdige identificatie van risicopersonen kan verbeteren en aan de basis kan liggen van een niet-invasieve manier om de ontwikkeling van dementie te monitoren. Het ophelderen van de onderliggende neurobiologische mechanismen draagt bij tot verdere target identificatie voor de doelgerichte ontwikkeling van geneesmiddelen. Cognitieve deterioratie in AD kan niet worden voorkomen, maar specifieke gedragssymptomen kunnen verminderd worden waardoor de levenskwaliteit verbetert. BPSD worden in AD-patiënten worden gediagnosticeerd met behulp van gevalideerde vragenlijsten, maar helaas zijn geen specifieke BPSD-schalen beschikbaar voor DS. Concentratieveranderingen in monoaminerge systemen zijn geassocieerd met BPSD (bijvoorbeeld in AD). Eerdere studies wijzen op een voorspellende waarde van serum MHPG <at betreft de ontwikkeling van AD in DS. De belangrijkste doelstelling is derhalve (1) het ontwikkelen en valideren van een gedragsschaal voor BPSD DS die DS-specifieke omstandigheden in rekening brengt, (2) het bevestigen van onze eerder gerapporteerde bevindingen van veranderde serumconcentraties van monoaminerge neurotransmitters met betrekking tot de status van dementie en gedragsproblemen in DS, en (3) het ontrafelen van de centrale oorzaken van de gewijzigde monoaminerge concentraties, en MHPG in het bijzonder, in geselecteerde post mortem DS hersengebieden (met / zonder AD).

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

D-SCOPE : Detectie - Ondersteuning en zorg voor ouderen in hun omgeving . 01/01/2015 - 31/12/2018

Abstract

De gezondheidszorg wordt meer en meer geconfronteerd met ouderen die leiden aan een multitude van biopsychosociale problemen ('frailty', of kwetsbaarheid als gevolg van een mix aan problemen), maar toch verkiezen om in hun eigen thuisomgeving oud te worden. Als dergelijke fragiliteit niet tijdig gedetecteerd en accuraat ondersteund wordt kan dit leiden tot een daling van de levenskwaliteit van de oudere en zijn omgeving, en wordt ook het zelfstandig thuis wonen bedreigd. Hoewel er talrijke ondersteuningskanalen bestaan, ontbreekt er tot op vandaag een systematische en tijdige detectie van kwetsbaarheid bij ouderen alsook een actieve begeleiding/empowerment naar de juiste ondersteuning in de directe omgeving van de oudere. De centrale onderzoeksvraag van dit project is: "Hoe kan primaire/secundaire/tertiaire preventie bij kwetsbare ouderen gerealiseerd worden?"

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het ontrafelen van het farmaceutische potentieel van receptorheterodimeren voor therapeutische interventie bij stoornissen van het centraal zenuwstelsel. 01/01/2015 - 31/12/2017

Abstract

Dit onderzoeksproject heeft als doelstelling een beter inzicht te verkrijgen in de moleculaire basis van GPCR heterodimeren met een focus om acetylcholine- (M1), dopamine- (D2) en glutamaat- (MGluR5) receptoren gezien hun belang bij signalisatie in het centraal zenuwstelsel.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Onderzoek in het domein van de neurochemie. 01/10/2012 - 30/09/2013

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds Inst. Born Bunge. UA levert aan Inst. Born Bunge de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Een geïntegreerd onderzoek naar de pathogenese van neurodegeneratie (NEUROBRAINNET). 01/04/2012 - 31/12/2017

Abstract

Het netwerk zal zich richten op neurodegeneratieve ziekten van het centraal zenuwstelsel, zoals de ziekte van Alzheimer, frontotemporale kwab degeneratie, Lewy body dementie, de ziekte van Parkinson en verwante aandoeningen inclusief amyotrofe lateraal sclerose. Het netwerk heeft tot doel een beter inzicht te verkrijgen in de neurodegeneratieve processen die tot deze ziekten leiden. Deze ernstige aandoeningen, die sterk toenemen in prevalentie door de veroudering van de samenleving, hebben een zeer grote invloed op de kwaliteit van leven van patiënten en hun naasten, en hebben uiteindelijk de dood tot gevolg, vaak na een lang en slopend ziekteverloop. De ziekten hebben wereldwijd zeer grote socio-economische gevolgen, maar een efficiënte behandeling is nog altijd niet voor handen.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Modellen van cerebellair lijden: preklinisch en klinisch. 01/10/2011 - 30/09/2016

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds Neurosearch. UA levert aan Neurosearch de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Pathofysiologische mechanismen in amyloidosis muismodellen. 01/10/2011 - 30/09/2014

Abstract

Dit project betreft fundamenteel kennisgrensverleggend onderzoek gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen. Het project werd betoelaagd na selectie door het bevoegde FWO-expertpanel.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Biobanking en dementie mib van alzheimer en glaucoma. 15/09/2011 - 30/09/2018

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds MRFA. UA levert aan MRFA de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Multiple Sclerose, een multidisciplinaire benadering. 01/01/2010 - 31/12/2019

