Onderzoeksgroep

Recht en Ontwikkeling

Expertise

Wouter Vandenhole doet onderzoek op het domein van de mensenrechten en recht-en-ontwikkeling. Zijn onderzoeksinteresses zijn onder meer kinderrechten; mensenrechten, in het bijzonder sociaaleconomische mensenrechten; en de verhouding tussen het recht van de mensenrechten en ontwikkeling. Hij werkt al een aantal jaren op het thema van transnationale mensenrechtenverplichtingen, dat zijn mensenrechtenverplichtingen voor nieuwe plichtendragers, zoals bedrijven. Recent is hij gestart met het onderzoek naar de conceptuele implicaties van duurzame ontwikkeling voor het recht van de mensenrechten, met bijzondere aandacht voor het verdelingsvraagstuk.

Toekomstbestendige mensenrechten door een meerzijdige interpretatie van rekenschapsplichtigheid. 01/01/2021 - 31/12/2024

Abstract

Van mensenrechten wordt steeds vaker gezegd dat ze in crisis zijn. Dit kan deels worden verklaard doordat de grootste mensenrechtenvraagstukken complex en meerlagig zijn, en zich aandienen in een al even complexe en snel-veranderende sociale omgeving. Als mensenrechten relevant willen blijven als breed aanvaard kader in de strijd voor sociale rechtvaardigheid, moeten een aantal centrale beginselen dringend herdacht worden. Er is, meer bepaald, een urgente nood aan een meerzijdige interpretatie van rekenschapsplichtigheid. Dat is wat dit multidisciplinair project beoogt te doen. Dit project stelt een nieuwe benadering voor van wat we erkennen als mensenrechtenschending, wie daarvoor rekenschapsplichtig is, en hoe een dergelijke rekenschapsplichtigheid in de praktijk kan worden gebracht. Bouwend op de juridische, sociaalwetenschappelijke, antropologische en criminologische expertise van de consortium-leden, identificeert dit project paden naar een adequatere rekenschapsplichtigheid binnen het recht van de mensenrechten, in aanpalende domeinen van het recht en buiten het recht. Deze paden zullen samen leiden tot een meer robuste rekenschapsplichtigheid die bijdraagt aan reële bescherming van mensenrechten.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Onderzoek naar interlandelijke adopties uit het verleden. 05/05/2020 - 31/12/2021

Abstract

Interlandelijke adopties in Vlaanderen verlopen niet altijd volgens de regels. De Vlaamse regering heeft in juli 2019 een expertenpanel opgericht om onderzoek te doen naar interlandelijke adopties uit het verleden, en om basis daarvan aanbevelingen te doen opdat interlandelijke adopties in de toekomst zouden plaatsvinden met zo maximaal mogelijke garanties op een correct verloop.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Extraterritoriale mensenrechtenverplichtingen in de praktijk. 01/01/2020 - 31/12/2024

Abstract

Mensenrechten worden traditioneel gesitueerd in een verticale verhouding tussen individu en staat, waarbij de statelijke verplichtingen beperkt blijven tot individuen op het eigen grondgebied. Verplichtingen buiten die territoriale ruimte werden als onbestaand beschouwd, of zeer minimalistisch begrepen. Dat territoriaal paradigma wordt nu ernstig in vraag gesteld. Deze wetenschappelijke onderzoeksgemeenschap (WOG) beoogt drie wetenschappelijke doelstellingen, met een bijzondere aandacht voor statenpraktijk: 1. SYSTEMATISEREN: een stand van zaken opmaken sinds de aanname in 2011 van de 'Maastricht Principles on Extraterritorial Obligations in the Area of Economic, Social and Cultural Rights', van de toepassing van die principes, en voorstellen formuleren voor verdere vooruitgang. We zullen vijf thematische clusters onderzoeken: ontwikkelingssamenwerking; milieu; investeringen, financiering en handel; migratie; en vrede en veiligheid. Juridische ontwikkelingen in die vijf thematische clusters zullen bestudeerd worden vanuit het perspectief van vier mensenrechtensystemen, met name de Verenigde Naties en drie regionale systemen in Afrika, de Amerika's en Europa. 2. VERDIEPEN: een stand van zaken en voorstellen tot nieuwe stappen inzake conceptuele vraagstukken, voortbouwend op het werk dat is geleverd in de context van GLOTHRO, een Europees 'Research Networking Programme on extraterritorial human rights obligations' (2010-2015). Twee leerstukken verdienen bijzondere aandacht: jurisdictionele aanknopingspunten voor het toewijzen van extraterritoriale verplichtingen aan staten, en richtinggevende principes voor de verdeling van verplichtingen en verantwoordelijkheid. 3. VERBREDEN: om kruisbestuiving met andere discpilines en werk van het maatschappelijk middenveld te verzekeren, willen we empirisch onderzoek doen naar concrete zaken. Tegelijk willen we met het maatschappelijk middenveld en andere disciplines onze thematische en conceptuele bevindingen delen, om ze uit te testen en te verfijnen.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Een mensenrechtenbenadering van gezondheidsrisico's die verband houden met kindhuwelijken in Tanzania 01/01/2020 - 31/12/2021

