Mystiek erfgoed en moderne identiteiten. Receptie en toe-eigening van de middeleeuwse 'Vlaamse' mystica Hadewijch tijdens het interbellum in België. 01/10/2017 - 30/09/2021

Abstract

Dit project biedt een exhaustieve studie van de polymorfe receptie van de Middelnederlandse mystieke schrijfster Hadewijch (ca. 1240) in Vlaanderen (inclusief Brussel) tijdens het Interbellum. In een samenleving gekenmerkt door acute verzuiling werd het voorheen nauwelijks bekende oeuvre van Hadewijch enthousiast uitgegeven, vertaald en verspreid door intellectuelen uit zeer diverse kringen. Flamingante katholieken, francofone modernisten, avant-garde kunstenaars – allemaal creëerden ze 'hun Hadewijch'. Het project onderzoekt de onderliggende redenen daarvoor en vertrekt daarbij van de door recent onderzoek aangeleverde bevinding dat het 'Vlaamse literaire erfgoed' in het interbellum een groter scala aan groepen inspireerde dan tot nog toe gemeenlijk wordt aangenomen. De casus wordt onderzocht middels een gecombineerde methode die gebruik maakt van werkwijzen en concepten uit de receptiestudies, de vertooganalyse en de imagologie. De aanpak is drieledig. Een materiële en contextuele analyse van alle publicaties over Hadewijch die in Belgie tijdens het interbellum werden gepubliceerd, geeft zicht op de belangrijkste actoren, hun netwerken, en hun opvattingen en motivaties. Deze bevindingen worden verrijkt met archiefonderzoek. Vervolgens wordt de symbolische productie van Hadewijch als nationale figuur bestudeerd via een discursieve en narratieve analyse van een weloverwogen selectie van teksten. Een 'indexicale' lectuur van de teksten zal een genuanceerde typologie van geconstrueerde Hadewijchbeelden opleveren en de ideologische motieven voor de verspreiding van haar werk reveleren. Tenslotte worden de bevindingen van stap één en twee gecorreleerd, wat zal leiden tot een gedifferentieerd beeld van de receptie en toe-eigening van Hadewijch in verschillende maatschappelijke kringen, waarbij kruisverbanden, op het vlak van netwerken en op het vlak van opvattingen, zichtbaar worden. Het unieke perspectief van de multifocale receptie van Hadewijch dwingt ons om kritisch afstand te nemen van klassieke tegenstellingen zoals katholiek vs. liberaal en traditioneel vs. modern(istisch). Het onderzoek levert daardoor een vernieuwende cultuurgeschiedenis van Vlaanderen in het interbellum, waarin diverse vormen van Vlaamse identificatie zichtbaar worden die tot nu toe onderbelicht bleven. De studie biedt bovendien een belangrijke bijdrage tot de moderne receptiegeschiedenis van een middeleeuwse schrijfster die vandaag wordt beschouwd als een canonauteur van de Nederlandse letterkunde en een belangrijke exponent van de Westerse mystiek. Meer algemeen levert het project nieuwe inzichten op in de wijzen waarop (literair) erfgoed wordt toegeëigend voor de constructie van identiteiten.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

De transfer van vrouwelijke mystiek van de Lage Landen naar Engeland. 15/02/2018 - 15/05/2018

Abstract

Het project bestudeert de receptie, in laat-middeleeuws Engeland, van nieuwe vormen van vrouwelijke spiritualiteit die in de dertiende eeuw de Lage Landen en het Rijnland waren ontstaan. Een analyse van vertaalde teksten van en over vrouwelijke mystici zal duidelijk maken of en hoe de Engelse vertalers de centrale noties van die nieuwe mystiek, zoals bv. 'eenheid met God' en 'deificatie', hebben aangepast aan de lokale anchoritische traditie. Het project verdiept onze kennis van de transregionale circulatie van mystieke teksten en ideeën uit de Lage Landen in Europa.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Retoriek in reisbeschrijvingen: de constructie van geloofwaardigheid in Tvoyage van Mher Joos van Ghistele (ca. 1490). 01/10/2013 - 30/09/2016

