Getuigenissen van oud-studenten taal- en letterkunde

Tine Stoop, modejournalist

Een hele nieuwe wereld ging open toen Tine Stoop taal- en letterkunde aan UAntwerpen studeerde. "Elke dag hield ik meer van taal. Het enthousiasme van de professoren zat daar ongetwijfeld voor iets tussen. Ook in mode ben ik altijd geïnteresseerd geweest. Zo groeide stilaan het idee om modejournalist te worden."

Meteen na het behalen van haar diploma begon Tine een vrijwillige stage bij het modemagazine Marie Claire, een schot in de roos. "Na amper een week stage vroeg de hoofdredactrice me of ik een vrijgekomen vacature wilde invullen. Daar moest ik geen twee keer over nadenken. Spannend wel, want plots kreeg ik erg veel verantwoordelijkheid. Zo vloog ik in mijn eerste jaar in mijn eentje naar LA, Marrakesh, Dublin en Berlijn, en woonde ik de modeweken in New York, Milaan en Parijs bij. Ik heb het echt getroffen met mijn job."

 Bernard Dewulf, dichter

“Ik koos voor de licenties (master) Germaanse talen heel bewust voor Antwerpen. Ik had een grote passie voor literatuur. Daarom heb ik dan Antwerpen gekozen,vooral voor professor Paul De Wispelaere, die toen een erg goede naam had als docent Nederlandse literatuur. Als recensent ben ik blij dat ik door mijn universitaire opleiding de context en het referentiekader meegekregen heb. Ik heb zelf literatuur gedaan, maar hoe ouder ik word, hoe meer ik terugval op taalkunde. Mijn columns hebben alles met taal te maken. Het onderwerp, dat komt wel. Als die eerste zin er staat, dan volgt de rest vanzelf.”

 

Koen Fierens, alumnus taal- en letterkundeKoen Fierens, docent Engels en bierbrouwer

"Mijn studententijd was levensbepalend. Ik heb er heel erg fijne vrienden voor het leven aan overgehouden. Ik ben gestart als leraar in het secundair onderwijs, maar na enkele jaren is ook de bierwereld voor mij opengegaan en nog wat later richtte ik Bieren van Begeerte op, als antwoord op de groeiende vraag naar onze bieren."

 

 

 

 

 

Bart Peeters, muzikant en presentator

“Ik denk dat het mede dankzij mijn studies is dat ik in staat ben teksten scherper en beter te maken. Ik heb daar in Germaanse talen de nodige ‘brain tools’ voor aangereikt gekregen. De opleiding stond toen bekend voor zijn creatieve avonden. We staken in die tijd heel wat zotte revues in elkaar.

Er zijn me wel wat proffen uit mijn studententijd bijgebleven, onder meer Frank Coppieters,  de bezielende kracht van theaterwetenschappen, en Libert Vander Kerken, de taalfilosoof die ik in het liedje ‘Prachtig in het blauw’ laat opdraven: ‘Ik herinnerde me toen iets dat ik indertijd bij professor Vander Kerken las. Dat een plotseling besef van de oneindigheid een esthetische ervaring was’.”

Jeroen Olyslaegers, auteur

“Ik vind dat ik duidelijk aanwezig moet zijn in het maatschappelijke debat. Ik voel het als mijn morele plicht. Deze samenleving heeft mij bijzonder veel gegeven, ik ben opgeleid door kritische geesten die mij hebben gestimuleerd om na te denken.

Aan de universiteit was professor letterkunde Kris Humbeeck mijn maître de pensée. Hij heeft me geleerd om teksten kritisch te lezen, na te denken over de schriftuur, op een diepere manier naar oeuvres te kijken. Dat heeft in zekere zin mijn leven veranderd. Ik wil dingen teruggeven, ook als dat soms in de vorm van kritiek is.”

 

 

Catrien Hermans, intendant Vlaams Fruit

“Taal- en letterkunde was voor mij een droomopleiding. Ik heb er een passie voor taal en woorden aan overgehouden, en al de kennis uit mijn opleiding kon ik als dramaturge meteen in de praktijk omzetten. Nog altijd zijn er veel kruisbestuivingen tussen de universiteit en Vlaams Fruit. Taal- en letterkundestudenten lopen hier geregeld stage. Met de studentenclub Lingua hebben we eveneens een fijne samenwerking: zij doen hun activiteiten hier in ruil voor tickets van onze voorstellingen. Ik steek wel wat tijd in die stages en projecten, maar de ‘return on investment’ is groot: ik krijg fijne mensen in mijn team die vaak nog wat blijven hangen. Hun ideeën en opmerkingen zijn verrijkend en brengen me vaak tot nieuwe inzichten.”

Michael De Cock, artistiek leider KVS

“Ik vind het altijd wat raar als mensen me vragen wat ik nog doe met de bagage uit mijn studies taal- en letterkunde. Ik doe daar nog ‘alles’ mee. Mijn studietijd was een belangrijke fase in mijn leven. Ik ben zes maanden op Erasmus geweest in Caen, Normandië, en heb mijn thesis over Franse literatuur geschreven. In Antwerpen kon je vrij je programma samenstellen en bovendien wilde ik per se de colleges van professor Maurice Delcroix en professor Raymond Mahieu volgen. De vlotte contacten die ik nu heb met theatermakers in Frans-Afrika, zijn er gekomen door mijn goede kennis van het Frans. Tijdens mijn studies schreef ik bovendien al stukken voor het theatertijdschrift Scènes. Wat ik nu doe, is gewoon een organisch gevolg van wat ik in mijn studententijd ben begonnen.”