Abstract

Dit project beoogt met een mensenrechtenbenadering de prevalentie van kindhuwelijken en ermee verbonden gezondheidsrisico's in Tanzania te verminderen. De mensenrechtenbenadering omvat een drievoudige oefening van capaciteitsopbouw. Ten eerste wordt ingezet op capaciteitsopbouw bij academici van Mzumbe University (MU) Faculty of Law (FOL), zodat ze empirisch socio-juridisch onderzoek kunnen voeren en de gezondheidsdynamieken verbonden met kindhuwelijken beter kunnen begrijpen. De empirische resultaten zullen de grondslag vormen voor capaciteitsopbouw bij sociale werkers in de regio Dodoma: er zal een app ontwikkeld worden om de mensenrechtenbenadering van ontwikkeling te introduceren. In een derde fase zal de app gebruikt worden om sociale werkers op te leiden tot 'vertalers' van het internationaal recht van de mensenrechten.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het betrekken van kinderen voor een betere en meer kind-vriendelijke afhandeling van dossiers en tenuitvoerlegging van beslissingen in transnationale familiegeschillen (INCLUDE) 01/09/2019 - 31/08/2021

Abstract

Het project is een vervolg van onderzoek naar de beste belangen van eht kind en het horen van het kind in internationale kinderontvoering. De bedoeling is om op een kind-inclusieve wijze onderzoek te doen naar de meest gepaste manier om om te gaan met internationale kinderontvoering (zowel de juridische procedure als de tenuitvoerlegging van de beslissingen). Het team van de Universiteit Antwerpen is verantwoordelijk voor de literatuurstudie. De andere partners organiseren dan workshops met jongeren over kinderrechten en de beste manier om de procedures te voeren. Het team van de Universiteit Antwerpen zal dan een praktijkgids samenstellen.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het juridische statuut en de bescherming van ongeboren menselijk leven: een benadering vanuit het perspectief van menselijke waardigheid. 01/01/2019 - 31/12/2022

Abstract

Het huidige Belgische recht in verband met ongeboren menselijk leven mist duidelijkheid en is inconsistent en incoherent. De enkele toepasselijke wetsbepalingen zitten verkokerd in verschillende rechtsdomeinen en instrumenten en ook de rechtspraak biedt een erg divergent beeld. Ook op internationaal vlak is dat het geval, zowel in wetgevende instrumenten als in rechtspraak. Daardoor is er een gebrek aan rechtszekerheid. De doelstelling van dit project is, daarom, om een coherente en consistente benadering van ongeboren menselijk leven naar Belgisch recht voor te stellen. De hypothese daarbij is dat het concept van de menselijke waardigheid daarbij een sleutelfunctie kan vervullen. Naar dit concept wordt in mensenrechtelijke context nu al verwezen omwille van de bescherming van entiteiten op welke de mensenrechtenbescherming als dusdanig niet van toepassing is. Het normatieve voorstel zal gebaseerd zijn op een descriptief luik, van de huidige Belgische situatie, dat wordt geëvalueerd op basis van de rechtsvergelijkende methode.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

De interpretatie van het belang van het kind in kinderontvoeringszaken: naar een verzoening van botsende regimes van internationaal recht. 01/10/2018 - 30/09/2022

Abstract

Kinderrechten, als onderdeel van mensenrechten, schrijven voor dat de beste belangen van elk individueel kind de eerste overweging moeten zijn bij alle maatregelen betreffende kinderen. In internationaal privaatrecht bepaalt de algemene benadering tot de beste belangen van het kind dat een kind snel moet worden teruggenomen als een ouder hem of haar wederrechtelijk van een land naar een ander nam (tenzij uitzonderlijke omstandigheden bewezen worden). De individuele tegenover de algemene benadering tot de beste belangen van het kind veroorzaakt discussie tussen auteurs en verwarren rechters en ambtenaren. Een vraag rijst naar de interactie tussen deze twee regimes van internationaal recht (specifiek het VN Kinderrechtenverdrag en het Kinderontvoeringsverdrag van Den Haag). Deze vraag is niet beperkt tot het vraagstuk van internationale kinderontvoering. De moeilijke interactie, zelfs soms conflict, tussen regimes van internationaal recht is een gekend probleem. Een mogelijke aanpak van de interactie is het zoeken naar een hiërarchie, namelijk dat mensenrechten de overhand moeten krijgen of dat mensenrechten ondersteunend eerder dan dominant moeten zijn. De hypothese van dit onderzoek is echter dat een verzoening gezocht moet worden in plaats van een hiërarchie. Dit project zal de focus leggen op een dergelijke verzoening binnen het specifieke domein van internationale kinderontvoering. De onderzoek(st)er zal de rechtspraak analyseren van twee supranationale gerechten (het Europese Hof voor de Rechten van de Mens en het Hof van Justitie van de EU) en van de nationale gerechten van zes landen. Het onderzoek zal in kaart brengen hoe deze gerechten een combinatie maken van enerzijds de strenge terugkeerregels van het Kinderontvoeringsverdrag en anderzijds de beste belangen van het individueel kind zoals geformuleerd in het Kinderrechtenverdrag. Dit zal gebeuren door content analysis met behulp van de software NVIVO. Het resultaat van dit onderzoek zal leiden tot conclusies niet alleen voor het domein van internationale kinderontvoering maar ook voor het breder debat over de interacties tussen regimes van internationaal recht.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Implicaties van rekenschapsplichtigheid voor mensenrechten bij het inzetten van private actoren voor publieke doelstellingen: multi-stakeholder partnerschappen voor onderwijs in het post-2015 ontwikkelingstijdperk. 01/10/2018 - 30/09/2021