Abstract

Dit onderzoek beoogt te achterhalen welke stilistische, retorische en narratieve technieken werden betrouwbaarheid op te bouwen in Tvoyage van Mher Joos van Ghistele, het verslag van de vierjarige reis naar het Oosten (1481-1485) van Gents edelman Joos van Ghistele (†1516). Door vergelijking met andere Europese reisverhalen over het Oosten (ca. 1450-1510) zal de positie worden bepaald die Tvoyage op dit vlak inneemt ten opzichte van zijn tijdgenoten.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Wonderkoorts. Evoluties in de representatie van religieus gedrag en de perceptie van het sacrale in de Nederlanden (1350-1750). 01/10/2013 - 30/09/2015

Abstract

Dit project betreft fundamenteel kennisgrensverleggend onderzoek gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen. Het project werd betoelaagd na selectie door het bevoegde FWO-expertpanel.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

(In) De sporen van Hadewijch. Inventarisatie van de wetenschappelijke en literair-artistieke receptie van Hadewijch van 1838 tot vandaag 01/02/2013 - 31/12/2013

Abstract

Het project beoogt een exhaustieve inventarisatie van de wetenschappelijke en literair-artistieke receptie van het werk van Hadewijch vanaf de ontdekking van de handschriften in 1838 tot en met vandaag. Dit bronnencorpus zal ten dienste staan van (1) een grote Hadewijch-tentoonstelling die in 2015 wordt georganiseerd door het Letterenhuis in samenwerking met het Ruusbroecgenootschap, (2) de editie van de bundel 'Brill Companion to Hadewijch' (in voorbereiding), en (3) de uitbouw van nieuwe onderzoekslijn over de Wirkungsgeschichte van Hadewijchs werk in enerzijds het academische veld en anderzijds het literair-artistieke veld met aandacht voor de dynamische interactie tussen beiden.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Betrouwbare reisbeschrijvingen: de literaire technieken van Tvoyage van Mher Joos van Ghistele (ca. 1490). 01/10/2011 - 01/01/2014

Abstract

Dit onderzoek beoogt te achterhalen welke stilistische, retorische en narratieve technieken werden betrouwbaarheid op te bouwen in Tvoyage van Mher Joos van Ghistele, het verslag van de vierjarige reis naar het Oosten (1481-1485) van Gents edelman Joos van Ghistele (†1516). Door vergelijking met andere Europese reisverhalen over het Oosten (ca. 1450-1510) zal de positie worden bepaald die Tvoyage op dit vlak inneemt ten opzichte van zijn tijdgenoten.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Dynamieken van visionaire lekendevotie. De representatie van visioenen, dromen en verschijningen in laatmiddeleeuwse en vroegmoderne mirakelcollecties in de Nederlanden (1350-1750). 01/10/2011 - 30/09/2013

Abstract

Dit project wilt inzicht verwerven in de aard en de ontwikkeling van de visionaire ervaring van leken in de late middeleeuwen en vroegmoderne periode. Daartoe worden gerapporteerde visioenen en verschijningen in laatmiddeleeuwse en vroegmoderne mirakelboeken en -collecties die tussen 1300 en 1700 in cultuscentra in de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden tot stand kwamen, bij elkaar gebracht en beschreven naar vorm en inhoud. De combinatie van tekstuele, contextuele en comparatieve analyse zal (1) licht werpen op de karakteristieken van de religieuze ervaring van de visionaire protagonist en mogelijk inzicht geven in de regis-ter- en redactiepraktijken in het cultuscentrum, (2) zowel chronologische evoluties en regionale variaties in de natuur van gerapporteerde lekenvisioenen als de intensiteit en concentratie van hun voorkomen in kaart brengen. Vervolgens zullen (3) de bevindingen geïnterpreteerd worden door ze te correleren met specifieke cultusgerelateerde ontwikkelingen enerzijds, en ontwikkelingen binnen officiële kerkelijke normering en regulering van lekenvisioenen anderzijds. Naast belangrijke conciliaire besluiten en geschriften van katholieke theologische autoriteiten, zullen ook verhandelingen en polemieken van protestantse hand bij het onderzoek worden betrokken. De analyse zal worden geïnformeerd door concepten uit de historische antropologie, de filosofie van de religie en de historische psychologie. Dit project zal leiden tot een gedifferentieerd beeld van de aard en de impact van lekenvisioenen in de late middeleeuwen en de vroegmoderne periode en zodoende op significante wijze bijdragen tot onze kennis van lekendevotie en religieuze volkscultuur.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Zij hebben voordere ende breedere inden gheest ende personnelic ghereist": de positie van het laatmiddeleeuwse reisverslag Tvoyage van Mher Joos van Ghistele (ca. 1490) in de middeleeuwse etnografie. 01/10/2010 - 30/09/2011

