Letteren en Wijsbegeerte

Nieuws

Prof. Christian Laes boog zich over acht mysterieuze letters uit de Romeinse tijd

Stukjes Romeinse baksteen met acht letters op zorgen sinds hun vondst in de jaren zeventig voor wat animositeit onder specialisten. Was er nu een Corsicaanse legereenheid in Antwerpen of niet? Prof. Christian Laes (UAntwerpen) werpt nieuw licht op de zaak.

Bij archeologische opgravingen in de wijk tussen het Stadhuis en het Vleeshuis werden tussen 1974 en 1977 overblijfselen uit de Romeinse tijd gevonden. Experts menen dat de vondsten uit de tweede helft van de tweede eeuw en de eerste helft van de derde eeuw na Christus dateren. Onder meer aardewerk en muntstukken werden blootgelegd, maar heel wat aandacht ging naar twee stukjes van een baksteen. Op de steen staan – moeilijk leesbaar – de letters PRIMCORS.

Felixarchief

“De letters zijn zowat de enige schriftelijke bewijzen van de Romeinse aanwezigheid in Antwerpen in die periode”, weet prof. Christian Laes, classicus op de Universiteit Antwerpen. “De stenen fragmenten worden bewaard in het Felixarchief. De letters PRIMCORS werden in het recente verleden vaak gelezen als een samentrekking van Prim(a Cohors) Cors(orum). Dat zou dan betekenen dat er een Corsicaanse militaire eenheid gestationeerd zou geweest zijn in het Romeinse Antwerpen. Maar een echt bewijs is daar nooit voor gegeven.”

Laes boog zich over het vraagstuk en probeerde de herkomst en de betekenis van de steen te achterhalen. “Ik kan met zekerheid zeggen dat het niet om een Corsicaanse legereenheid gaat”, aldus de hoogleraar. “PRIMCORS lees ik als prima cors, wat zoveel betekent als ‘de eerste cohorte’.”

Netwerk

Volgens Laes vertellen de fragmenten een en ander over het netwerk dat Antwerpen – toen niet meer dan een dorp – in de Romeinse periode had. “Het gaat om een vrij unieke lettercombinatie: alleen in Nederlandse plaatsen zoals Naaldwijk, Dorestad en Aardenburg werd ze ook aangetroffen. Allicht werd de steen gemaakt in de militaire pottenbakkerij van Groesbeek-Holdeurn, ook in Nederland.”

Alumnus Arne Van der Linden debuteert met tweeluik Project (Lotgenoot)

Alumnus Arne Van der Linden (1996) is de auteur van het tweeluik Project [Lotgenoot]. In 2017 behaalde hij het diploma van leraar Frans-Nederlands aan de Universiteit Antwerpen, waarna hij besloot om niet meteen voor de klas te gaan staan, maar nog een opleiding taal- en letterkunde te volgen. Tijdens die studies begon het plan om een jeugdboek te schrijven stilaan vorm te krijgen. Hoewel hij al langer met het idee speelde, hadden de angst om te mislukken, het gebrek aan inspiratie en uitstelgedrag hem er steeds van weerhouden om effectief iets op papier te zetten. Tot eind 2017 dus, toen hij na een lange voorbereiding aarzelend gestalte gaf aan Alan Gray en het hoofdpersonage van zijn kladblok deed rechtkrabbelen.

Iets meer dan twee jaar later verzond Arne het afgewerkte manuscript naar verschillende uitgeverijen. Onder meer Hamley Books reageerde positief, maar wees hem eveneens op een groot struikelblok: de omvang van het verhaal. Het hoge woordenaantal van Project [Lotgenoot] overschreed de lengte van een gemiddelde young adult-roman ruimschoots. Daarom werd in samenspraak met de uitgeverij beslist om er een duologie van te maken, waarvan het eerste deel (Het Project) in april 2021 verschijnt en het tweede in oktober van datzelfde jaar in de rekken zal liggen.

Inmiddels heeft Arne ook zijn opleiding afgerond en is hij actief als leerkracht Frans-Nederlands. Naast lesgeven, schrijven en lezen luistert hij graag muziek, houdt hij van citytrips en zit hij vaak aan het scherm gekluisterd een voetbalwedstrijd te volgen.