Abstract

In het ontwikkelingstijdperk na 2015 spelen private actoren een toenemende rol.Dit onderzoek gaat na wat de gevolgen zijn voor de rekenschapsplichtigheid voor mensenrechten. In het bijzonder zullen multi-stakeholder partnerships (MSPs) in het onderwijs bestudeerd worden. Private actoren nemen in toenemende mate deel aan globale beleidsontwikkeling en -implementatie. Deze hybride publiek-private initiatieven worden voorgesteld als een oplossing voor bestuursleemtes. MSPs zijn nu alomtegenwoordig in het bestuur van duurzame ontwikkeling, nu ze geformaliseerd en gesteund worden door de Agenda 2030 en de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen. MSPs beheren omvangrijke financiële middelen en hebben een impact op heel veel mensen, maar ze hebben geen duidelijk juridisch statuut, noch een mandaat en verplichtingen naar internationaal recht. Dat doet vragen van rekenschapsplichtigheid rijzen. Op gebieden die zowel publieke goederen als mensenrechten zijn, zoals onderwijs, heeft de betrokkenheid van private actoren de weg gebaand voor commercialisering en controle door bedrijven over de agenda, wat vragen over rekenschapsplichtigheid alleen maar scherper heeft gesteld. Dit onderzoek wil het gebrek aan kritische juridische reflectie goed maken, en de uitdagingen inzake rekenschapsplichtigheid voor mensenrechten die voortspruiten uit de beleidsmatige inzet van private actoren in MSP's voor publieke doeleinden zoals het aanbieden van kwaliteitsvol onderwijs, evalueren en aanpakken. Het onderzoek zal gebruik maken van empirische onderzoeksmethodes.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Duurzame ontwikkeling en globale rechtvaardigheid (SUSTJUSTICE) 10/02/2020 - 30/04/2020

Abstract

In recht-en-ontwikkelingsstudies wordt erkend dat instituties, met inbegrip van het recht, ertoe doen voor ontwikkeling. Er is een massale toename in ontwikkelingshulp voor projecten over institutionele hervormingen. Juristen zien zichzelf vaak als institutionele architecten en zijn belangrijke actoren in ontwikkeling geworden. Maar juristen zijn vaak niet goed voorbereid op die taak: ze zijn eerder technisch opgeleid, en zien vaak niet de ruimere gevolgen van hun 'legal engineering' voor duurzame ontwikkeling en globale rechtvaardigheid. Het International Training Programme 'Sustainable Development and Global Justice' (SUSTJUSTICE) biedt een omvattende vorming aan die gegrond is op de onderzoekslijnen van de Law and Development Research Group (LDRG) aan de Universiteit Antwerpen. De vorming biedt een antwoord op de veelgehoorde vraag vanuit het Zuiden om een omvattende en gerichte opleiding aan te bieden over de rol van het recht in duurzame ontwikkeling en globale rechtvaardigheid in een ontwikkelingscontext.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Project website

Het recht van duurzame ontwikkeling en mensenrechten (SUSTLAW). 11/02/2019 - 03/05/2019

Abstract

De verhouding tussen recht en ontwikkeling blijft een discussiepunt in academisch onderzoek en beleidmiddens. Het concept van recht-en-ontwikkeling is niet eendimensioneel: het is nauw vergonden met armoede en onvervulde basisnoden. Aanvankelijk lag de klemtoon in recht-en-ontwikkeling vooral op de economische dimensie, omdat ontwikkeling gezien werd als een gevolg van, of een synoniem voor, economische groei. Nu zijn de menselijke en culturele aspecten van ontwikkeling integraal deel van de juridische analyse. Duurzame ontwikkeling en een rechtenbenadering van ontwikkeling staan heden ten dage heel centraal in recht-en-ontwikkeling. Duurzame ontwikkeling is een complex concept, dat verwijst naar zowel milieubescherming, eerbiediging van socio-culturele omgeving, empowerment van de armen, en inter- en intragenerationele gerechtigheid., Het is ook verbonden met globale gerechtigheid, omdat de hoofdbekommernis de armen zijn en de negatieve gevolgen van de globalisering voor de armen (Blewitt 2008:5; Cullet 2010:357; see also Pahuja 2011, 2013). Dit project verschaft basisinstrumenten (conceptueel en analytisch) om grondige kennis te verwerven en kritisch de interactie tussen recht en duurzame ontwikkeling te beoordelen. Het verschaft een kwalitatief hoogstaande onderwijs- en leeromgeving die aandacht besteedt aan Zuid-Noord en Zuid-Zuidinteracties. Ontwikkeling wordt begrepen als een comples geheel van sociale, politieke en economische interacties waarin Zuidelijke actoren een even belangrijke rol (moeten) spelen als Noordelijke. Kernthema's zijn niet alleen implementatie van mensenrechten en ontwikkelingssamenwerking, maar ook de ontwikkeling van nieuwe normen over mensenrechten en duurzame ontwikkeling. Het project wil tegemoet komen aan het gebrek aan kritische reflectie over de betekenis van mensenrechten en duurzame ontwikkeling in ontwikkelingssamenwerking, en de juridische reflectie daarover versterken met inzichten uit andere disciplines.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Project website

Francqui Leerstoel 2018-2019 Prof. Margot E. Salomon. 01/10/2018 - 30/09/2019

Abstract

Elk jaar nodigt de Francquistichting Belgische of Europese onderzoekers uit om aan een Belgische universiteit bij te dragen tot het onderzoek en deel te nemen aan het academische leven. Op die manier bevordert de stichting uitwisseling tussen Belgische en Europese universiteiten. Het Master of Laws programma van de Faculteit Rechten heeft Dr Salomon voorgedragen voor de Belgisch/Europese Francqui Leerstoel. Dr Salomon is een gevestigde wetenschapper met een internationale reputatie. Ze heeft gepubliceerd in leidende tijdschriften (o.m. European Law Journal, Human Rights Quarterly) en bij toonaangevende uitgeverijen (Oxford University Press). Haar multidisciplinair onderzoek beslaat het ruime domein van globale economische gerechtigheid (global economic justice). Met kritische blik onderzoekt ze de bijdrage en beperkingen van het recht in de context van economische globalisering.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Uitwerking van een toolkit betreffende mensenrechten. 13/03/2018 - 30/09/2018

