Onderzoeksgroep

Expertise

Preklinisch, translationeel en klinisch onderzoek in het veld van de spier- en inspanningsfysiologie.

Nazorg na Pediatrische Brandwonden: Determinanten van Herstel en Hervatten van Fysieke Activiteiten 01/07/2026 - 30/06/2030

Abstract

Kinderen met brandwonden staan voor een lang hersteltraject dat ver reikt voorbij het ontslag uit het ziekenhuis. Hoewel de acute zorg in België sterk gespecialiseerd is, is er weinig bekend over hoe kinderen en hun families het fysieke, psychologische en sociale herstel doormaken, vaak binnen gefragmenteerde nazorgsystemen. Deze post-ontslagfase blijft een cruciale maar onderbelichte lacune in de pediatrische brandwondenzorg en het onderzoek. De literatuur focust vooral op acute uitkomsten en chirurgisch succes, waardoor de bredere biopsychosociale en langdurige gevolgen bij kinderen, vanuit hun perspectief, onvoldoende begrepen zijn. Hierdoor zijn nazorgtrajecten vaak ad hoc en variabel, met risico op het missen van cruciale kwetsbare momenten. Dit gebrek aan systematisch inzicht leidt tot onvervulde noden, vertraagde psychosociale ondersteuning, moeizame re-integratie thuis en op school, en een verminderde gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven. Fysieke activiteit is een belangrijk aspect om de kwaliteit van leven te verbeteren en om deel te nemen aan sociale activiteiten. Het blijft echter onduidelijk welke onderliggende mechanismen en determinanten de deelname aan fysieke activiteit beïnvloeden, en hoe deze betrouwbaar en valide gemeten kunnen worden bij kinderen met brandwonden. Dit project pakt deze belangrijke kennislacune aan via de eerste uitgebreide studie naar nazorg bij kinderen met brandwonden in België. Het doel is om systematisch de belangrijkste biopsychosociale determinanten van herstel en deelname aan fysieke activiteit te identificeren en theoretisch te onderbouwen, en om deze constructen te operationaliseren en te meten bij kinderen met brandwonden en hun families doorheen het herstelproces, evenals om te bepalen waar en waarom discontinuïteiten in de zorg optreden. Door perspectieven van kinderen, ouders en zorgverleners uit verschillende Belgische brandwondencentra te integreren, overstijgt het project een louter klinisch perspectief en hanteert het een kind- en familiegerichte revalidatiebenadering. Daarmee gaat het project verder dan een beschrijvende mapping en beoogt het fundamentele inzichten te genereren in de mechanismen die hersteltrajecten aansturen, wat een basis kan vormen voor toekomstig hypothesegedreven en interventiegericht onderzoek. Het project is opgebouwd uit drie fases. In de eerste fase worden de fysieke, psychologische en sociale uitdagingen onderzocht waarmee kinderen met brandwonden en hun families worden geconfronteerd. Daarnaast worden leeftijdsgematchte gezonde kinderen gerekruteerd om vergelijkende analyses mogelijk te maken en de bevindingen te contextualiseren. In de tweede fase worden bestaande medische en psychosociale opvolgpraktijken in kaart gebracht via focusgroepen met multidisciplinaire zorgverleners uit brandwondencentra, met als doel sterktes, variaties en mogelijke hiaten in zorgtrajecten te identificeren. In de derde fase wordt, op basis van deze bevindingen, de basis gelegd voor een aansluitend translationeel project om een evidence-based nazorgmodel co-creatief te ontwikkelen en te implementeren, met aanbevelingen voor geïntegreerde, multidisciplinaire opvolging en versterkte biopsychosociale ondersteuning tijdens kritieke overgangsfasen. Methodologisch is het project innovatief door het combineren van ervaringsgegevens met analyse van zorgtrajecten om een conceptueel kader van herstel na brandwonden bij kinderen te ontwikkelen. De identificatie en meting van kernconstructen die ten grondslag liggen aan nazorgnoden en discontinuïteiten worden zo onderbouwd. Conceptueel draagt het project bij aan het werkveld door een theoretisch gefundeerd kader voor herstel na brandwonden bij kinderen te ontwikkelen, waarin de belangrijkste biopsychosociale constructen en hun onderlinge relaties worden gedefinieerd en empirisch getoetst kunnen worden. De sterke translationele oriëntatie verzekert dat de resultaten direct relevant en toepasbaar zijn in de praktijk.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Financiering

