Vakdidactiek

In de lessen vakdidactiek leer je hoe je het best kan lesgeven in jouw vak. Dat je een expert bent in jouw vak betekent daarom niet dat je het goed kan overbrengen aan anderen. Je moet dus leren welke didactische methoden je het best gebruikt om leerlingen of studenten lesinhouden uit jouw vak te laten ontdekken.

  • Vakdidactiek bestaat uit de opleidingsonderdelen Introductie vakdidactiek (3 sp) en vakdidactiek (6 sp). Bekijk tot welke introducties vakdidactiek en aansluitende vakdidactiek je toelating hebt.

  • De vakdidactiek die je volgt, levert je een lesbevoegheid of bekwaamheidsbewijs op. Een bekwaamheidsbewijs bepaalt in welke vakken je later mag lesgeven met vereiste bekwaamheid. Bekijk per vakdidactiek in welke vakken je mag lesgeven

  • Je bent verplicht om twee introducties vakdidactiek te volgen. Na deze introducties volg je ofwel de aansluitende vakdidactieken ofwel één aansluitende vakdidactiek en een profileringsvak

  • Je volgt verplicht minstens één vakdidactiek die rechtstreeks aansluit bij het expertisedomein van je domeinmasteropleiding

  • Als je naast twee vakdidactieken ook een profileringsvak wilt opnemen, dan kan dat in surplus of later via een creditcontract. 

  • Vakdidactiek PAV is steeds een optie als tweede vakdidactiek. Dit is belangrijk voor de lesbevoegdheden: PAV komt immers niet aan bod in de derde graad ASO. De combinatie van vakdidactiek PAV met een profileringsvak is niet mogelijk want dat zou betekenen dat je, met PAV als enige vakdidactiek, zou afstuderen zonder vereist bekwaamheidsbewijs voor de derde graad ASO.

  • Wil je drie vakdidactieken volgen, dan zal je 6 of 9 sp extra moeten behalen. Je volgt dan de twee introducties vakdidactiek die worden opgelegd op basis van je vooropleiding/domeindiploma’s. Levert het domeindiploma evenveel kansen op een vereist bekwaamheidsbewijs voor drie van de vakdidactieken uit het aanbod op, dan mag je zelf kiezen of je ook een derde introductie vakdidactiek volgt. Als je drie vakdidactieken volgt, dan voer je in plaats van de profileringsstage een derde groeistage uit voor de derde vakdidactiek.

  • Als je een vakdidactiek opneemt waarvoor je een specifieke toelating kreeg met een vooraf door de vakdidacticus opgelegd remediëringspakket of als je eerst een voorbereidingsprogramma dient te volgen, dan geldt de volgende afspraak. Als je nog slechts 12 sp domeinvakken moet behalen, mag je starten met (intro) vakdidactiek en kan je groeistage doen. Je moet geslaagd zijn voor de volledige 30 sp domeinvakken voor je kan slagen voor vakdidactiek en groeistage.
     

De focus ligt logischerwijze op het curriculum van de 2de en 3de graad secundair onderwijs, dat je voor jouw vak grondig leert kennen.

In de vakdidactiek komt naast theorie ook de onderwijspraktijk aan bod. Je eerste oefenlessen bereid je in groep voor en geef je aan medestudenten of een kleine groep van leerlingen. De vakdidacticus en assistenten begeleiden je en bereiden je zo voor op je volgende stap in de praktijk: de groeistage.