Abstract

Dit project heeft als belangrijkste referentiekader de Richtlijnen van de Verenigde Naties aangaande het Bedrijfsleven en de Mensenrechten (UNGP), met name de tweede pijler ervan, i.e. hoe mensenrechtenverplichtingen geïntegreerd zijn in het concept van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). Dit project zal in het bijzonder het kader van het Belgisch Nationaal Actieplan (NAP België) volgen, omdat de ontwikkeling van een toolbox inderdaad het eerste actiepunt van dit Actieplan is. De toolbox zal bovendien in eerste instantie ontworpen worden voor ondernemingen (en hun partners) en andere organisaties die economische activiteiten ontwikkelen in het Belgisch rechtsgebied. Deze toolbox dient te zorgen voor duidelijke, volledige en schematische informatie over mensenrechtenverplichtingen van niet-statelijke actoren (ondernemingen en andere organisaties) in het kader van hun activiteiten, maar ook over hoe zij aan deze verplichtingen kunnen voldoen en hoe zij in het geval van een eventuele mensenrechtenschending verhaal en/of herstel kunnen voorzien voor de slachtoffers. De instrumenten die zullen worden opgenomen in de toolbox zijn onder meer: a. Mensenrechten Due Diligence en mensenrechten-effectenrapportering: voor ondernemingen en andere organisaties, maar ook ten opzichte van hun partners (toeleveringskettingen). b. Een operationeel klachtensysteem voor niet-statelijke actoren wanneer een mensenrechtenschending veroorzaakt is, om effectief verhaal en herstel aan de slachtoffers te bieden. c. Een checklist m.b.t. de naleving van mensenrechten.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het recht van duurzame ontwikkeling en mensenrechten 12/02/2018 - 04/05/2018

Abstract

De verhouding tussen recht en ontwikkeling blijft een discussiepunt in academisch onderzoek en beleidmiddens. Het concept van recht-en-ontwikkeling is niet eendimensioneel: het is nauw vergonden met armoede en onvervulde basisnoden. Aanvankelijk lag de klemtoon in recht-en-ontwikkeling vooral op de economische dimensie, omdat ontwikkeling gezien werd als een gevolg van, of een synoniem voor, economische groei. Nu zijn de menselijke en culturele aspecten van ontwikkeling integraal deel van de juridische analyse. Duurzame ontwikkeling en een rechtenbenadering van ontwikkeling staan heden ten dage heel centraal in recht-en-ontwikkeling. Duurzame ontwikkeling is een complex concept, dat verwijst naar zowel milieubescherming, eerbiediging van socio-culturele omgeving, empowerment van de armen, en inter- en intragenerationele gerechtigheid., Het is ook verbonden met globale gerechtigheid, omdat de hoofdbekommernis de armen zijn en de negatieve gevolgen van de globalisering voor de armen (Blewitt 2008:5; Cullet 2010:357; see also Pahuja 2011, 2013). Dit project verschaft basisinstrumenten (conceptueel en analytisch) om grondige kennis te verwerven en kritisch de interactie tussen recht en duurzame ontwikkeling te beoordelen. Het verschaft een kwalitatief hoogstaande onderwijs- en leeromgeving die aandacht besteedt aan Zuid-Noord en Zuid-Zuidinteracties. Ontwikkeling wordt begrepen als een comples geheel van sociale, politieke en economische interacties waarin Zuidelijke actoren een even belangrijke rol (moeten) spelen als Noordelijke. Kernthema's zijn niet alleen implementatie van mensenrechten en ontwikkelingssamenwerking, maar ook de ontwikkeling van nieuwe normen over mensenrechten en duurzame ontwikkeling. Het project wil tegemoet komen aan het gebrek aan kritische reflectie over de betekenis van mensenrechten en duurzame ontwikkeling in ontwikkelingssamenwerking, en de juridische reflectie daarover versterken met inzichten uit andere disciplines.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Project website

Sabbatical Leave - Wouter Vandenhole 01/02/2018 - 31/08/2018

Abstract

Duurzame ontwikkeling in nulgroei economieën: sociaaleconomische mensenrechten herbekeken (SUSTRIGHTS) - Nulgroei, cyclisch (door financiële en/of economische crisis) of structureel (vanwege duurzame ontwikkeling), dwingt tot een paradigmatische herinterpretatie van sociaaleconomische mensenrechten en de rol die gegeven wordt aan mensenrechten in ontwikkeling en ontwikkelingssamenwerking. In dit project wordt onderzocht hoe de gevolgen van nulgroei in rekening gebracht kunnen worden in de conceptuele analyse van sociaaleconomische mensenrechten, zowel in de nationale rechtsorde als in globale ontwikkeling (en ontwikkelingssamenwerking).

