Meesterproef

Het sluitstuk van je master

De meesterproef omvat een stage en het schrijven van een wetenschappelijke thesis.

Thesis

Onder begeleiding van een professor leer je een probleem juridisch te conceptualiseren, juridisch onderbouwde stellingen in te nemen en maatschappelijk-juridische oplossingen voor te stellen.

Je wordt uitgedaagd om:

  • een onderzoeksthema te kiezen
  • een probleemstelling en een theoretisch kader te formuleren
  • onderzoeksvragen te identificeren
  • een onderzoeksmethode te kiezen en te verdedigen
  • een onderzoeksplan op te stellen
  • bronnen te verzamelen
  • een juridische analyse door te voeren
  • en onderbouwde conclusies te formuleren

Lees meer over de meesterproef in het studieprogramma.

Stage

De studenten doen gedurende minimum twee weken een stage - een juridische ‘exposure’ - in een onderneming, een overheid, een advocatenkantoor, een rechtbank, enz. 

In overleg tussen de meesterproefcoördinator en de stagemeester, ‘mentor’ genoemd (een advocaat, magistraat, notaris, parketmagistraat, bankier, verzekeraar, bedrijfsjurist enz.), wordt een ‘ervaringstraject’ uitgetekend.  De stage heeft plaats tijdens het tweede masterjaar en hoeft niet in aansluitende periodes te worden doorlopen. 

Over deze stage redigeert de student een stageverslag, dat een logboek en de bespreking van één oplossingsproces bevat. Dit oplossingsproces betreft bijvoorbeeld een pleitdossier, de oplossing van een geschil in der minne, het onderhandelen en opmaken van een contract, het doorvoeren van een herstructurering, e.d. De student kiest een afgewerkt dossier (met alle documenten en met naleving van het beroepsgeheim). 

Zowel de mentor als de student evalueren het stageverloop. Het door de mentor aan de stage verbonden cijfer wordt meegenomen in het globale resultaat voor de meesterproef aan het einde van het tweede masterjaar.

Voor wie meer wil… aspirant-onderzoeker

De Faculteit Rechten wil goede studenten de kans geven om vertrouwd te raken met de wereld van het academisch onderzoek en zicht te krijgen op de taken en het werk van assistenten of onderzoekers. Het statuut van aspirant-onderzoeker legt het accent op de persoonlijke verrijking van de aspirant-onderzoeker en wil hem/haar voorbereiden op een onderzoeksloopbaan

De aspirant wordt ingeschakeld in de werking van een onderzoeksgroep en verricht een aantal taken die onderwijs- en/of onderzoeksondersteunend zijn, om zo kennis te maken met het academisch werk. De aspirant-onderzoeker werkt onder wetenschappelijk toezicht van een professor aan een schriftelijk, wetenschappelijk werk dat voor publicatie in aanmerking komt. Dit werkstuk kan gelden als thesis in het kader van de meesterproef. 

Daarnaast wordt een actieve participatie in andere activiteiten van de onderzoeksgroep verwacht. Zo kan de aspirant lezingen bijwonen,  ingeschakeld worden bij het doceren van colleges of extra publicaties voorbereiden.