Opleidingsinfo

Hoe ziet je opleiding eruit?

Starten doe je met basiswetenschappen

Zoals in andere wetenschappelijke opleidingen start je in het eerste semester van het eerste jaar met de basiswetenschappen. Voor dierenartsen in spe is een grondige kennis van natuurkunde, chemie en biologie belangrijk. Vanaf het tweede semester komen de meer studierichtingsspecifieke opleidingsonderdelen aan bod.

Aan het einde van het eerste bachelorjaar heb je een voldoende inzicht in de zwaarte en de aard van de opleiding om te weten of de opleiding je ligt of niet.

Eerst leer je over het gezonde dier

Vanaf het tweede semester begin je dus aan de studie van het ‘normale’, gezonde dier. Ook in het tweede – en in mindere mate in het derde – bachelorjaar ligt hier de focus.

We maken een onderscheid tussen opleidingsonderdelen waarin we:

  • de vorm en ontwikkeling van de stelsels en organen bestuderen (zoals anatomie en weefselleer);
  • de functie ervan bestuderen (zoals fysiologie, biochemie en genetica).

Uiteraard komen er vooral diersoorten aan bod waarmee een Vlaamse dierenarts veel in contact komt: paarden, runderen, honden, katten, varkens, konijnen, pluimvee…

Vanaf het derde jaar bestudeer je ook het zieke dier

In het derde jaar start je dan met onderwerpen zoals ziekte en afweer. Je bestudeert:

  • het ontstaan en de ontwikkeling van ziektes (pathologie en pathofysiologie)
  • infectieziektes veroorzaakt door virussen, bacteriën en schimmels (microbiologie)
  • weerstand en afweerreacties tegen ziektes (immunologie)
  • de werking van geneesmiddelen (farmacologie)

Mix van onderwijsvormen

Je leert dit alles niet alleen in theorielessen. Veel opleidingsonderdelen hebben ook een praktische component. Je doet:

  • dissecties
  • laboratoriumsessies
  • microscopiesessies
  • pc-practica

Tegelijk bouw je ook enkele diergeneeskundige vaardigheden op. Tijdens dissecties verbeter je bijvoorbeeld je handvaardigheid en leer je systematisch observeren.

Aan je omgang met dieren hechten we veel belang

Als dierenarts moet je op een vlotte en veilige manier omgaan met dieren. Vooral met de grotere dieren zoals koeien en varkens zijn veel startende studenten nog niet vertrouwd.

  • Tijdens bedrijfsbezoeken aan onder andere rundvee-, varkens- en kippenbedrijven verken je de habitat van verschillende diersoorten.
  • In het derde jaar ga je ook enkele weken op bedrijfsstage in een van deze bedrijven.

Voor demonstraties en hands-on practica kunnen we terecht in onze demonstratiestal De Ark.

Bedrijfsmanagement en voedselveiligheid

Voor veehouders hebben dieren een economische waarde. Daar mag je als dierenarts niet blind voor zijn. Daarom leer je tijdens je opleiding ook over bedrijfsmanagement en vee-exploitatie.

Ook onderwerpen als dierhygiëne, huisvesting en diervoeding zijn vanuit dat oogpunt belangrijk.

Ten slotte is het ook de taak van dierenartsen om de kwaliteit te bewaken van de vlees- en zuivelproducten die geproduceerd worden. Veterinaire volksgezondheid staat daarom ook op het programma.

Mag je starten?

Toelatingsvoorwaarden

Met een diploma secundair onderwijs kan je rechtstreeks inschrijven in deze bacheloropleiding. Ook andere diploma’s of getuigschriften kunnen je toelating geven. Lees daarom ook de uitgebreide info over de toelatingsvoorwaarden.

IJkingstoets verplicht

Daarenboven moet je verplicht deelnemen aan de ijkingstoets. Dit zorgt tevens voor een goede inschatting van je voorkennis.

In een beperkt aantal gevallen kan je inschrijven zonder de ijkingstoets diergeneeskunde of een andere officieel georganiseerde ijkingstoets te hebben afgelegd, nadat je een uitzondering hebt aangevraagd. Raadpleeg daarvoor de facultaire informatie over de ijkingstoets diergeneeskunde.

Iets voor jou?

Je bent zes jaar intensief met je opleiding bezig

Als dierenarts heb je enkele typische eigenschappen nodig:

  • handigheid
  • goed waarnemingsvermogen
  • plichtsbesef
  • verantwoordelijkheidszin
  • vlotte omgang met mens en dier

Voor de opleiding tot dierenarts is een goed geheugen heel belangrijk, zowel voor de diergeneeskundige als voor de klinische opleidingsonderdelen. Zoals voor elke universiteitsstudent zijn doorzettingsvermogen, wilskracht en regelmatige werklust onmisbaar.

Sterk in wetenschappen

Belangrijke opleidingsonderdelen in het eerste jaar zijn chemie, biologie en fysica met inbegrip van wiskunde. We starten voor deze wetenschappen van wat je in het secundair onderwijs geleerd hebt. Al is het uitgangspunt wel anders: begrijpen, opbouwen en toepassen zijn belangrijker dan weten.

Bereid je voor

IJkingstoets

Wil je een goede inschatting van je voorkennis maken? Dat kan via de ijkingstoets. Deelnemen is verplicht voor de opleiding diergeneeskunde!

Overbruggingsonderwijs

In september kan je deelnemen aan het overbruggingsonderwijs. Je krijgt dan de kans om:

  • je kennis van wiskunde en chemie bij te spijkeren
  • academisch Nederlands te leren gebruiken
  • je studievaardigheden aan te scherpen

Aan de slag

(Andere) voorkennis kan je testen, opfrissen en bijschaven op ons online voorbereidingsplatform.