Abstract

Dit onderzoek focust op Tvoyage van Mher Joos van Ghistele (ca. 1490), het omvangrijke laatmiddeleeuwse reisverhaal van de al even uitgebreide reis van Vlaams edelman Joos Van Ghistele (¿1516) naar het Nabije Oosten (1481-1485), dat zowel in handschrift als in druk werd overgeleverd en voortreffelijk werd uitgegeven (Gaspar 1998). De ontsluiting van de tekst in de druk en herdrukken van Tvoyage (1557, 1563, 1572) geeft blijk van een encyclopedische receptie. Door vergelijkende analyse met een lateraal corpus van laatmiddeleeuwse en vroegmoderne gedrukte Westerse reisverhalen, en door toetsing van de narratieve kenmerken van Tvoyage in dit laterale corpus, zal worden nagegaan welke kenmerken ervoor hebben gezorgd dat de laatmiddeleeuwse tekst nog ver in de zestiende eeuw werd gebruikt voor zijn encyclopedische waarde. Tot slot wordt een conclusie geformuleerd met betrekking tot de plaats die Tvoyage inneemt in de ontwikkeling van het etnografische (e.i. empirisch-beschrijvende) genre.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Dynamieken van visionaire lekendevotie. Visioenen en verschijningenin laatmiddeleeuwse en vroegmoderne mirakelboeken in de Nederlanden (1300-1700). 01/10/2010 - 30/09/2011

Abstract

Dit project wilt inzicht verwerven in de aard en de ontwikkeling van de visionaire ervaring van leken in de late middeleeuwen en vroegmoderne periode. Daartoe worden gerapporteerde visioenen en verschijningen in laatmiddeleeuwse en vroegmoderne mirakelboeken en -collecties die tussen 1300 en 1700 in cultuscentra in de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden tot stand kwamen, bij elkaar gebracht en beschreven naar vorm en inhoud. De combinatie van tekstuele, contextuele en comparatieve analyse zal (1) licht werpen op de karakteristieken van de religieuze ervaring van de visionaire protagonist en mogelijk inzicht geven in de regis-ter- en redactiepraktijken in het cultuscentrum, (2) zowel chronologische evoluties en regionale variaties in de natuur van gerapporteerde lekenvisioenen als de intensiteit en concentratie van hun voorkomen in kaart brengen. Vervolgens zullen (3) de bevindingen geïnterpreteerd worden door ze te correleren met specifieke cultusgerelateerde ontwikkelingen enerzijds, en ontwikkelingen binnen officiële kerkelijke normering en regulering van lekenvisioenen anderzijds. Naast belangrijke conciliaire besluiten en geschriften van katholieke theologische autoriteiten, zullen ook verhandelingen en polemieken van protestantse hand bij het onderzoek worden betrokken. De analyse zal worden geïnformeerd door concepten uit de historische antropologie, de filosofie van de religie en de historische psychologie. Dit project zal leiden tot een gedifferentieerd beeld van de aard en de impact van lekenvisioenen in de late middeleeuwen en de vroegmoderne periode en zodoende op significante wijze bijdragen tot onze kennis van lekendevotie en religieuze volkscultuur.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Hadewijch: Brill Companion en Engelse vertaling van het Verzamelde werk. 05/05/2010 - 04/08/2010

Abstract

Realisatie van twee boekprojecten waarin de verworvenheden van het Nederlandstalige en het Angelsaksische Hadewijchonderzoek voor het eerst op systematische wijze worden geïntegreerd en aangeboden op het internationale wetenschappelijke forum. A Companion to Hadewijch (Brill), wordt een handboek waaraan alle huidige Hadewijchspecialisten een bijdrage leveren. Patricia Dailey en Veerle Fraeters bereiden daarnaast een Engelse vertaling voor van Hadewijchs Complete Works. De publicatie van beide boekprojecten zal een belangrijke impuls betekenen voor de internationale Hadewijchstudie.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Hollandus' sporen. Het alchemistische Hollandus-corpus en zijn verspreiding in de Nederlanden en in Europa tot ca. 1600. 01/01/2008 - 31/12/2011

