Het portfolio samenstellen en indienen
- Wat?
Voor de stage-opleidingsonderdelen die je via je eigen lesopdracht aflegt, krijg je als student met lesopdracht een cijfer op basis van het portfolio dat je indient.
- Wanneer?
De deadline voor het indienen van het portfolio vind je terug in het examenrooster of bespreek je met je begeleider. Soms zijn er immers tussentijdse deadlines.
Wanneer je lesopdracht kan ingezet worden ter vervanging van een of meerdere stages (Oriënteringsstage, Groeistage, Onderwijsproject of Profileringsproject) stel je per academiejaar een digitaal portfolio samen, afhankelijk van de omvang en aard van je lesopdracht die je als stage aflegt. Over de inhoud van je portfolio en het tijdstip van indienen, maak je afspraken met je begeleider van het vakdidactisch team of je coach. Dat doe je bij de goedkeuring van je lesopdracht als stage. Meer informatie over de inhoud vind je in het apart document ‘Richtlijnen portfolio LAS’.
Voor de samenstelling van het portfolio nemen we enkele belangrijke principes in acht:
Je kan als student met lesopdracht zelf mee vorm geven aan je leerproces en meer specifiek aan de invulling van je portfolio;
Afhankelijk van de omvang van de lesopdracht als stage omvat het portfolio meer of minder praktijkrelevante opdrachten. De omvang van je portfolio wordt meegedeeld in het beslissingsdocument;
Je kiest als student met lesopdracht zelf voor jou relevante opdrachten die aansluiten bij je praktijkervaring en legt deze voor akkoord voor aan de vakdidactisch begeleider of coach;
Het portfolio wordt gezien als een groeiportfolio. Begeleiding maakt hier een cruciaal onderdeel van uit. We voorzien dan ook op regelmatige basis interactie tussen jou en je LAS-begeleider.
Bij elk lesbezoek bekijk je samen met je UA-begeleider je portfolio. Op basis van de feedback kan je de uitwerking verder bijsturen en je leerproces verder in handen nemen. Het vakdidactisch team of je coach evalueert je portfolio. Met je UA-begeleider of coach bespreek je hoe de verdere tussentijdse opvolging en feedback verloopt.
Je dient het definitieve portfolio digitaal in bij je vakdidacticus of coach via BB (cursus 'student met lesopdracht'). Hiervoor zijn in principe minimaal twee indienmomenten voorzien:
begin examenperiode 1ste semester;
begin examenperiode 2de semester.
De precieze richtlijnen vraag je aan je vakdidacticus.
Evaluatie
De evaluatie van de lesopdracht als stage gebeurt op basis van de beschikbare informatie van alle partijen (UA-begeleider, mentoren, student met lesopdracht). De vakdidacticus of coach geeft de eindbeoordeling. Het cijfer dat je krijgt voor het portfolio is in principe ook het cijfer dat wordt toegekend aan de opleidingsonderdelen (stages) die werden vervangen door je lesopdracht (zie beslissingsdocument). Behaal je bijvoorbeeld op het portfolio het cijfer 14 en kreeg je een akkoord voor een lesopdracht als stage voor Oriënteringsstage, Groeistage X en het Onderwijsproject, dan zal je in SisA het cijfer 14 ontvangen voor Oriënteringsstage, Onderwijsproject en Groeistage X.
Je kan enkel een beoordeling krijgen als je portfolio volledig in orde is. Een onvolledig dossier wordt niet beoordeeld. Binnen de lerarenopleiding gelden de deliberatieregels voor de master: onvoldoendes voor stages zijn niet delibereerbaar. Slagen voor je lesopdracht als stage is dus een voorwaarde om te slagen voor de lerarenopleiding.
Slaag je niet voor je lesopdracht als stage dan kan de praktijkcomponent eventueel nog afgelegd worden als gewone stage. Stages afleggen tijdens de tweede zittijd is echter niet haalbaar omdat er voor de stageplaatsen beroep moet worden gedaan op de secundaire scholen. De stage zal in de meeste gevallen dus uitgevoerd moeten worden in het volgende academiejaar.