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Project website

'God op de schoolbank: een juridische analyse van het recht op redelijke aanpassing op grond van godsdienst en levensbeschouwing in het onderwijs.' 01/10/2017 - 30/09/2019

Abstract

Schoolbanken zijn een kleurrijk gegeven, niet het in minst in levensbeschouwelijke termen. Met een alsmaar zichtbaar wordende studentendiversiteit op religieus vlak kunnen onderwijsinstellingen bepaalde vragen niet meer uit de weg. Mag een leerling van de sikh-gemeenschap een patka of tulband dragen op school? Mag er in de klaslokalen van een staatsschool een christelijk kruisbeeldje worden opgehangen? Mag een joodse studente haar examen op een andere dag afleggen wanneer deze op zaterdag – sabbat – valt? Moeten studentenrestaurants halal maaltijden voorzien? Het zijn vragen die op hun beurt nieuwe vragen in zich meedragen over de meerderheidsperspectieven schuilgaand achter maatschappelijke dominante standaarden die, verweven in het socioculturele weefsel van alledag, doorgaans voor neutraal worden aangenomen. Dit onderzoek bestudeert de rol van het recht in de ontmoeting van het onderwijs met religieuze leerlingendiversiteit via de conceptualisering van een op mensenrechten en kinderrechten stoelend rechtskader voor (voornamelijk secundaire en tertiaire) publieke en private onderwijsinstellingen in de omgang met het religieuze pluralisme van studenten. Hierin richt een descriptieve en normatieve reflectie zich op een drieledige juridische basis voor redelijke aanpassingen op grond van godsdienst en levensbeschouwing, met name bestaande uit het gelijkheidsbeginsel, de vrijheid van godsdienst en levensbeschouwing, en het recht op (inclusief) onderwijs. Vertrekkend vanuit het Vlaamse vraagstuk, zal het blikveld comparatief worden opengetrokken naar andere EU landen (in het bijzonder Nederland), Canada en Zuid-Afrika.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het kind in procedures over internationale kinderontvoering in Europa (VOICE). 01/09/2017 - 31/08/2019

Abstract

Dit project onderzoekt hoe rechters de beste belangen van het kind beoordelen in hun rechtspraak over de terugkeer van ontvoerde kinderen. Onderzoek gebeurt in verschillende EU landen: België; Bulgarije, Duitsland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Italië, Polen, Nederland, Spanje, Zweden, alsook van het Europees hof voor de Rechten van de Mens en het Europees Hof van Justitie.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Realisatie van een onderzoek over bestaande overheidsgebonden remediëringsmechanismen met betrekking tot de naleving van de mensenrechten. 01/07/2016 - 30/06/2017

Abstract

Dit projectc onderzoekt gerechtelijke en niet-gerechtelijke klachtmechanismen van de staat met betrekking tot mensenrechtenschendingen door bedrijven. Er zijn drie onderdelen: een overzicht van alle beschikbare mechanismen; een folder die toegankelijke informatie biedt over beschikbare mechanismen; en een kritische analyse met aanbevelingen voor verbetering.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het recht van de duurzame ontwikkeling en de mensenrechten 11/04/2016 - 10/06/2016

Abstract

De ITP over het recht inzake duurzame ontwikkeling en mensenrechten (SUSTLAW) biedt een omvattend programma dat gebaseerd is op de onderzoekslijnen van de onderzoeksgroep recht en ontwikkeling aan de Universiteit Antwerpen. The ITP SUSTLAW gaat na wat de mogelijkheden en grenzen zijn voor het recht om bij te dragen tot duurzame ontwikkeling en de realisatie van mensenrechten in een geglobaliseerde wereld. Het biedt daartoe conceptuele en analytische aanknopingspunten aan.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Project website

Het welbevinden van kinderen bij justitiële samenwerking in geval van internationale kinderontvoering 01/01/2016 - 31/12/2017

Abstract

In het project zal kwantitatieve data worden verzameld bij ouders met een kind dat internationaal ontvoerd is geweest. De kwantitatieve dataverzameling wordt gefinancierd door de Europese Commissie en is een samenwerking tussen Child Focus (Belgium), het Centrum Internationale Kinderontvoering (Centrum IKO, the Netherlands), Centre Français de Protection de l'Enfance - Enfants Disparus (CFPE, France), Missing Children Europe (MCE, the European umbrella organization for missing children) en Universiteit Antwerpen. De data zijn gebaseerd op de populatie en verschaffen informatie over socio-demografische, individuele, familiale en sociale kenmerken van ouders met een kind dat internationaal ontvoerd werd. Daarnaast zullen er kwalitatieve interviews worden afgenomen met adolescenten die ooit ontvoerd werden door een ouder.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Mensenrechten voor ontwikkeling (HR4DEV). 16/08/2015 - 12/09/2016

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds VLIR. UA levert aan VLIR de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het realiseren van een literatuurstudie met betrekking tot mogelijke internationale financieringsmechanismen voor sociale bescherming. 04/05/2015 - 27/06/2015

Abstract

De voorbije jaren, en vooral sinds de IAO-aanbeveling over de Social Protection Floor (2012), staat sociale bescherming opnieuw hoger op de internationale agenda. De financiering voor sociale bescherming zal in de eerste plaats moeten komen uit nationale middelen, maar zeker in de armste landen zal ook internationale steun nodig zal zijn om een degelijke sociale bescherming voor iedereen te realiseren. Dit project heeft drie doelstellingen: 1.het in kaart brengen van welke pistes er tot nog toe verkend zijn om internationale financiering voor sociale bescherming te kanaliseren; en 2. het verrijken van de discussie; en 3. inspiratie en werkmateriaal verschaffen tot standpuntbepaling.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Innovatieplatform voor bedrijven en mensenrechten: recht en management verenigd ter bescherming van de mensenrechten. 01/01/2015 - 31/12/2019

Abstract

Dit project betreft fundamenteel kennisgrensverleggend onderzoek gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen. Het project werd betoelaagd na selectie door het bevoegde FWO-expertpanel.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Mensenrechten: een gezamenlijke verantwoordelijkheid : transnationale mensenrechtenverplichtingen. 01/11/2014 - 14/07/2017