Prof. Oscar Gelderblom vervoegt departement Geschiedenis dankzij het Odysseusprogramma

Professor Oscar Gelderblom, gerenomeerd specialist op het gebied van bedrijfsgeschiedenis in het premoderne en moderne Europa, zal de komende vijf jaar aansluiten bij het Departement Geschiedenis en het Centrum voor Stadsgeschiedenis van de Universiteit Antwerpen. Zijn onderzoeksproject The Social History of Finance, rond financiële geschiedenis in de 19de en 20ste eeuw, werd weerhouden voor het Odysseusprogramma van Het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen. 

Het programma biedt uitstekende onderzoekers die buiten Vlaanderen een carrière hebben opgebouwd, een startfinanciering aan om gedurende vijf jaar aan een Vlaamse universiteit, eventueel in samenwerking met (een) andere Vlaamse onderzoeksorganisatie(s), een onderzoeksgroep uit te bouwen of om een onderzoekslijn op te zetten. Zo kunnen ze zich gaandeweg in het Vlaamse onderzoekslandschap verankeren. 


Het onderzoek van Professor Gelderblom valt in de prijzen binnen de hoogste categorie, Odysseus Type I. Aan de Universiteit Antwerpen zal hij een team leiden dat onderzoekt hoe het bankwezen zich ontwikkelde, waarom banken pas diep in de samenleving doordrongen tot ver in de jaren 1960 en welke alternatieven er voor Europese huishoudens waren om hun financiën te beheren. The Social History of Finance ontwikkelt een nieuw conceptueel raamwerk om de ontwikkeling van het financiële systeem te begrijpen binnen de bredere maatschappelijke context waarin ze tot stand komt. Het project onderzoekt onder andere de lange termijnontwikkeling van de dienstverlening van banken en alternatieve aanbieders van financiële producten en de evolutie in de vraag naar financiële diensten van Belgische en Nederlandse huishoudens. Het project zal als ijkpunt dienen voor latere werkzaamheden over de evolutie van financiële systemen in het verleden, het heden en de toekomst. Het onderzoek sluit aan bij de expertise op het gebied van bedrijfsgeschiedenis dat het departement Geschiedenis van de Universiteit Antwerpen de afgelopen 20 jaar heeft opgebouwd. Met Professor Oscar Gelderblom krijgen ze er een bevlogen docent bij, die er steeds op gebrand is zijn onderzoek en zijn vakgebied op vernieuwende manieren in de kijker te zetten.

Auteur Tom Naegels wordt docent Creatief schrijven op de Universiteit Antwerpen

Tom Naegels studeerde Germaanse talen op de Universiteit Antwerpen. Als journalist, columnist en auteur van onder meer de bekroonde roman Los is hij bedreven in alle mogelijke aspecten van het schrijven. De geknipte docent dus voor de gloednieuwe cursus Creatief schrijven. Vanaf februari neemt Naegels de studenten Taal- en Letterkunde dertien lessen lang op sleeptouw. 



Het eindresultaat telt 

Centraal in de cursus staat het essay, een van de meest veelzijdige literaire genres. “In een essay verdedigt de schrijver een unieke, persoonlijke visie op de wereld, die de lezer esthetisch prikkelt én intellectueel voedt”, legt Tom Naegels uit. “Daarbij maakt de auteur gebruik van alle stijlmiddelen die ter beschikking staan: reportage, biografie, humor… Het essay spreekt hoofd en hart aan, en dat is precies de ambitie van deze cursus: de studenten helpen om niet alleen bij de lezer, maar eerst en vooral bij zichzelf, hoofd en hart aan te spreken.” 

Naegels kijkt uit naar de start van de cursus. “Het wordt ongetwijfeld een geweldige ervaring, voor mezelf en hopelijk ook voor de studenten. Bedoeling is dat elke student een essay schrijft. Ze gaan in de loop van de cursus vier versies van dezelfde tekst schrijven. De eerste twee pogingen gaan allicht slecht zijn, maar dat is absoluut niet erg. Het gaat om het eindresultaat, en minstens evenveel over het schrijfproces dat ze gaan doormaken.” 