Abstract

Het FWO WOG-multiple sclerose is een netwerk dat Vlaamse wetenschappers en clinici die onderzoek doen naar multiple sclerose (MS) en andere neurodegeneratieve ziekten samenbrengt. MS is een demyeliniserende aandoening van het centrale zenuwstelsel met een inflammatoire en neurodegeneratieve component. Het is de meest voorkomende neurologische aandoening bij jonge mensen in West-Europa die zowat 1 op 1000 personen treft. De ziekte is ongeneeslijk en heeft een grote medische en socio-economische impact. De huidige medicatie blijft gebrekkig qua effectiviteit en gaat vaak gepaard met ernstige nevenwerkingen. Gezien de complexiteit van de ziekte, en de teleurstellende vooruitgang in de ontwikkeling van goede medicatie, is een drastische koerswijziging vereist in de wetenschappelijke aanpak. Hierbij moeten teams met een wetenschappelijke expertise in diverse deelaspecten op een multi- en interdisciplinaire wijze samenwerken om inzicht te krijgen in het ziektemechanisme en betere behandelingen te kunnen ontwikkelen. Hoewel er in onze buurlanden reeds een sterk uitgebouwd netwerk van MS-onderzoeksgroepen bestond, was dit in Vlaanderen niet het geval tot aan de oprichting van de FWO WOG-MS. Dit terwijl er ook in Vlaanderen meerdere uitmuntende onderzoeksgroepen zijn die elk op verschillende aspecten van MS werken. Om de samenwerking en interactie tussen deze groepen te bevorderen is er in 2010 de WOG-MS opgericht met behulp van FWO financiering. Dit heeft ertoe geleid dat de samenwerking tussen de deelnemende onderzoekgroepen sterk is gegroeid. Dit blijkt onder andere uit de gezamenlijke projectaanvragen, publicaties en de veelvuldige uitwisseling van pre- en postdoctorale onderzoekers . Tevens heeft dit geleid tot een toegenomen interactie met de Vlaamse klinische centra, buitenlandse MS-netwerken en MS-patiënten. Het oprichten van het FWO WOG-MS heeft ervoor gezorgd dat het MS onderzoek in Vlaanderen momenteel een grotere internationale bekendheid geniet. Dit toont aan dat het een zeer succesvol initiatief betreft waar nood aan was binnen Vlaanderen. De recent goedgekeurde verlening van de FWO financiering voor de onderzoeksgemeenschap stelt ons in staat het netwerk te versterken door de samenwerking tussen de partnergroepen verder uit te bouwen en de nationale en internationale zichtbaarheid van het netwerk te vergroten. Het wordt alsmaar duidelijker dat juist inzicht in alle facetten van de ziekte MS essentieel is voor de ontwikkeling van effectievere therapieën. Overleg tussen groepen die onderzoek doen naar verschillende aspecten van de ziekte via een multidisciplinaire aanpak zal dan ook leiden tot vernieuwende inzichten en een efficiënte ontwikkeling van meer gerichte therapieën.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Karakterisering van nieuwe targets voor de behandeling van het Fragiele X Syndroom. 01/01/2010 - 31/12/2011

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds IWT. UA levert aan IWT de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Karakterisatie en validatie van biologische merkers bij dementie en mild cognitive impairment. 01/10/2009 - 30/09/2011

Abstract

Mild cognitive impairment (MCI) is klinisch syndroom dat zich bevindt op de interface tussen normale veroudering en dementie. MCI-patiënten vertonen cognitieve stoornissen, die echter niet ernstig genoeg zijn om een diagnose van dementie te kunnen stellen. MCI-patiënten hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van een dementie. Door de vergrijzing van de bevolking zal het aantal dementerenden de komende decennia fors toenemen. De ontwikkeling van biologische merkers voor vroegtijdige diagnose van dementie (en met name de ziekte van Alzheimer) is van groeiend belang gezien de toekomstige beschikbaarheid van medicijnen die het ziekteverloop kunnen beïnvloeden. Dit onderzoeksproject beoogt de identificatie van genetische (APOE) en biologische merkers (eiwitten als ß-amyloïd, tau en fosfo-tau in makkelijk toegankelijke lichaamsvochten als lumbaal vocht en ook bloedplasma) met een voorspellende waarde voor de conversie naar dementie bij MCI-patiënten. Ook zal nagegaan worden of en in welke mate deze merkers kunnen differentiëren tussen verschillende vormen van dementie als de ziekte van Alzheimer, frontotemporale dementie, dementie met Lewy bodies en vasculaire dementie. De verschillende patiëntenpopulaties zullen tevens uitvoerig gedragsmatig, genetisch, neurochemisch en neuropathologisch gekarakteriseerd worden.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Neurochemische karakterisatie van gedragsstoornissen bij dementie. 01/10/2009 - 30/09/2010

Abstract

Primaire doelstelling: Identificeren van correlaties tussen neurotransmittersystemen en -concentraties in specifieke hersenregio's en BPSD bij patiënten met diverse neuropathologisch geconfirmeerde neurodegeneratieve en gemengd degeneratieve-vasculaire vormen van dementie. De voorspellende waarde van veranderde neurotransmitterconcentraties (= neurochemische merkers) voor bepaalde gedragsprofielen bij dementie zal eveneens worden nagegaan

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Geïntegreerde benadering naar het ontrafelen van de pathogenese van CNS en PNS aandoeningen. 01/01/2008 - 31/12/2014

