Vakdidactiek in de educatieve masteropleidingen

In de lessen vakdidactiek leer je hoe je het best kan lesgeven in jouw vakgebied. Dat je jouw vakgebied goed beheerst, betekent immers nog niet dat je het goed kan overbrengen aan anderen. Je moet dus leren welke didactische methoden je het best gebruikt om leerlingen lesinhouden uit jouw vakgebied te laten ontdekken.

De focus ligt logischerwijze op het curriculum van de tweede en derde graad secundair onderwijs, dat je voor jouw vakgebied grondig leert kennen.

De vakdidactiek verbindt de theorie over het leraarschap met de praktijk. Je eerste oefenlessen bereid je in groep voor en geef je aan medestudenten of een kleine groep van leerlingen. De vakdidacticus en assistenten begeleiden je. Je krijgt feedback op je lesinhouden en op je manier van lesgeven. Deze ervaring en feedback bereiden je voor op het volgende praktijkmoment: de groeistages. Zo kruip je steeds diepgaander in de rol van vakleraar.

Vakdidactiek bepaalt in welke vakken je mag lesgeven

Als je opteert voor een educatieve master, zal je tegelijk met je masterdiploma ook de titel van leraar behalen. De vakdidactiek die je gevolgd hebt, bepaalt in welke vakken je later mag lesgeven (de zogenaamde lesbevoegdheden of bekwaamheidsbewijzen).

Aan de Universiteit Antwerpen hebben alle studenten deze keuze...

  • Ofwel neem je twee vakdidactieken op. Aan elke vakdidactiek is dan een bekwaamheidsbewijs gekoppeld.
     
  • Ofwel neem je één vakdidactiek en een profileringsvak op. In het profileringsvak zoom je in op een actueel onderwijskundig thema, maar hieraan is geen bekwaamheidsbewijs gekoppeld.

Welke vakdidactieken kan/mag je opnemen?

Je mag eender welke vakdidactiek opnemen zolang je voldoet aan de toelatingsvoorwaarden voor de vakdidactiek.

Eén vakdidactiek ligt voor de hand. In de educactieve master biologie, bijvoorbeeld, zal je zeker de vakdidactiek biologie opnemen. Maar niets houdt je tegen om daarnaast ook de vakdidactiek wijsbegeerte te volgen, als je voldoet aan de toelatingsvoorwaarden ervan.

De toelatingsvoorwaarden zijn dezelfde in alle Vlaamse universiteiten.

  • Het is voornamelijk je bacheloropleiding die bepaalt tot welke vakdidactieken je rechtstreekse toelating hebt. Bekijk tot welke vakdidactieken, die je aan de Universiteit Antwerpen kan opnemen, je vanuit jouw bacheloropleiding rechtstreekse toelating hebt.
     
  • Je kan ook toelating tot een vakdidactiek krijgen op basis van verworven credits. Voor alle vakdidactieken moet je kunnen aantonen dat je 30 studiepunten domeinkennis hebt verworven. Voor de talen gaat het om 60 studiepunten.

Je vindt een overzicht van alle vakdidactieken in het studieprogramma van je afstudeerrichting.

Welke profileringsvakken kan je opnemen?

Als je in plaats van een tweede vakdidactiek een profileringsvak opneemt, kies je tussen:

  • meer(-)talig onderwijs
  • zorg
  • onderwijskundig ontwerpen
  • STEM

Deze thema's komen ook in andere opleidingsonderdelen aan bod. Als je een profileringsvak opneemt, ga je dieper op het thema in.

Lees meer over de profileringsvakken in het studieprogramma van je afstudeerrichting.