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds Erasmus Mundus. UA levert aan Erasmus Mundus de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Kinderrechtelijke verplichtingen van niet-statelijke economische actoren. 01/10/2014 - 30/09/2018

Abstract

De uitdagingen die globalisering met zich meebrengt zetten de opvatting dat Staten de enige subjecten in het internationaal recht zijn, ernstig onder druk. De opkomst van niet-statelijke economische actoren (NSEAs), zoals transnationale ondernemingen of internationale financiële instellingen met de facto economische en politieke macht is een realiteit die noch politiek, noch juridisch genegeerd kan worden. Er is groeiende wetenschappelijke belangstelling voor het verhelderen van de mensenrechtenverplichtingen van niet-statelijke economische actoren. De laatste jaren zijn ook meerdere internationale initiatieven genomen on hun handelen te onderwerpen aan regulering. Nog recenter is de erkenning dat kinderen en hun rechten speciale aandacht moeten krijgen, zoals blijkt uit de Children's Rights and Business Principles (2012) en de algemene commentaar over bedrijven en kinderrechten (2013) van het VN Comité voor de Rechten van het Kind. Toch schieten de bestaande kaders tekort. Daardoor missen kinderen de optimale bescherming van het recht van de mensenrechten die ze nodig hebben, en is er een verhoogd risico voor hun welzijn en belangen. Het onderzoeksproject zal onderzoeken op welke manieren de verantwoordelijkheid voor kinderrechten van Staten kan aangevuld worden met de verantwoordelijkheid van niet-statelijke economische actoren, en welke principes uitgewerkt moeten worden voor de toeschrijving en verdeling van verantwoordelijkheid aan die actoren.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

God op de schoolbank: een juridische analyse van het recht op redelijke aanpassing op grond van godsdienst en levensbeschouwing in het onderwijs. 01/10/2014 - 30/09/2017

Abstract

Schoolbanken zijn een kleurrijk gegeven, niet het in minst in levensbeschouwelijke termen. Met een alsmaar zichtbaar wordende studentendiversiteit op religieus vlak kunnen onderwijsinstellingen bepaalde vragen niet meer uit de weg. Mag een leerling van de sikh-gemeenschap een patka of tulband dragen op school? Mag er in de klaslokalen van een staatsschool een christelijk kruisbeeldje worden opgehangen? Mag een joodse studente haar examen op een andere dag afleggen wanneer deze op zaterdag – sabbat – valt? Moeten studentenrestaurants halal maaltijden voorzien? Het zijn vragen die op hun beurt nieuwe vragen in zich meedragen over de meerderheidsperspectieven schuilgaand achter maatschappelijke dominante standaarden die, verweven in het socioculturele weefsel van alledag, doorgaans voor neutraal worden aangenomen. Dit onderzoek bestudeert de rol van het recht in de ontmoeting van het onderwijs met religieuze leerlingendiversiteit via de conceptualisering van een op mensenrechten en kinderrechten stoelend rechtskader voor (voornamelijk secundaire en tertiaire) publieke en private onderwijsinstellingen in de omgang met het religieuze pluralisme van studenten. Hierin richt een descriptieve en normatieve reflectie zich op een drieledige juridische basis voor redelijke aanpassingen op grond van godsdienst en levensbeschouwing, met name bestaande uit het gelijkheidsbeginsel, de vrijheid van godsdienst en levensbeschouwing, en het recht op (inclusief) onderwijs. Vertrekkend vanuit het Vlaamse vraagstuk, zal het blikveld comparatief worden opengetrokken naar andere EU landen (in het bijzonder Nederland), Canada en Zuid-Afrika.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Mensenrechten voor ontwikkeling (HR4DEV): rechtengebaseerde toepassingen voor mensenrechten en de rechten van het kind. 18/08/2014 - 30/09/2016

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds Unesco . UA levert aan Unesco de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Mensenrechten voor ontwikkeling (HR4DEV). 27/07/2014 - 22/08/2014

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds VLIR. UA levert aan VLIR de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Kindsoldaten en het EU-beleid inzake kinderen en gewapende conflicten. 16/09/2013 - 13/12/2013

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds TEPSA. UA levert aan TEPSA de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Law in action: (hoe) werkt het grondrecht op wonen? 01/10/2012 - 30/09/2016

Abstract

Dit project zoekt een antwoord op cruciale vragen met betrekking tot de effecten van de grondrechten op het terrein, in het bijzonder de sociale grondrechten (ook nog sociaal-economische grondrechten genoemd). Zijn de sociale grondrechten betekenisvol op het terrein? Wat betekenen inroepbaarheid en effectiviteit van grondrechten? Is het zo dat het recht op zoek gaat naar een nieuwe invulling van grondrechten en waarom? De erkenning zelf van grondrechten is uiteraard geïnspireerd door de nood om aan sociaal (of anderszins) ongewenste situaties te verhelpen. In het bijzonder rijst de vraag of er enige correctiecapaciteit van de erkenning van grondrechten ten opzichte van die ongewenst geachte situaties uitgaat. Ook al gaat de analyse vooral om de effecten op het terrein en sluit ze dus aan op een belangrijke maatschappelijke discussie, aan de vraagstelling ligt een fundamentele wetenschappelijke discussie ten grondslag. Ten eerste zal er een koppeling worden gemaakt met de noties armoede en/of sociale uitsluiting. De hierboven geschetste problematiek en onderzoeksvragen spelen immers in het bijzonder wanneer we te maken hebben met armoedesituaties. Armoede en sociale uitsluiting werden in de literatuur gedefinieerd als de ontkenning of de niet-realisatie van sociale rechten. Wij zullen vooral ingaan op de tweede dimensie, de niet-realisatie van sociale rechten. Ten tweede willen we het onderzoek richten op een bijzonder belangrijk sociaal grondrecht, het recht op een behoorlijke huisvesting (kortweg het recht op wonen). Het recht op wonen is als een sociaal grondrecht erkend op het internationale, op het regionale en op het nationale niveau. Artikel 23 van de Belgische Grondwet garandeert onder andere het recht op wonen sinds de wijziging van 1993. Het recht op wonen dient als casus om de effectiviteit van de sociale grondrechten te verkennen, maar de bedoeling is om vanuit de conclusies van dit onderzoek te komen tot veralgemening voor andere sociale rechten. Een kernvraag is of we voor de realisatie van de grondrechten positieve resultaten kunnen verwachten van een wetgevend ingrijpen, eerder dan van individuele conflictbeslechting.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Mensenrechten voor ontwikkeling: op rechten gebaseerde benadering van ontwikkeling. 30/07/2012 - 31/03/2013

