Verliest Antwerpen-Brugge vracht door de nieuwe CO₂-heffing?

Afstudeerrichting: Supply Chain Management

Sinds januari 2024 moeten rederijen betalen voor de CO₂-uitstoot van hun schepen binnen het Europese emissiehandelssysteem (EU-ETS). Dat is goed voor het klimaat, maar heeft het ook onbedoelde gevolgen? Zouden rederijen ervoor kiezen om hun vracht via goedkopere havens buiten de EU te vervoeren, of zou transport over zee plaatsmaken voor de vrachtwagen? Handelsingenieur Yentl De Maere zocht uit wat dit betekent voor de haven van Antwerpen-Brugge.

Twee mogelijke uitwijkroutes

Voor zijn masterproef onderzocht Yentl twee scenario's. Eerst ging hij na of rederijen hun containers vaker via Zuid-Europese havens zoals Piraeus, Genua of Valencia zouden laten binnenkomen in plaats van via Antwerpen-Brugge. Zo zouden ze minder binnen het EU-ETS-gebied varen en hun ETS-kosten beperken. Daarnaast onderzocht hij of bedrijven die goederen via shortsea shipping naar Spanje vervoeren, zouden overstappen op vrachtwagens als vervoer over zee duurder wordt.

Cijfers combineren met de praktijk

Om die vragen te beantwoorden, gebruikte Yentl een ketenkostenmodel dat de volledige transportketen in kaart brengt: van het zeetransport en de havenkosten tot het verdere vervoer over land.

Yentl: “Ik berekende hoeveel duurder een route wordt door het EU-ETS en of dat verschil groot genoeg is om bedrijven voor een andere haven of een ander vervoermiddel te laten kiezen. Ik interviewde experts uit de sector, onder meer bij MSC Belgium en de haven van Antwerpen-Brugge.

Het antwoord: voorlopig geen grote verschuivingen

Uit de berekeningen blijkt dat de ETS-kosten slechts 0,88 tot 1,77% van de totale maritieme transportkost per container uitmaken.

Yentl: “Dat is te weinig om bedrijven massaal voor een andere haven of een ander vervoermiddel te laten kiezen. In de huidige situatie blijft Antwerpen-Brugge dus even aantrekkelijk en behoudt ook shortsea shipping naar Spanje zijn concurrentiepositie tegenover de vrachtwagen.

Pas in uitzonderlijke scenario's, bijvoorbeeld wanneer schepen veel sneller zouden varen of Zuid-Europese havens even efficiënt zouden worden als Antwerpen-Brugge – zag Yentl kleine verschuivingen. In de praktijk zijn zulke situaties weinig waarschijnlijk.

Wat zegt de sector?

De interviews bevestigden de resultaten, maar brachten ook extra nuance. Volgens de experts worden keuzes vandaag veel sterker beïnvloed door factoren zoals transittijd, efficiëntie en congestie dan door de extra ETS-kosten. Wel zien ze een mogelijk risico voor transshipmentlading, die gemakkelijker naar havens buiten Europa kan verschuiven.

Wat betekent dit voor de haven?

Yentl: “Hoewel de impact vandaag beperkt is, geven de geïnterviewde experts een duidelijke boodschap mee: de haven van Antwerpen-Brugge moet blijven investeren in efficiënte en duurzame infrastructuur, zoals walstroom, om haar sterke concurrentiepositie te behouden. De sector verandert snel, en wat vandaag weinig effect heeft, kan in de toekomst wel een grotere impact hebben.”


Yentl won in 2026 de Pierre Wildiersprijs voor de beste masterthesis. De jury beoordeelde de inzendingen op basis van drie criteria: de wetenschappelijke kwaliteit van de masterthesis, het academische taalgebruik in het artikel en de nieuwswaarde van de bevindingen.