Abstract

De onderzoeksactiviteiten in het onderzoeksexcellentiecentrum NEURO zijn toegespitst op moleculaire genetica en klinische neurologie van neurodegeneratieve ziekten van het centrale zenuwstelsel zoals Alzheimer dementie, de ziekte van Parkinson, frontaal temporale dementie, amyotrofe laterale sclerose en verwante hersenaandoeningen, en het perifere zenuwstelsel zoals motorische en/of sensorische neuropathieën en verwante aandoeningen. Het centrum brengt basis en klinische onderzoekers samen van het Departement voor Moleculaire Genetica, VIB, en het Instituut Born Bunge, die twee belangrijke neurowetenschappelijk activiteiten vertegenwoordigen aan de Universiteit van Antwerpen. De algemene doelstelling van het excellentie centrum is het beantwoorden van een reeks fundamentele vragen aangaande de pathofysiologie van ziekteprocessen die leiden tot neurodegeneratie. In het bijzonder het ophelderen van biologische ziekteprocessen door de identificatie van nieuwe genen en genetische risicofactoren evenals van genen die functiemodificatie veroorzaken, door het analyseren van functionele netwerken waarin de eiwitten functioneren die gecodeerd worden door deze genen, en uiteindelijk, door het aanleveren van mogelijkheden tot vroege diagnose, prognose, preventie en behandeling.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Merkers met een voorspellende waarde voor conversie naar dementie bij patiënten met Mild Cognitive Impairment. 01/01/2008 - 31/12/2009

Abstract

Mild cognitive impairment (MCI) is een etiologisch heterogeen ziektebeeld dat zich kenmerkt door milde cognitieve stoornissen. MCI patiënten hebben een verhoogd risico om een dementie te ontwikkelen. Het doel van dit onderzoeksproject bestaat uit de identificatie van klinische variabelen (gedragsprofielen) en biomerkers (APOE genotype en¿¿-amyloïd1-42, totaal tau en tau gefosforyleerd op serine 181 in cerebrospinaal vocht) met een voorspellende waarde voor conversie naar dementie bij MCI-patiënten.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Biochemische, elektrofysiologische en ultrastructurele analyse van neurotoxische APP klievingsproducten in transgene muismodellen voor amyloïdosis. 01/10/2007 - 30/09/2011

Abstract

Dit project betreft fundamenteel kennisgrensverleggend onderzoek gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen. Het project werd betoelaagd na selectie door het bevoegde FWO-expertpanel.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Karakterisatie en validatie van biologische merkers bij dementie en mild cognitive impairment. 01/10/2007 - 30/09/2009

Abstract

Mild cognitive impairment (MCI) is klinisch syndroom dat zich bevindt op de interface tussen normale veroudering en dementie. MCI-patiënten vertonen cognitieve stoornissen, die echter niet ernstig genoeg zijn om een diagnose van dementie te kunnen stellen. MCI-patiënten hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van een dementie. Door de vergrijzing van de bevolking zal het aantal dementerenden de komende decennia fors toenemen. De ontwikkeling van biologische merkers voor vroegtijdige diagnose van dementie (en met name de ziekte van Alzheimer) is van groeiend belang gezien de toekomstige beschikbaarheid van medicijnen die het ziekteverloop kunnen beïnvloeden. Dit onderzoeksproject beoogt de identificatie van genetische (APOE) en biologische merkers (eiwitten als ß-amyloïd, tau en fosfo-tau in makkelijk toegankelijke lichaamsvochten als lumbaal vocht en ook bloedplasma) met een voorspellende waarde voor de conversie naar dementie bij MCI-patiënten. Ook zal nagegaan worden of en in welke mate deze merkers kunnen differentiëren tussen verschillende vormen van dementie als de ziekte van Alzheimer, frontotemporale dementie, dementie met Lewy bodies en vasculaire dementie. De verschillende patiëntenpopulaties zullen tevens uitvoerig gedragsmatig, genetisch, neurochemisch en neuropathologisch gekarakteriseerd worden.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Antwerpse Biobank van het Instituut Born Bunge: ondersteuning kernfaciliteiten. 01/05/2007 - 31/12/2015

Abstract

De voornaamste onderzoeksprojecten van de verschillende laboratoria van het IBB zijn nu gericht op de studie van de ziekte van Alzheimer en aanverwante aandoeningen, ziekte van Parkinson, frontotemporale dementies, de ziekte van Creutzfeld-Jacob epilepsie, perifere neuropathieën en spieraandoeningen. Het IBB richt zich op een betere integratie en correlatie van fundamentele, klinische en neuropathologische gegevens betreffende neurologische aandoeningen gebruikmakend van moleculaire genetica, biochemie, experimenteel onderzoek naar gedragsveranderingen en computationele neurowetenschappen. De Antwerpse biobank is onderdeel van een collectief initiatief van de onderzoekseenheden van het IBB departement Neurologie dat verder bouwt op de oorspronkelijke hersenbank.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Een geïntegreerde benadering voor het ontrafelen van de pathogenese van CNS en PNS neurodegeneratieve aandoeningen. 01/01/2007 - 31/12/2011

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds de federale overheid. UA levert aan de federale overheid de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Transplantatie van embryonale stamcel-afgeleide neurale stamcellen na ruggenmerg- en hersentrauma. 01/01/2007 - 31/12/2010

Abstract

In dit project stellen we als hypothese dat transplantatie van zeer specifiek gedefinieerde embryonale stamcel-afgeleide neurale stamcellen (ES-NSC), genetische gemodificeerd ter secretie van neurotrofe factoren, zal bijdragen tot versneld en/of verbeterd herstel na TBI en SCI. Dit versnelde en/of verbeterde herstel kan het gevolg zijn van: A) een verminderd secundair neuraal verlies door secretie van neurotrofe factoren, en/of B) een verhoogd neuraal herstel door functionele integratie van getransplanteerde ES-NSC en /of gerekruteerde endogene NSC.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

    Histopathologische validatie en karakterisatie van biologische merkers voor dementie. 01/01/2007 - 31/12/2010

