Doelstellingen

Wat kan je na het taaljaar Arabisch 1?

  1. Je kan het Arabisch schrift lezen én schrijven.
  2. Je kan communiceren met moedertaalsprekers. Hiervoor verwerf je niet alleen de nodige ‘bouwblokken’, de noodzakelijke woordenschat en grammatica, je leert ook de nodige strategieën inzetten om met een beperkte kennis van de taal succesvol te communiceren.
  3. Je kan de taal inzetten in authentieke taalsituaties: naar de winkel gaan, de weg vragen, afbieden op straat, iets bestellen in een restaurant, een hotelkamer boeken...
  4. Je kan informatie geven over jezelf en informatie vragen aan anderen over gezins- en beroepsleven, hobby’s en vrije tijd,..

Wat kan je na het taaljaar Arabisch 2?

  1. Je kan informatie geven over jezelf en in gesprek gaan met anderen over vrije tijd en hobby’s. Je leert afspraken maken.
  2. Je leert over het verleden praten en de verleden tijd correct gebruiken.
  3. Je leert woordenschat en uitdrukkingen over reizen en schrijft een reisverslag.
  4. Je leert over verschillende culturele en religieuze feesten, en de bijbehorende Arabische wensen.
  5. Je kan korte presentaties geven in het Arabisch.
  6. Er wordt meer met authentiek materiaal gewerkt en ingespeeld op de actualiteit.

Bovenstaande doelstellingen worden gerealiseerd met oog voor de cultuur en de samenleving waarin de taal wordt gesproken.