  • BOF

Project type(s)

  • Onderzoeksproject

Het ENERGE project: het ontrafelen van de rol van het endocannabinoïde systeem in metabole & inflammatoire inspanningsreacties: naar nieuwe biomarkers & therapeutische targets. 01/07/2025 - 30/06/2029

Abstract

Obesitas en aanverwante stofwisselingsziekten vormen wereldwijd een belangrijke uitdaging voor de gezondheid. De huidige behandelingen voor obesitas richten zich op gewichtsverlies, maar kunnen leiden tot verlies van vetvrije massa, wat een negatieve invloed heeft op de gezondheid. Hoewel bekend is dat lichaamsbeweging de spierkwaliteit en het metabolisme verbetert en ontstekingen vermindert, is er nog weinig bekend over de onderliggende mechanismen die deze gunstige effecten veroorzaken. Het endocannabinoïde systeem (ECS), dat bioactieve lipiden zoals anandamide omvat, speelt een sleutelrol bij het reguleren van metabolisme en ontsteking. Dysregulatie van het ECS wordt in verband gebracht met metabole stoornissen, vooral bij obesitas. De precieze rol van het ECS in inspanningsgeïnduceerde adaptaties, vooral in de context van obesitas, blijft echter onduidelijk. Dit project onderzoekt de invloed van het ECS op metabole en inflammatoire reacties op duurtraining bij obesitas. De doelstellingen van dit onderzoek zijn ontworpen om kritieke hiaten in ons begrip van de rol van het ECS in inspanningsadaptatie en zijn potentieel voor therapeutische interventie te vullen. Het onderzoek is gestructureerd rond vier hoofddoelen: 1. Identificatie van weefsels die bijdragen aan de toename van eCB niveaus bij inspanning. 2. Onderzoek naar de effecten van dieet-geïnduceerde obesitas op eCB responsen bij acute inspanning. 3. Herstel van eCB responsen op acute inspanning in obese muizen. 4. Evaluatie van de effecten van herstelde ECS-responsen tijdens chronische training op obesitasgerelateerde metabole, inflammatoire en fitnessresultaten. Het onderzoek zal gebruik maken van een vet- en fructose-rijk dieet geïnduceerd obesitasmodel bij muizen om de metabole verstoringen geassocieerd met obesitas te simuleren. Een combinatie van moleculaire analyses, metabole testen en farmacologische interventies zal worden gebruikt om de eCB niveaus en activiteit te beoordelen, evenals hun relatie met belangrijke metabole en inflammatoire regulatoren. De studie zal ook onderzoeken hoe deze interventies de trainingsprestaties en de aanpassingen aan zowel acute als chronische duurinspanningen beïnvloeden. Uiteindelijk kunnen de resultaten van dit onderzoek waardevolle inzichten verschaffen in de rol van het ECS bij inspanningsaanpassingen en metabole gezondheid. Door manieren te identificeren om het ECS te moduleren om de voordelen van lichaamsbeweging te verbeteren, kan dit onderzoek bijdragen aan de ontwikkeling van nieuwe therapeutische strategieën om de metabole gezondheid van mensen met obesitas en aanverwante aandoeningen te verbeteren. Door de wisselwerking tussen lichaamsbeweging, ontsteking, metabolisme en het ECS te onderzoeken, kan dit onderzoek een basis leggen voor toekomstige interventies gericht op het verbeteren van gezondheidsresultaten bij obesitas en andere metabole aandoeningen.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Financiering

  • BOF

Project type(s)

  • Onderzoeksproject