    Abstract

    De doelstellingen van dit onderzoekspraject bestaan uit de histopathologische validatie en een betere karakterisatie van neurochemische merkers van dementie. Dit zal leiden tot een beter inzicht in de betekenis van veranderde biomerkerconcentraties en de relaties ervan tot de onderliggende pathofysiologie van dementie. Met studieontwerp, waarbij neuropathologische en neurochemische analysen verricht worden in verschillende neurotransmitterkernen van de hersenen, staat hierbj] centraal, temeer daar de verschillende neurochemische merkers ook in het CSV bepaald zullen worden. De implicaties en toepassingsmogelijkheden zijn het gevolg van een beter en meer doelmatig gebruik van biomerkers in de dagelijkse klinische praktijkc (I) betere en snellere diagnostiek van dementie; (2) identificatie van subgroepen met een verhoogd risico voor het ontwikkelen van specifleke fenotypische kenmerken; (3) counseling: betere inzichten in veranderde biomerkerconcentraties laten toe uitspraken te doen over prognose en het verdere ziekteverloop in functie van de door dit onderzoek vastgestelde associaties met fenotypische kenmerken. Het onderzoeksproject zal tevens toelaten de verschiilende ziektegroepen neuropsychologisch, gedragsmatig, genetisch en neurochemisch te karakteriseren en subgroepen van patiënten met gemeenschappelijke biochemische en of gedragsmatige karakteristieken te definieren. Deze nieuwe pathofysiologische inzichten kunnen aangewend worden voor de ontwikkeling van nieuwe en selectievere farmaca en/of andere innoverende, toekomstige therapieën ter behandeling van dementie en preventie van gedragsstoornissen bij dementie.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Is de GABA (A) receptor een therapeutisch doelwit voor de behandeling van het Fragiele X-Syndroom ? 01/01/2007 - 31/12/2008

    Abstract

    Het fragiele X syndroom is de meest voorkomende vorm van erfelijke mentale retardatie. In onze onderzoeksgroep werd consistente onderexpressie aangetoond van de delta-subeenheid van de gamma-aminoboterzuurreceptor A in hersenen van fragiele X knock-out muizen, een gevalideerd diermodel voor het fragiele X syndroom. GABAA-receptoren zijn de voornaamste inhiberende receptoren in de hersenen betrokken bij (psychische) angst, depressie, epilepsie, insomnia en leer en geheugen, processen die ook bij fragiele X patiënten verstoord zijn. Dit project tracht, gebruik makend van moleculaire technieken, een beter inzicht te verwerven in de rol van de GABAA-receptor in het fragiele X syndroom. Tevens willen we onderzoeken of de GABAA-receptor een geschikt doelwit is voor de therapeutische behandeling van dit syndroom. Er zijn reeds een aantal geneesmiddelen op de markt die specifiek inwerken op de GABAA-receptor.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    De voorspellende waarde van biochemische parameters waaronder aminozuren en aminozuuranalogen voor de prognose van een acuut ischemisch cerebrovasculair accident. 01/10/2006 - 30/09/2008

    Abstract

    We wensen praktisch toepasbare parameters te identificieren voor een gerichte selectie van de individuele patiënt met een beperkt risico op complicaties en een significante kans op een voordelig effect van behandeling met thrombolyse en in de toekomst misschien neuroprotectie. In het kader van een ruimer wetenschappelijk initiatief rond CVA onderzoeken wij in dit project of bepaalde aminozuren en aminozuuranalogen in plasma of serum en cerebrospinaal vocht (CSV) bij patiënten met een acuut ischemisch CVA een voorspellende waarde hebben voor: 1. de discriminatie tussen transiënte cerebrale ischemie (waarvoor behandeling met thrombolyse uiteraard niet aangewezen is) en CVA. 2. de differentiatie tussen de subtypes van CVA volgens de TOAST-criteria, gezien de optimale behandeling kan verschillen naar gelang het subtype van CVA. 3. de omvang van het CVA. 4. het risico op hemorrhagische omvorming, zowel spontaan als na behandeling met thrombolyse. 5. het risico op vroegtijdige neurologische deterioratie. 6. het risico op maligne cerebrale oedeemvorming. 7. het risico op epilepsie. 8. de functionele status en mortaliteit 1 jaar na het ischemische CVA.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Functionele peptidomics. 01/03/2006 - 28/02/2010

    Abstract

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Onderzoeksexcellentiecentrum NEURO. 01/01/2006 - 31/12/2007

    Abstract

    Het OEC NEURO legt zich toe op biomedisch onderzoek van neurodegeneratieve hersenziekten van het centrale zenuwstelsel zoals Alzheimer dementie, de ziekte van Parkinson en frontaalkwab dementie. Bij deze ziektes treedt neurodegeneratie op: zenuwfuncties gaan verloren omdat zenuwcellen afsterven. Bij een kleine groep patiënten kan neurodegeneratie verklaard worden door een erfelijke mutatie, maar bij de meeste patiënten is er sprake van een complexe mix van genetische en omgevingsfactoren. Vandaag is er nog geen therapie of medicatie beschikbaar die deze ziektes kan stoppen of voorkomen, of die neurodegeneratie kan omkeren. De kerngroep van het OEC-NEURO wordt gevormd door de VIB8 - Neurodegeneratieve Hersenziekten groep. Daarnaast maakt ook het IBB - laboratorium voor Neurochemie en Gedrag ook deel uit van NEURO.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Identificatie en karakterisatie van neurochemische merkers voor dementie. 01/01/2006 - 31/12/2006

