Tijdens de Brusselse Week van de Meertaligheid vertegenwoordigde Christine Engelen zowel de Universiteit Antwerpen als YUFE tijdens een panelgesprek met collega’s van Belgische en Britse universiteiten, waaronder vertegenwoordigers van de Europese universiteitsallianties EUTOPIA en CIVIS. Samen reflecteerden zij over de groeiende kloof tussen meertaligheid als Europese waarde en zoals die in het dagelijkse leven alomtegenwoordig is, en de overwegend monolinguale of tweetalige normen in het hoger onderwijs.
Meertaligheid wordt vaak gezien als een fundament van de Europese cultuur en als een doel voor elke Europese burger. Veel mensen functioneren overigens dagelijks in meertalige en superdiverse omgevingen. Toch wordt deze realiteit en deze waarde slechts beperkt weerspiegeld in universiteitsbeleid en -praktijken. Dat leidt niet alleen tot frustratie bij wie inzet op taaldiversiteit, maar creëert ook structurele spanningen binnen instellingen.
Meertaligheid binnen de universiteit
Met een zaal vol voornamelijk jonge deelnemers, richtte het debat zich eerst op de situatie binnen universiteiten zelf. Welke praktijken ondersteunen of belemmeren meertaligheid vandaag? En welke strategische keuzes kunnen ervoor zorgen dat taaldiversiteit een essentieel onderdeel blijft of wordt van de universiteitsmissie?
De verschillen tussen de instellingen en landen kwamen snel aan bod. Sommige universiteiten volgen strikte wettelijke reguleringen, terwijl aan andere taal nauwelijks voorkomt in de beleidsteksten. Opvallend is ook dat studenten overal enthousiast en gretig deelnemen aan meertalige en multiculturele activiteiten. Dit staat dan weer in contrast met stagnerende of zelfs dalende inschrijvingscijfers voor taalstudies en de zogenaamde "cold spots" in delen van het VK, waar universitaire taalopleidingen volledig verdwenen zijn. Tegelijk gaan instellingen zeer verschillend om met meertaligheid: sommige investeren in taalondersteuning voor studenten, terwijl andere inzetten op begeleiding van docenten bij de overstap naar Engelstalig onderwijs (EMI).
Meertaligheid binnen Europese Allianties
In het tweede deel van het debat lag de focus op de Europese universiteitsallianties. Welke activiteiten en pilootprojecten, behalve traditionele mobiliteit en taalonderwijs, zetten zij in om meertaligheid in praktijk te brengen? En welke strategieën zijn nodig om meertaligheid structureel te verankeren?
Enkele veelbelovende initiatieven kwamen ter sprake: meertalige BIP-programma’s die verder gaan dan het Engels, inspanningen om meertaligheid breder bekend te maken buiten taaldepartementen, de groeiende rol van technologie om het taalleerproces te ondersteunen.
Een opvallende boodschap was de noodzaak om in te zetten op taal gebruiken eerder dan op taal leren, zeker nu technologie mee kan worden ingezet in de leerprocessen. Vanuit YUFE lichtte Christine Engelen toe dat de onderwijsprogramma’s er een B2-kennis Engels hanteren als een van de toelatingsvoorwaarden. Om inclusiever te worden en meer studenten de kans te geven een deel van hun studies op alliantieniveau te volgen, onderzoekt YUFE nieuwe initiatieven om de Engelse taalvaardigheid van de studenten te versterken, zodat ze in de onderwijsprogramma’s kunnen stappen, waar dan weer taalvakken en vakken in andere talen kunnen worden gekozen. In dat opzicht fungeert Engels als opstap naar bredere meertaligheid.
De blik van de studenten
YUFE Student Forum-lid en UAntwerpen-studente Elisa Mames Antuna was eveneens aanwezig. Zij benadrukte hoe verhelderend het was om de uiteenlopende verschijningsvormen van meertaligheid in universiteiten en allianties te zien. Creatieve initiatieven leiden tot nieuwe ideeën, terwijl verschillen in regelgeving en regionale context verklaren waarom sommige instellingen ondanks hun ambities structureel monolinguaal (of tweetalig) blijven. Een belangrijke conclusie volgens haar: Engels kan dienen als brug naar meertaligheid binnen allianties. Daarnaast viel haar op hoe financiering een sleutelrol speelt voor universiteiten in heel Europa, met directe impact op taalbeleid en onderwijs.
Vooruitblik
De reflecties van het panel maakten één ding duidelijk: Engels zal niet verdwijnen uit het Europese hoger onderwijs, maar het hoeft ook niet te domineren ten koste van andere talen. Strategisch ingezet kan het juist fungeren als brug in plaats van barrière, als een motor voor inclusieve en duurzame meertalige praktijken. De uitdaging bestaat er nu in om dit potentieel om te zetten in structurele, institutionele realiteit.