Abstract

Dit project betreft de opmaak van een stand van zaken m.b.t. 'op mensenrechtengebaseerde benaderingen van ontwikkeling' (theoretisch en in de praktijk), met bijzondere aandacht voor 'gender' en kinderrechten. Mogelijke toepassingen in de vier UNESCO-domeinen (onderwijs, communicatie, cultuur, wetenschap) worden verkend.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

De juridische dimensie van ontwikkeling: partnerschap tussen het Refugee Law Project (Makerere Universiteit) en de onderzoeksgroep Recht en Ontwikkeling (Universiteit Antwerpen). 01/10/2011 - 30/09/2013

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds VLIR. UA levert aan VLIR de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Internationale interdisciplinaire cursus: kinderrechten in een geglobaliseerde wereld. 04/10/2010 - 30/11/2010

Abstract

Implementatie van het project "International interdisciplinary course: children's rights in a globalized world: from principles to practice". De verruiming en verdieping van globalisering geeft de wereldwijde uitdagingen van armoede, milieuverontreiniging, kindsoldaten, kinderarbeid en migratie een nieuwe dimensie. Die ontwikkelingen vormen een uitdaging voor kinderrechten, en nodigen uit tot een kritische reflectie over de rol van kinderrechten als een hefboom voor sociale verandering.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Project website

Een juridische studie van machtsdeling als instrument van conflictbeslechting. 01/10/2010 - 30/09/2013

Abstract

Het onderzoek omvat een grondige juridische analyse van het gebruik van de techniek van machtsdeling (power-sharing) in het kader van vredesonderhandelingen en vredesakkoorden. Eerst en vooral belicht het onderzoek het juridisch statuut van vredesakkoorden, specifiek wat betreft de component machtsdeling. Daarbij wordt zowel aan het volkenrechtelijk als het grondwettelijk statuut aandacht besteed. Bovendien wordt power-sharing belicht vanuit het internationaal mensenrechtelijk kader. Bij het onderzoek wordt in belangrijke mate aandacht besteed aan de praktijk van power-sharing in Sub-Sahara Africa en aan het institutionele kader van de Verenigde Naties en de Afrikaanse Unie.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

De territorialiteit voorbij: verplichtingen inzake globalisering en transnationale mensenrechten (GLOTHRO). 15/06/2010 - 31/01/2015

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds ESF. UA levert aan ESF de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Consultancy assignment concerning training session in June 2011 for officials of the EU on "development and Human rights". 10/04/2010 - 30/06/2011

Abstract

Dit project kadert in een dienstverleningsopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds EIUC. UA levert aan EIUC de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Evaluatie van de Noorse en Zweedse steun ten behoeve van de Rechten van het Kind. 01/04/2010 - 31/03/2011

Abstract

Dit project kadert in een dienstverleningsopdracht tussen enerzijds het Chr. Michelsen Institute en anderzijds de Universiteit Antwerpen. In het project wordt de integratie van kinderrechten in de Noorse en Zweedse ontwikkelingssamenwerking geëvalueerd, met bijzondere aandacht voor mainstreaming.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Unicef Leerstoel Kinderrechten. 01/01/2010 - 31/12/2018

Abstract

Krachtens het Kinderrechtenverdrag moeten professionelen ingeleid worden in de letter en geest van het Verdrag, en moeten zij in staat gesteld worden om zich hierin verder te bekwamen. Universiteiten hebben hiertoe een bijzondere verantwoordelijkheid. Ook Unicef heeft hier een opdracht. De oprichting en instandhouding van een leerstoel kinderrechten als gezamenlijk initiatief van de Universiteit Antwerpen en Unicef België is een krachtige uitdrukking van het opnemen van deze verantwoordelijkheid. De leerstoel heeft zijn eigen onderzoeksprogramma, en stimuleert ook actief een kinderrechtencomponent in andere onderzoeksprogramma's. In het eigen onderzoeksprogramma wordt de nadruk gelegd op conceptuele thema's (in het bijzonder op de wederzijdse versterking en verrijking van kinderrechten en mensenrechten), en op economische, sociale en culturele rechten van kinderen. Migratie, armoede en kindsoldaten zijn prioritaire thema's voor 2010-2012. Bijzondere aandacht wordt ook besteed aan kinderrechten in ontwikkelings(samenwerking). De introductie van een kinderrechtenperspectief in andere onderzoeksagenda's wordt vooral gerealiseerd door expertseminaries met wetenschappers uit andere studiegebieden.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Project website

De positie en rol van niet-statelijke actoren in het internationaal recht. 01/01/2009 - 31/12/2013