Daag jezelf voortdurend uit 

De studenten mogen zich aan een karrenvracht tips verwachten. “Zo moet je als schrijver absoluut accepteren dat je vaak zal vastlopen”, vertelt de kersverse docent. “Schrijven is sowieso een kwestie van oefenen: hoe meer je schrijft, hoe beter je schrijft. Als essayist moet je jezelf voortdurend uitdagen. En heel belangrijk: schrijven doe je niet uitsluitend achter de computer. Je bent er ook mee bezig als je aan het koken bent of op café zit met vrienden, als dat ooit weer mag natuurlijk.” 

In een reeks korte videootjes licht Tom Naegels alvast een tipje van de sluier. Hoe begin je te schrijven? Welke valkuilen kom je ongetwijfeld tegen? Met welke auteur wil hij zelf wel eens een pintje drinken? Interessant materiaal voor een breed publiek. 

Bekijk hier de videoreeks.

Studenten krijgen les Theaterwetenschap in videogame (14/12/2020)

‘Red Dead Redemption’ geeft heel nieuwe dimensie aan afstandsonderwijs

Geen zoveelste online hoorcollege voor de bachelorstudenten taal- en letterkunde: theater-, film- en literatuurwetenschappen aan UAntwerpen. Op 14 december 2020 gaven drie docenten en een theatermaker les in het PlayStation-spel ‘Red Dead Redemption 2’. De studenten werden gekatapulteerd naar het einde van de negentiende eeuw en belandden in een realistisch ogende western. De les verliep live en dat brengt uitdagingen met zich mee. Bloeddorstige wolven en rovers te paard lagen op de loer en konden de les saboteren en onderbreken. Een hoorcollege was nog nooit zo spannend en onvoorspelbaar.

Les theaterwetenschap in een videogame: de docenten als hun personages.

Kurt Vanhoutte legt uit. “De les gaat over theatraliteit in nieuwe media en technologie zoals gaming. Hoe evolueert theater in onze samenleving? Welke kenmerken uit het theater vinden we terug in gaming? Dankzij dit college zullen de studenten de leerstof kunnen beleven in het medium waarvan sprake.”

“Het is een experiment”, vertelt Benjamin Verhoeven, onderwijsassistent bij Theaterwetenschap, die de les vanuit zijn fictief personage filmt. “In deze coronatijden hebben studenten voornamelijk online les. We stellen vast dat online lessen meer moeten zijn dan een digitale kopie van een normaal hoorcollege. In het medium game kunnen wenoties zoals live aanwezigheid, interactie en kennisuitwisseling heruitvinden of toch minstens een nieuwe invulling geven.”

Toverlantaarn als massamedium

Hét visuele massamedium uit de tijd waarin het spel zich afspeelt is de toverlantaarn. Tijdens de les zullen de studenten ook de Fontana Magic Lantern Theatre bezoeken en een show met een toverlantaarn te zien krijgen. De onderzoekers bestuderen dit medium in het B-magic project. Nele Wynants is enthousiast over de mogelijkheden: “Dit massamedium uit het verleden is weinig bekend bij het brede publiek. Maar in Red Dead Redemption is het mainstream! De makers van het spel hebben hun onderzoekswerk grondig gedaan, want de toverlantaarn wordt correct en realistisch weergegeven. Via het spel kan ik tonen hoe een toverlantaarn werkt.”

Herbekijk de les in de videogame op YouTube

The Demons of Leonard Cohen (06/10/2020)

​Francis Mus brengt de internationale receptie van Leonard Cohen in kaart in een nieuw academisch werk (Ottawa University Press).

Francis Mus (UAntwerpen) geeft les aan de studenten Frans in de opleiding toegepaste taalkunde, en doet onderzoek naar de internationale circulatie van literatuur en muziek. Tijdens enkele onderzoeksverblijven in Canada kwam hij in aanraking met het werk van Leonard Cohen, waarover hij in 2015 een essay schreef dat bekroond werd met de Oost-Vlaamse literatuurprijs. Eind augustus 2020 verscheen een Engelstalige academische herwerking, The demons of Leonard Cohen, uitgegeven bij Ottawa University Press.