    Abstract

    Het doel van dit onderzoeksproject is de identificatie en karakterisatie van neurochemische merkers bij patiënten met diverse neurodegeneratieve en gemengde degeneratieve vascularie vormen van dementie. Deze neurochemische merkers zullen gecorreleerd worden met fenotypische (cognitieve- en gedragsstoornissen), genetische en histopathologische kenmerken.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Karakterisatie en validatie van biologische merkers van dementie en mild cognitieve impairment. 01/10/2005 - 30/09/2008

    Abstract

    Dit onderzoeksproject zal de plaats en de rol van biologische merkers in het diagnostisch proces van MCI en dementie vaststellen en op die manier tegemoet komen aan de toenemende nood voor een vroege, etiologische diagnose van dementie. Het includeren van een grote patiëntenpopulatie (waarvan een substantieel gedeelte een pathologisch confirmeerde diagnose zal hebben), sluit het bestaan van vals-negatieve resultaten uit. Het onderzoeksproject zal tevens toelaten de verschillende ziektegroepen beter te karakteriseren.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Moleculair biologische, farmacologische, neurochemische en gedragsmatige genotypering van muismodellen voor dementie. 01/10/2005 - 30/09/2007

    Abstract

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Gedragsfenotypering van transgene muismodellen voor humane aandoeningen met cognitieve deficiëntie : etiologisch onderzoek en innoverende therapieën. 01/01/2005 - 31/12/2008

    Abstract

    Het voorgestelde project dat betrekking heeft op etiologisch verschillende aandoeningen, zal volgens vele auteurs bijdragen tot een beter algemeen begrip van de invloed van genetische factoren op cognitie en gedrag. Bovendien zal het ontdekken van gemeenschappelijke patronen kunnen leiden tot betere behandeling of zelfs preventie van de aandoeningen in kwestie. Resultaten die verband houden met de behandeling van een welbepaalde (neurogenetische) aandoening kunnen mogelijk veralgemeend worden naar de behandeling van gelijkaardige of verwante aandoeningen.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Is de GABA (A) receptor een therapeutisch doelwit voor de behandeling van het Fragiele X-Syndroom ? 01/01/2005 - 31/12/2006

    Abstract

    Het fragiele X syndroom is de meest voorkomende vorm van erfelijke mentale retardatie. In onze onderzoeksgroep werd consistente onderexpressie aangetoond van de delta-subeenheid van de gamma-aminoboterzuurreceptor A in hersenen van fragiele X knock-out muizen, een gevalideerd diermodel voor het fragiele X syndroom. GABAA-receptoren zijn de voornaamste inhiberende receptoren in de hersenen betrokken bij (psychische) angst, depressie, epilepsie, insomnia en leer en geheugen, processen die ook bij fragiele X patiënten verstoord zijn. Dit project tracht, gebruik makend van moleculaire technieken, een beter inzicht te verwerven in de rol van de GABAA-receptor in het fragiele X syndroom. Tevens willen we onderzoeken of de GABAA-receptor een geschikt doelwit is voor de therapeutische behandeling van dit syndroom. Er zijn reeds een aantal geneesmiddelen op de markt die specifiek inwerken op de GABAA-receptor.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Klinisch en dierexperimenteel onderzoek van de neurochemische en gedragsmatige aspecten van 'Behavioural and Psychological Signs and Symptoms of Dementia" (BPSD). 01/10/2004 - 30/09/2006

    Abstract

    Het dierexperimentele onderzoeksluik van dit project gaat na in welke mate het APP23 model (Sturchler-Pierrat et al., 1997) zulke gedragsstoomissen ontwikkelt naast de reeds aangetoonde cognitieve deterioratie (voor review zie Van Dam et al., in druk). Deze-evaluatie van BPSD-gerelateerde gedragingen leidt tot een meer uitgebreid gevalideerd diermodel voor AD, hetgeen nieuwe perspectieven kan openen voor toekomstige behandelingsmogelijkheden. In een parallellopend klinisch luik, worden dementerende patienten gevolgd binnen het kader van een prospectieve, longitudinale studie. Het zoeken naar neurochemische correlaten van BPSD bij deze patienten doen we onder meer door een concentratiebepaling van biogene amines en hun metabolieten, aminozuren en componenten van het cholinerge systeem in serum, cerebrospinaal vocht (CSV) en hersenweefsel.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Pathobiochemie en neurotoxiciteit van guanidinederivaten. 01/10/2004 - 31/12/2004

    Abstract

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Ondersteuning van neurologisch en cardiovasculair wetenschappelijk onderzoek uitgevoerd door de UA door / of in samenwerking met de Born-Bunge Stichting. 01/01/2004 - 31/12/2007

    Abstract

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Identificatie van genetische factoren verantwoordelijk voor milde mentale retardatie. 01/01/2004 - 31/12/2007

    Abstract

    In tegenstelling tot ernstige mentale retardatie, dat meestal veroorzaakt wordt door defecten in een enkel gen, wordt milde mentale retardatie veroorzaakt door een veelvoud aan genetische factoren of QTLs. Wij willen een QTL verantwoordelijk voor milde mentale retardatie identificeren gebruik makende van een outbred HS muismodel. Twee extreem presterende kolonies zullen gefokt worden uitgaande van een enkele outbred kolonie door backcross en selectie. Merker analyse zal de QTLs verantwoordelijk voor het leerdefect opsporen.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Design and validation of a neurophysiological test of cognition in multiple sclerose. 01/10/2002 - 30/09/2006