Abstract

Het klassieke internationaal recht is nog steeds opgevat als een interstatelijk recht. In deze opvatting zijn staten, en niet niet-statelijke actoren, de belangrijkste subjecten van internationaal recht. Niet-statelijke actoren, zoals internationale organisaties, ondernemingen, ngo's, gewapende oppositiegroepen, nationale bevrijdingsbewegingen, en zelfs individuen, manifesteren zich steeds meer op alle niveaus van internationaal recht en beleid. De wetenschappelijke onderzoeksgroep gaat na wat de internationaal-juridische positie van niet-statelijke actoren op verschillende terreinen van het internationaal recht en de internationale betrekkingen op dit moment is, en of die positie beleidsmatig gezien wenselijk is. De groep wil tevens nagaan op welke wijze niet-statelijke actoren de vormgeving van internationale regelgeving beïnvloeden op basis van hun juridische positie. Ook hier wordt getoetst of die invloed wenselijk is. De bijdrage van de UA zal gebeuren vanuit het recht van de mensenrechten, en meer in het bijzonder van de economische, sociale en culturele rechten.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Meer macht voor de armen of meer armslag voor de machtigen? Extern opgelegde hervormingen en lokale strategieën. Een gevalstudie over landdynamiek in Rwanda en Burundi. 01/01/2009 - 31/12/2012

Abstract

Vanuit een thematische invalshoek rond landdynamiek, beoogt dit onderzoeksproject tot een beter begrip te komen van (1) hoe opportuniteitsstructuren ¿ gedefinieerd als normen, instituties, actoren en implementatieprocessen op het lokale, nationale en internationale vlak ¿ interageren met de locale leefwereld en strategieën van lokale actoren; (2) wat de impact is van extern opgelegde hervormingen op deze interactie. Twee case-studies zullen worden onderzocht: Rwanda en Burundi. Het project vertrekt vanuit het micro-perspectief van de lokale actoren en beoogt de complexe interactie tussen menselijk handelen en lokale opportuniteitsstructuur te duiden. Het onderzoek zal beroep doen op een combinatie van drie disciplinaire benaderingen: ontwikkelingsantropologie, ontwikkelingseconomie en recht en ontwikkeling. De drie componenten zullen sterk worden geïntegreerd en gekaderd in een overkoepelende onderzoeksmethodologie.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

    Recht op onderwijs voor kinderen zonder wettig verblijf. (UCARE) 01/11/2008 - 28/02/2010

    Abstract

    Ondanks de aandacht van diverse zijden voor het recht op onderwijs van kinderen zonder wettig verblijf, blijkt de kennis over de onderwijssituatie van die kinderen ontoereikend, en schieten maatregelen tekort. Dit project beoogt het gebrek aan kwantitatieve en kwalitatieve data te remediëren. De klemtoon ligt op lager onderwijs.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Kinderrechten in een geglobaliseerde wereld: van principes tot praktijk. 04/08/2008 - 31/12/2008

    Abstract

    Het project is internationaal en interdisciplinair dat aan de analyse van mondiale ontwikkelingsvraagstukken zoals armoede, uitbuiting, migratie en gewapend conflict de dimensie van de rechten van het kind toevoegt. Aan de basis ligt een kritische benadering van kinderrechten en hun emancipatorisch potentieel in een context van globalisering.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    De kruisbestuiving tussen de rechten van het kind en de mensenrechten op het domein van de economische, sociale en culturele rechten: naar een geïntegreerd conceptueel kader. 01/07/2008 - 31/12/2012

    Abstract

    Kinderrechten zijn mensenrechten. Toch zijn kinderrechten en mensenrechten geëvolueerd tot twee aparte studiedomeinen. In dit project wordt onderzocht hoe de conceptuele analysekaders onderliggend aan de twee domeinen elkaar maximaal kunnen verrijken (kruisbestuiving), en hoe ze geïntegreerd kunnen worden in één enkel conceptueel kader. De aandacht gaat daarbij naar economische, sociale en culturele rechten.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Een mensenrechtenbenadering van ontwikkeling: paralegals en de implementatie van sociaal-economische grondrechten van kinderen in Zuid-Afrika 01/03/2008 - 31/12/2009

    Abstract

    De problematische implementatie van sociaal-economische grondrechten van kinderen in Zuid-Afrika doet de vraag rijzen naar het strategische belang van grondrechten in het streven naar betere sociaal-economische levensomstandigheden. De aandacht zal toegespitst worden op de mogelijke rol van paralegals in een mensenrechtenbenadering van ontwikkeling (gevalstudie van de provincie van Limpopo).

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Kinderen op de vlucht in detentie. 15/02/2008 - 30/09/2008

    Abstract

    In dit project wordt een grondige en systematische toetsing van de Belgische asielwetgeving en -praktijk aan het internationaal recht van de mensenrechten en de rechten van het kind doorgevoerd. Daarbij wordt zowel aandacht besteed aan vrijheidsberoving als aan opvang.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)

    Opdracht voor evaluatie van de werking van het Kinderrechtencommissariaat. 13/02/2008 - 13/06/2008

    Abstract

    De opdracht bevat twee duidelijk van elkaar te onderscheiden vragen. De eerste vraag heeft betrekking op de evaluatie van de uitvoering van de decretale opdrachten door het Kinderrechtencommissariaat tot op heden. De tweede vraag heeft betrekking op een evaluatie van de decretale opdrachten zelf, namelijk de wenselijkheid om die opdrachten zoals ze omschreven zijn in het oprichtingsdecreet van het Kinderrechtencommissariaat van 15 juli 2007 te behouden in hun huidige formulering en omschrijving, én ze te behouden als opdrachten voor het Kinderrechtencommissariaat .

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)