Abstract

Onder de vele fascinerende en tot nu toe nauwelijks bestudeerde alchemistische teksten die in de 16de eeuw in onze gewesten zijn ontstaan, trekt het zogenaamde 'Hollandus-corpus' meteen de aandacht. Het tekstbestand dat op naam van de obscure Isaac Hollandus en/of Johannes Isaaci Hollandus is overgeleverd, vormt de belangrijkste bijdrage uit ons taalgebied aan de Europese alchemistische teksttraditie. Het werd tot in de vroege 19de eeuw in verschillende Europese talen vertaald, gedrukt en afgeschreven. Het onderzoek omvat een studie van de inhoud, de oorsprong en de receptie van dit invloedrijke tekstcorpus. Gezien de omvang en de langdurige doorwerking van het materiaal wordt het onderzoek toegespitst op het tekstbestand tot ca. 1600. De studie van enerzijds de ontstaansgeschiedenis (bronnenonderzoek, datering, auteurschap) en anderzijds de overleveringsgeschiedenis (welke kopieën en vertalingen door welke verzamelaars, editeurs en uitgevers) van de handschriften en drukken zal nieuwe inzichten opleveren over de auteur(s) van de Hollandusteksten en over de kanalen waarlangs deze teksten over heel Europa werden verspreid.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Schrijven tot "vernieting". De performatieve werking van "Le miroir des simples âmes anéanties" van Marguerite Porete als mystagogisch instrument. 01/07/2007 - 31/12/2011

Abstract

Het project wil inzicht verwerven in de performatieve werking (agency) van Le Miroir des simples âmes anéanties van Marguerite Porete (d. 1310), een mystieke tekst die door de inquisitie werd veroordeeld. De tekst wordt ontleed vanuit drie onderzoeksvragen: de representatie van het 'ik', het intertekstuele netwerk, en de retorische dynamiek van de compositie. Het analytische instrumentarium wordt samengesteld uit de hedendaagse discoursanalyse (o.m. Bakhtin, Certeau) en de middeleeuwse profane en monastieke retorica. Het onderzoek draagt bij tot een beter begrip van de 'heterodoxie', op het vlak van de literaire middelen, van de laat-middeleeuwse vernaculaire mystiek.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het boeck Lumen Luminum van Jan van der Donck. Inhoud, bronnen en cultuurhistorische achtergronden van een Nederlands alchemistisch prozatractaat . 01/01/2004 - 31/12/2007

Abstract

Onderzoek naar structuur, inhoud en bronnen van het alchemistische prozatractaat Het boeck Lumen Luminum dat is het licht der lichten van Jan van der Donck (één afschrift van 1597); analyse van de religieuze, ethische en (natuur-)filosofische opvattingen in deze tekst in het perspectief van de bronnen en de verwerking daarvan; nader bepalen van de cultuurhistorische context, herkomst en datering; kritische teksteditie met vertaling, inleiding en commentaar.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Speaking to the Eye : Text, Image and Gender in the Middle Ages and Early Modern Times. 01/01/2004 - 31/12/2005

Abstract

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Vanden XII dogheden: brug tussen Ruusbroec, Eckhart en de Moderne Devotie. Tekstuele analyse en contextuele situering. 01/10/1998 - 30/06/2002

Abstract

Het project behelst een studie van tekst en context van Vanden XII dogheden (pseudo-Ruusbroec, eide 14de eeuw), een tractaat dat een unieke focus op de overdracht van de Zuidnederlandse spiritualiteit van Groenendaal naar de Noordnederlandse Moderne Devotie. Het tekstinterne onderzoek bevat een bronnestudie, en een terminologische en structurele tekstanalyse. Het contextuele onderzoek moet leiden naar inzichten over auteurschap, functie en invloed van de tekst. Het project zal een lacune opvullen in het onderzoek van de Middelnederlandse geestelijke letterkunde en zal uitmonden in een monografie.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)