    Abstract

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Neurochemische corelaten van gedragsstoornissen en psychologische tekens en symptomen bij detentie van het Alzheimer type en frontale kwab dementie. 01/10/2002 - 30/09/2004

    Abstract

    Het doel van de actuele studie is het zoeken naar neurochemische correlaten van BPSD in een populatie van DAT en FLD patiënten. Aandacht zal gaan naar paranoïde wanen, psychotische kenmerken, aggressiviteit, affectieve stoornissen en angst. Schalen voor BPSD zullen worden gebruikt voor standardisatieredenen en omwille van de mogelijke quantificatie van observaties. Voornamelijk serotonerge en catecholaminerge neurotransmitter systemen zullen worden onderzocht omwille van hun veronderstelde rol bij de pathofysiologische processen onderliggend aan psychose, aggressief gedrag, depressie en angst. Aangezien aminozuurneurotransmitter evenmin systematisch zijn bestudeerd bij deze patiënten met betrekking tot BPSD, zullen we tevens zoeken naar correlaties in dit verband. Patiënten zullen worden vergeleken met leeftijdsgepaarde controles teneinde de specificiteit van de bevindingen te kunnen nagaan.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Fosfomannomutase-genen bij mens en muis : karakterisatie van een nieuwe gen-familie en ontwikkeling van een model voor het Carbohydraat-Deficient Glycoproteïne syndroom type I (CDG1). 01/01/2002 - 31/12/2003

    Abstract

    Congenitale aandoeningen van de glycosylatie zijn een groep van erfelijke metabole aandoeningen gekenmerkt door defecten in de N-glycosylatie van cellulaire en serumeiwitten. Verschillende types van dergelijke aandoeningen zijn bekend, maar de fosfomanomutase-deficiëntie, CDG-Ia, blijft de meest frequente vorm. De humane aandoening CDG-Ia, die gepaard gaat met ernstige stoornissen van het centrale zenuwstelsel en verschillende andere orgaansystemen, bleek te wijten aan mutaties in het PMM2-gen. Het huidige project heeft tot doel de expressie en de karakteristieken van de PMM's te onderzoeken, alsook transgene muismodellen te construeren om de functie van de PMM's verder te onderzoeken. De inmiddels beschikbare PMM1-knockoutmuizen werden reeds onderworpen aan een batterij van gedragstests en bleken op geen van de onderzocht neurogedragsmatige functies significant te verschillen van controledieren. Constructie van een PMM2-knockout behoort tot een van de belangrijkste doelstellingen van het huidige project en deze zal eveneens op verschillende functies onderzocht worden. Bij de gedragsmatige studie van deze modellen wordt steeds gebruik gemaakt van tests voor verschillende aspecten van het gedrag van muizen (locomotorische activiteit, exploratie, motorische coördinatie, emotionele responsen, verschillende vormen van leren en conditionering, etc.).

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Ontwikkeling en validering van muizenmodellen voor gemengd-type dementie : Alzheimer-type vasculaire dementie en post-traumatische dementie. 01/10/2001 - 30/09/2003

    Abstract

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

      Verdere analytische studie van het argininemetabolisme. 01/01/2001 - 30/09/2001

      Abstract

      Onderzoeker(s)

      Onderzoeksgroep(en)

        Correlatieve gedragsstudies van enkele diermodellen van dementiële syndromen. 01/10/2000 - 30/09/2003

        Abstract

        In het voorgestelde project zullen we enkele diermodellen onderzoeken van aandoeningen die gepaard gaan met cognitieve stoornissen. Drie modellen zullen deel uitmaken van deze studie: (1) transgene muizen die mutant humaan amyloïdprecursorproteïne (hAPP) tot expressie brengen (model voor de ziekte van Alzheimer); (2) transgene muizen waarbij het gen dat codeert voor arylsulfatase A (ASA) geïnactiveerd werd (model voor metachromatische leukodystrofie); (3) muizen waarbij door chirurgische ingreep renale insufficiëntie werd geïnduceerd (model voor uremische encefalopathie). Bij de gedragsmatige studie van deze modellen zal steeds gebruik worden gemaakt van tests voor verschillende aspecten van het gedrag van muizen (locomotorische activiteit, exploratie, motorische coördinatie, emotionele responsen, verschillende vormen van leren en conditionering, etc.). Verder zullen de gedragsobservaties zo veel mogelijk gerelateerd worden aan electrofysiologische (cellulaire electrofysiologie en electro-encefalografie), neuro-chemische (chromatografische analyse van aminozuren, aminozuurderivaten en neurotransmitters in weefsels en vochten) en histopathologische (in samenwerking met onderzoekers van Janssen Research Foundation) metingen.

        Onderzoeker(s)

        Onderzoeksgroep(en)

          Neurochemische correlaten van gedragsstoornissen en psychologische tekens en symptomen bij dementie van het Alzheimer type en frontale kwab dementie. 01/10/2000 - 30/09/2002

          Abstract

          Het doel van de actuele studie is het zoeken naar neurochemische correlaten van BPSD in een populatie van DAT en FLD patiënten. Aandacht zal gaan naar paranoïde wanen, psychotische kenmerken, aggressiviteit, affectieve stoornissen en angst. Schalen voor BPSD zullen worden gebruikt voor standardisatieredenen en omwille van de mogelijke quantificatie van observaties. Voornamelijk serotonerge en catecholaminerge neurotransmitter systemen zullen worden onderzocht omwille van hun veronderstelde rol bij de pathofysiologische processen onderliggend aan psychose, aggressief gedrag, depressie en angst. Aangezien aminozuurneurotransmitter evenmin systematisch zijn bestudeerd bij deze patiënten met betrekking tot BPSD, zullen we tevens zoeken naar correlaties in dit verband. Patiënten zullen worden vergeleken met leeftijdsgepaarde controles teneinde de specificiteit van de bevindingen te kunnen nagaan.

