Hoe ziet het toelatingsexamen geneeskunde eruit?

Het toelatingsexamen bestaat uit twee delen:

Deel 1: KIW (= Kennis en Inzicht in de Wetenschappen)

  • Wiskunde
  • Fysica
  • Chemie
  • Biologie

In dit onderdeel wordt je kennis getoetst in 4 reeksen van 10 meerkeuzevragen. Je krijgt wel een formularium ter beschikking, geen rekenmachine. De leerstof van dit onderdeel is aangepast aan de eindtermen en leerplannen van de derde graad ASO.

Een voorbeeldvraag biologie:

DNA-ligase is een enzym dat betrokken is bij …

  1. de replicatie van DNA
  2. de translatie van mRNA
  3. de transcriptie van DNA
  4. de polymeraseketenreactie (PCR)

(antwoord 1 is juist)

Deel 2: GC (= Generiek Competenties)

1 deel CLEAR (=Conflicthantering, Luistervaardigheid, Empathie, Aandacht, Reflectie, Respect)

In dit deel word je getoetst op interpersoonlijk contact, empathie, constructieve houding … De toetsing gebeurt via 15 casussen waarin situaties worden geschetst. Aan de hand van multiple choice-vragen kan je de beste optie aanduiden. Een voorbeeld:

Je werkt tijdens de kerstvakantie als monitor op een sportkamp voor 14-16 jarigen. In de namiddag staat er turnen op het programma. ’s Ochtends komt er een meisje naar jou toe, met de boodschap dat zij niet mee kan turnen. Welke vraag biedt de meeste kans op een echt gesprek?

  1. “Hier ligt nog wel reserve turngerief in jouw maat, hoor!”
  2. “Ben je bang dat je van de trampoline zal vallen?”
  3. “Vertel eens, wat is er precies aan de hand?”
  4. “Waarom zou je niet mee kunnen turnen?”

(antwoord 3 is de beste optie, want hierdoor stel je je open en neutraal op en nodig je uit om te vertellen over de reden dat ze niet mee kan turnen. De andere antwoorden kunnen als kleinerend of beschuldigend geïnterpreteerd worden, waardoor je de kans op een open gesprek mist).

Meer voorbeeldvragen vind je hier.

1 deel VAARDIG (=Verbinden, Analyseren, Redeneren, Integreren)

In dit deel wordt je begrip van medische teksten en figuren getest.

  • Eerst 15 vragen mét teksten en figuren
  • Daarna 15 vragen zónder teksten, maar met figuren (test geheugen en inzicht)

Ook dit deel wordt bevraagd aan de hand van meerkeuzevragen met 4 antwoordmogelijkheden.