De bachelorproef: jouw eerste echte onderzoeksproject
Het sluitstuk van je bachelorjaren
In het derde jaar van de opleiding conservatie restauratie werk je aan een zelfstandig onderzoeksproject binnen een van de atelierdisciplines. Je kiest zelf of je je verdiept in theoretisch onderzoek, materiaaltechniek, kunsthistorische analyse of een meer praktisch behandelingsonderzoek. Met de steun van een promotor werk je een wetenschappelijk onderbouwd traject uit. Dat kan gaan van archiefonderzoek tot materiaaltechnische analyses, of van een waardering van erfgoedcollecties tot het bestuderen van restauratie-ingrepen.
Twee studenten tonen hoe verschillend én hoe boeiend zo’n bachelorproef kan zijn.
Een theoretische duik in een onbekend archief – Brenthe Schatteman
Brenthe koos bewust voor een theoretische bachelorproef. Ze werkt in het FelixArchief op een bijzonder archief: dat van Peter Van Herck, Antwerps interieurarchitect, meubelontwerper en restaurator.
Haar opdracht? Een professionele waardering maken van het archief, zodat bepaald kan worden wat de erfgoedwaarde is en wat ermee moet gebeuren. Ze gebruikt hiervoor een methode uit het veld van collectie- en archiefwaardering. Het archief, 18 dikke mappen aan ruim 15 meter materiaal, is nauwelijks ontsloten. Veel documenten zijn nog nooit bekeken. Dat maakt het onderzoek intensief, maar ook uniek: “Het is een sprong in het onbekende. Ik zoek veel zelf uit en kom voortdurend nieuwe dingen tegen.”.
Brenthe werkt wekelijks in het archief, maakt een grondige analyse en onderzoekt ook de educatieve en wetenschappelijke waarde van het materiaal. Ze krijgt begeleiding van docenten én van het stadsarchief.
Een praktische bachelorproef in het atelier – Marit Verbraekel
Marit koos voor een praktijkgericht project in samenwerking met Atelier Mestdagh, een gespecialiseerd glasatelier. Ze onderzoekt het Elisabeth van Culemborg raam uit de Sint Gummaruskerk in Lier, een historisch glas-in-loodraam dat al meerdere restauraties onderging.
Marit wil achterhalen welke stukken nog authentiek renaissanceglas zijn. Dat doet ze zonder ingrepen, onder meer via:
- stilistisch onderzoek
- materiaaltechnische analyses
- microscopische studie
- vergelijking met tekeningen en nummers van vroegere restauraties
- koppeling met scherven die vorig jaar door een andere student werden onderzocht
Het project omvat 94 panelen van ca. 50 × 50 cm.
“Ik zit elke maandag in het atelier en zie restauraties echt in de praktijk gebeuren. Supertof!” De samenwerking met een professioneel atelier geeft haar een concreet beeld van het werkveld.
De bachelorproef is tegelijk een eindpunt én een startpunt: na dit traject ben je klaar voor de master en voor onderzoek in een atelier, museum of archief.
Elisabeth van Culemborg raam uit de Sint Gummaruskerk in Lier