          Onderzoeker(s)

          Onderzoeksgroep(en)

            Evaluatie van uremische retentiestoffen als kandidaat neurotoxines. 01/01/2000 - 31/12/2003

            Abstract

            Dit project beoogt een multidisciplinaire studie van uremische neurotoxines. In een eerste faze zal worden gezocht naar de identiteit van de retentiestoffen. Er zal worden overgegaan tot fractionering van de uremische biologische vloeistoffen. De fracties zullen worden getest in verschillende in vitro en in-vivo settings (respectievelijk op neuronen in cultuur en bij proefdieren na ICV of meer gelocaliseerde applictie). Effecten op neurotransmissie, excitotoxiciteit en gedragsmanifestaties (epilepsie en cognitie) zullen worden nagegaan. In tweede instantie zal de graad van eiwitbinding van de geïdentificeerde uremische retentiestoffen worden nagegaan. Daaropvolgend zou worden gepoogd de dialyseerbaarheid van desbetreffende stoffen te optimaliseren.

            Onderzoeker(s)

            Onderzoeksgroep(en)

            Studie van het fragiele X gen in de mens en in transgene muizen. 01/01/2000 - 31/12/2001

            Abstract

            Door middel van constructie van nieuwe transgene muislijnen zal de fysiologische functie van het fragile X gen en de pathogenetische mechanismen die leiden tot het fragiele X syndroom, de meest voorkomende vorm van erfelijke mentale retardatie, bestudeerd worden. Een lijn met een puntmutatie (lle 304 Asn) en een lijn met een onstabiele CGG repeat zullen gegenereerd worden. Naar analogie met de humane patiënt met de puntmutatie, verwachten wij in de puntmutatiemuis een ernstiger fenotype dan in de knock-out muizen die wij reeds genereerden en bestudeerden. De lijn met de verlengde CGG repeat maakt het mogelijk het mechanisme en het moment van repeat vermenigvuldiging te bestuderen in een diermodel. Bovendien zal door middel van biochemische studies de mogelijkheid dat FMR1 betrokken is bij transcriptie onderzocht worden. Ook zal de invloed van geselecteerde geneesmiddelen op het verstandelijke vermogen en het gedrag van de transgene muizen getest worden.

            Onderzoeker(s)

            Onderzoeksgroep(en)

              Realisatie van het simultaan opnemen van electroencephalografie (EEG) en nucleaire magnetische resonantie beeldvorming (MRI) in epilepsie diermodellen met het oog op bronlokalisatie en vaststelling van hersenschade. 01/10/1999 - 30/09/2001

              Abstract

              De krachtigste toepassing van MRI zou echter kunnen komen uit de combinatie van anatomische en functionele MRI data met simultaan verkregen EEG informatie. De fMRI data kan dan worden geanalyseerd in functie van de hersentoestand en het EEG kan tevens dienen als trigger voor het opnemen van fMRI-data. In het raamwerk van dit project zullen we een opstelling ontwikkelen met dewelke we simultaan fMRI en EEG data kunnen verwerven. Ook de nieuwe Mn++ MRI techniek zal gecombineerd worden met simultane EEG opname. Deze simultane technieken zullen op gekende epilepsie diermodellen worden ontwikkeld. Daarna zullen ze worden gebruikt voor bronallocatie in nieuwe epilepsiemodellen.

              Onderzoeker(s)

              Onderzoeksgroep(en)

                Ontwikkeling en validering van muizenmodellen voor gemengd-type dementie : Alzheimer-type vasculaire dementie en post-traumatische dementie. 01/10/1999 - 30/09/2001

                Abstract

                Onderzoeker(s)

                Onderzoeksgroep(en)

                  Correlatieve gedragsstudies van human amyloid precursor proteine-transgene muizen. 01/10/1997 - 30/09/2000

                  Abstract

                  Het project beoogt de karakterisering van vermoedelijk modellen van dementie en/of geretardeerde cognitieve ontwikkeling. Een groot aantal verschillende gedragsobservatietechnieken zal aangewend worden, zoals daar zijn, actief en passief vermijdingsleren, doolhofontsnappingsleren, conditionerlng d.m.v. beloning, testen van activiteit en neuromotorisch functioneren, sociale exploratie, anz, De centrale klemtoon zal liggen op transgene muizen die humane amylo'd-precursorproteines tot expressie brengen. Er zal getracht worden de gedragsmatige (incl. neurocognitieve) deficieten te begrijpen en te correleren met alteraties in neurotransmittersystemen m.b.v. mycrodialyse en HPLC.

                  Onderzoeker(s)

                  Onderzoeksgroep(en)

                    Realisatie van het simultaan opnemen van electroencephalografie (EEG) en nucleaire magnetische resonantie beeldvorming (MRI) in epilepsie diermodellen met het oog op bronlokalisatie en vaststelling van hersenschade. 01/10/1997 - 30/09/1999

                    Abstract

                    De krachtigste toepassing van MRI zou echter kunnen komen uit de combinatie van anatomische en functionele MRI data met simultaan verkregen EEG informatie. De fMRI data kan dan worden geanalyseerd in functie van de hersentoestand en het EEG kan tevens dienen als trigger voor het opnemen van fMRI-data. In het raamwerk van dit project zullen we een opstelling ontwikkelen met dewelke we simultaan fMRI en EEG data kunnen verwerven. Ook de nieuwe Mn++ MRI techniek zal gecombineerd worden met simultane EEG opname. Deze simultane technieken zullen op gekende epilepsie diermodellen worden ontwikkeld. Daarna zullen ze worden gebruikt voor bronallocatie in nieuwe epilepsiemodellen.

