Theater-, film- en literatuurwetenschap

Voor een volledig studieprogramma combineer je theater-, film- en literatuurwetenschap met één andere optie:

Hoe ziet de opleiding theater-, film- en literatuurwetenschap eruit?

De deelopleiding Theater-, Film- en Literatuurwetenschap (TFL) is uniek in Vlaanderen. De combinatie van een taal (Nederlands, Frans, Duits, Spaans of Engels) en een pakket TFL is voor veel jongeren met een uitgesproken interesse in kunst, cultuur en taal aantrekkelijk. Studenten die voor TFL kiezen, verwerven een kritisch instrumentarium om uiteenlopende kunstpraktijken te analyseren en in verband te brengen met hun cultuurhistorische, sociaal-politieke en maatschappelijke context.

In het eerste jaar leggen we een historische basis om de recente ontwikkelingen binnen literatuur, film en podiumkunsten te kaderen. Je wordt vertrouwd gemaakt met de geschiedenis van de film (stille film, Hollywood, auteurscinema) en het theater (van de antieke oudheid tot het post dramatische theater). We bestuderen daarnaast de evolutie en eigenschappen van de klassieke Hollywoodgenres, zoals de film noir, western en musical.

In opleidingsonderdelen zoals Filmanalyse en Opvoeringsanalyse reiken we vervolgens concrete tools aan om theatervoorstellingen en films te analyseren op vlak van narratief, acteer- en beeldtaal en narratief. We richten ons op de verschillende ‘bouwstenen’ van cinema – montage, mise en scène, fotografie/belichting, geluid – en theater  - decor, mimiek, gestiek – om inzicht te krijgen in de historische evolutie van beide disciplines en de typische en atypische stilistische keuzes die een theater- of filmmaker maakt. Aan de hand van schrijftrajecten oefen je in beargumenteerd kritiek geven.

Kunst staat nooit los van de tijd waarin ze gemaakt wordt. Vanzelfsprekend hebben we dan ook oog voor de maatschappelijke context waarin schrijvers, theatermakers en cineasten werken en de bredere relatie tussen woord en beeld in onze gemediatiseerde, hoogtechnologische cultuur. De moderniteit dient daarbij als ijkpunt. De cultuur van de moderniteit laat zich best verstaan vanuit interdisciplinair oogpunt. Vooruitgang en emancipatie worden sleutelwoorden in een cultuur die zichzelf presenteert als exponent van technologische innovaties en grensverleggende ervaringen. De kunst articuleert dit spanningsveld en laat zich bijgevolg als vanzelf situeren tussen uiteenlopende disciplines en technieken.

Die intermediale focus is een rode draad doorheen de colleges. We onderzoeken de eigenheid van film, literatuur en theater maar bekijken ook de diverse manieren waarop ze elkaar raken en beïnvloeden. Het BA2-vak Adaptatie in theater, film en literatuur verdiept zich bijvoorbeeld specifiek in de cross-over tussen verschillende media. Ook de ontwikkelingen in de beeldende kunst, poëzie en nieuwe media worden mee in kaart gebracht.

De docenten gaan telkens op zoek naar het juiste evenwicht tussen theorie en praktijk. Alle colleges worden rijkelijk visueel ondersteund. We bezoeken samen theatervoorstellingen, nodigen kunstenaars uit om over hun praktijk te vertellen en organiseren filmscreenings. Hoorcolleges, presentaties, schrijfopdrachten en interactieve seminaries wisselen elkaar af. In het derde jaar krijgen de studenten de kans om bij wijze van concrete beroepsoriëntatie een stage te doen. Studenten gaan bijvoorbeeld aan de slag op de Boekenbeurs, volgen de repetities mee van een nieuwe jeugdtheatervoorstelling of engageren zich als productieassistent tijdens het Internationaal Filmfestival van Rotterdam. Doelstelling is om via praktijkervaring inzicht te verwerven in (de werking van) het professionele literatuur-, film- en podiumkunstenlandschap en praktische competenties te verwerven die de zoektocht naar een gepaste job vergemakkelijken.  

Wie zijn kennis van theater en film wil verdiepen, kan vervolgens probleemloos doorstromen naar de master theater- en filmwetenschap. Ook een master taal- en letterkunde behoort tot de mogelijkheden.