Hoe hij bij Leonard Cohen is uitgekomen? “Tussen 2006 en 2010 maakte ik een doctoraat over de internationalisering van de Belgische avant-garde in het interbellum. Er zijn dus weinig raakvlakken met mijn eerste onderzoeksinteresse, behalve dan de aandacht voor de manier waarop literatuur en muziek internationaal circuleren, gelezen en beluisterd worden. De voorbije jaren verschenen talloze biografieën en heel wat wetenschappelijke stukken over Cohens plaats in de Canadese literatuur, maar de internationale receptie van zijn werk is een onontgonnen terrein. Die invalshoek koppel ik aan een thematische aanpak, waarbij ik zijn volledige literaire en muzikale oeuvre in ogenschouw neem.”

Dat Francis Mus van Cohens oeuvre houdt, is duidelijk. “Precies dat intrigeert me: de manier waarop lezers en luisteraars zich aangesproken voelen, zowel door de (Engelstalige) muziek als door Cohens literaire (al dan niet vertaalde) werk. Het contact met zijn publiek was overigens voor Cohen zelf erg belangrijk: hij bleef schaven aan zijn oeuvre met de bedoeling om de zeggingskracht ervan te maximaliseren. Dat is ook een van de redenen waarom hij de literatuur deels verruilde voor de muziek”.

Zelf is Francis Mus geen muzikant: “Wel geef ik af en toe lezingen met vrienden-muzikanten. Het voelt telkens als een voorrecht om het podium met hen te delen. Ik speel zelf wel wat piano, maar ben blij dat ik het echte werk aan de professionals kan overlaten!”

Professor digitale tekstanalyse brengt tweede thriller uit (23/09/2020)

​Wetenschap en kunst beïnvloeden elkaar in het werk van onderzoeker Mike Kestemont, die in augustus 2020 de roman 'De witte weduwe' uitbracht.

Professor Mike Kestemont geeft les in de nieuwe master Digital Text Analysis, voert veelzijdig onderzoek met de hulp van taaltechnologie én onder het pseudoniem Michael Kestemont schrijft hij spannende thrillers. Voor zijn roman De zwarte koning ontving hij in 2019 de Knack Debuutprijs. In de opvolger De witte weduwe, die deze zomer verscheen, helpt docent klassieke talen Anna een opvallende kunstroof op te lossen. Net als in het eerste deel is feit en fictie moeilijk van elkaar te onderscheiden. De romans worden daarom geregeld met die van Dan Brown vergeleken.

Maar hoe vindt een drukbezette universiteitsprofessor de tijd om proza te schrijven? “Het is vooral een hobby om niet altijd te zitten werken”, licht prof. Kestemont toe. “Met het schrijven verzet ik ’s avonds mijn zinnen.” De uitgeverij porde hem snel na zijn eerste roman aan om een vervolg te schrijven, want er bleek plaats op de Vlaamse boekenmarkt voor zijn stijl. Kestemont put inspiratie uit historische gebeurtenissen, waar hij vervolgens een draai aan geeft. Zo spelen vergeten leden van het Belgische koningshuis in de twee boeken een mysterieuze rol. Dankzij zijn wetenschappelijk werk komt Kestemont op bijzondere plaatsen die hij in de verhalen verwerkt om het plot te sturen.

Mike Kestemont vindt niet dat er zo’n groot verschil zit tussen onderzoeker of schrijver zijn. “Er ligt een permeabele lijn tussen kunst en wetenschap. Uit het schrijfproces rijzen geregeld nieuwe onderzoeksvragen. Voor ik begon met schrijven had ik er bijvoorbeeld geen idee van dat een dialoog op duizenden manieren kan verlopen. Nu ik dat weet, kan ik computationele modellen leren om aandacht te schenken aan die patronen.” Zelf droomt hij er wel eens van om net zulke spannende dingen mee te maken als de professor in de boekenreeks.

Benieuwd naar De witte weduwe? Meer info en de boektrailer vind je hier.