                    Onderzoeker(s)

                    Onderzoeksgroep(en)

                      Gedragsmatige en neurochemische validatie van modellen voor cognitieve retardatie en deterioratie. 01/01/1997 - 31/12/2002

                      Abstract

                      Het project behelst de gedragsmatige en neurochemische inschatting van de characteristieken en mogelijke validiteit van recent ontwikkelde transgene en chirurgische muismodellen van de ziekte van Alzheimer, HIV1 geassocieerde dementie, metachromatische leukodystrofie, fragiele X mentale retardatie en uremische encefalopathie. Gedragsmatige onderzoekstechnieken omvatten verschillende testprocedures en -systemen voor reflexen, motorische coordinatie, spierkracht, kooi- en "open field" activiteit en ruimtelijk, omkerings- en vermijdingsleren. Neurochemische technieken omvatten de analyse van neurotransmitters en geassocieerde produkten in weefsel- en microdialysestalen d.m.v. HPLC, ELISA en enzymactiviteiten.

                      Onderzoeker(s)

                      Onderzoeksgroep(en)

                        Gezicht : dynamische verwerking, plasticiteit en geheugen. 01/01/1997 - 31/12/2001

                        Abstract

                        De ULO groep zal enerzijds de activiteit van tientallen zenuwcellen in het cerebellum (kleine hersenen) van de rat registreren en anderzijds methodes ontwikkelen en implementeren om dergelijke gegevens efficiÙnt te analyseren. De studie van de neurale activiteit in het cerebellum past in het kader van het onderzoek binnen het laboratorium theoretische neurobiologie (Prof. De Schutter) naar de werking van de kleine hersenen en is complementair aan de neurale netwerkmodellen die ontwikkeld worden. Het laboratorium theoretische neurobiologie staat ook in voor de analyse van de multi-unit gegevens bekomen in de visuele schors van de aap (Prof. Orban, KUL).

                        Onderzoeker(s)

                        Onderzoeksgroep(en)

                          Verdere studie van de neurochemische en gedragsmatige alteraties bij uremische encefalopathie. 01/10/1995 - 31/12/1996

                          Abstract

                          Het project streeft een verdere kennis van de pathofysiologische basis van de neurologische complicaties gerelateerd aan nierfalen na. Hierbij worden neurochemische en gedragsmatige alteraties nagegaan in vivo en zullen de wijzigingen worden gecorrreleerd met post-mortem neuropathologisch onderzoek. Het GSA-geinduceerde encefalopathiemodel evenals het genetisch polycystisch renale falen en de nefrectomie-geinduceerde chronische nierinsufficientie worden bestudeerd. Een microdialysesysteem wordt aangewend, waar toepasselijke voor GSA-toediening en in alle gevallen voor sampling van CSV en interstitieel vocht.

                          Onderzoeker(s)

                          Onderzoeksgroep(en)

                            Guanidinederivaten en hersenfunctie : neurochemische, neurofysiologische en gedragseffecten van uremische en hyperarginimenische guanidine-derivaten. 01/10/1993 - 30/09/1995

                            Abstract

                            Het project beoogt een verdergezette studie van de neurotoxiciteit van deze LMTs en hun actiemechanismen bij hun vermoede bijdrage in de pathogenese van de uremische en hyperargininemische encefalopathie. Gedragsmatige, (electro)fysiologisch, cytotoxisch en neurochemisch (analyses, receptor bindingsstudies) onderzoek worden verricht.

                            Onderzoeker(s)

                            Onderzoeksgroep(en)

                              Neurotoxiciteit en actiemechanismen van laag-moleculaire toxines in metabole encefalopathieÙn 01/01/1993 - 31/12/1996

                              Abstract

                              Het project beoogt een extensieve studie van de neurotoxiciteit van deze LMTs en hun actiemechanismen bij hun vermoede bijdrage in de pathogenese van de uremische en hyperargininemische ecefalopathie. Gedragsmatige, (electro) fysiologisch, cytotoxisch en neurochemisch (analyses, receptor bindingsstudies) onderzoek worden verricht.

                              Onderzoeker(s)

                              Onderzoeksgroep(en)

                                Studie van de neurotoxiciteit van de LMTs en hun bijdrage in de pathogenese van de uremische en hyperargininemische encefalopathie. 01/10/1992 - 30/09/1993

                                Abstract

                                Het project beoogt een verdergezette studie van de neurotoxiciteit van deze LMTs en hun actiemechanismen bij hun vermoede bijdrage in de pathogenese van de uremische en hyperargininemische encefalopathie. Gedragsmatige, (electro)fysiologisch, cytotoxisch en neurochemisch (analyses, receptor bindingsstudies) onderzoek worden verricht.

                                Onderzoeker(s)

                                Onderzoeksgroep(en)

                                  Actiemechanismen van laag moleculaire neurotoxines (LMTs) in metabole encefalopathie. 01/01/1991 - 31/12/1991

                                  Abstract

                                  Onderzoeker(s)

                                  Onderzoeksgroep(en)