Tip 29: Stemming

“Wat denken jullie van de volgende stelling?” “Wie stemt er ja?” Een mogelijke werkvorm om studenten te activeren, is het werken met stemmingen. Hierbij legt de docent een uitdagende stelling, vraag of casus met enkele antwoordmogelijkheden voor aan de studenten.

Wanneer?

Stemmingen kunnen op verschillende momenten tijdens een les ingezet worden met verschillende doelen. Wanneer de stemming aan het begin van de les geïntegreerd wordt, kan nagegaan worden in welke mate studenten de materie van de voorgaande les voldoende verwerkt hebben. Of, kan de docent de voorkennis van de studenten activeren en op basis hiervan een discussie opstarten. Tijdens of op het einde van de les kunnen stemmingen gebruikt worden om na te gaan of studenten voldoende mee zijn of om de geziene leerstof verder te laten verwerken.  

Praktisch?

Stemmingen organiseren is relatief eenvoudig. Ook bij grote groepen kan het een manier zijn om zoveel mogelijk studenten te bereiken. Een stemming kan een of meerdere korte vragen als tussendoortje omvatten, maar het kan ook gaan om een complexe case die een belangrijk deel van de les inneemt.

Er zijn verschillende manieren waarop studenten kunnen stemmen:

  • handopsteken of kaartjes: Studenten geven aan welk antwoord volgens hen correct is door hun hand op te steken of door (kleur)kaartjes te gebruiken (bv. ja/nee/onthouding). Het werken met handopsteken of kaartjes vraagt niet zoveel werk. Soms laten studenten zich echter beïnvloeden door medestudenten. Twijfelende handen durven dan al eens terug naar beneden gaan of er wordt gestemd op basis van de antwoorden van anderen. Als studenten digitaal of online stemmen verdwijnt deze reflex grotendeels.
  • digitaal of online: Studenten stemmen via stembakjes, sms of het internet op de smartphone of laptop. Stemmingen kunnen relatief eenvoudig ingewerkt worden met gratis software in presentaties (zie bv. Shakespeak bij ‘meer weten?’). Zo krijgen zowel de studenten als u onmiddellijk een overzicht van de gegeven antwoorden op de volgende slide. Deze respons kan vervolgens gebruikt worden als feedback of ter discussie.  

Nabespreking?

De nabespreking is een belangrijk onderdeel van de stemming wat betreft het leereffect. Zo kunnen tijdens de nabespreking een aantal studenten aan het woord gelaten worden op basis van hun antwoorden. Zorg ervoor dat het antwoord of de nuances die gemaakt moeten worden voldoende duidelijk zijn voor de studenten vooraleer verder gegaan wordt met het lesmoment.

Verder is het van belang dat de (vraag)stelling niet te eenvoudig of complex is. Wanneer de vraagstelling te eenvoudig is, zal er geen of beperkte discussie mogelijk zijn aangezien (bijna) iedereen hetzelfde antwoord zal geven. Bij een te complexe vraagstelling gaan de studenten niet of niet doordacht kunnen stemmen; wat de discussie eveneens bemoeilijkt en vraagtekens plaatst bij de toegevoegde waarde van de stemming.

Bij complexe opgaves kan ook de volgende aanpak gebruikt worden:

  1. De studenten lossen de opgave eerst individueel op;
  2. Vervolgens stemmen ze;
  3. Daarna gaan ze in kleine groep elkaars antwoorden overlopen en beargumenteren;
  4. Op basis van de discussie in groep wordt er opnieuw gestemd.

Deze aanpak zorgt ervoor dat studenten diepgaand aan de slag gaan met de leerstof. De ervaring leert dat het aantal correcte antwoorden aanzienlijk stijgt nadat de studenten met elkaar overlegd hebben. Deze aanpak wordt peer instruction genoemd.

Feedback voor student én docent!

Studentenevaluaties van docenten die werken met stemmingen, tonen duidelijk aan dat studenten stemmingen positief ervaren. Ze worden aangezet om na te denken over de leerstof en krijgen onmiddellijk feedback: ‘Heb ik het begrepen?’. Ook de docent krijgt onmiddellijk feedback over de mate waarin de studenten mee zijn met de leerstof. Dit wordt vaak als een voordeel ervaren in lessituaties waarin het moeilijker is om te polsen of studenten de leerstof begrepen hebben en of het tempo goed ligt, zoals bij grote studentengroepen en hoorcolleges.

Meer weten?

PollEverywhere: de Universiteit Antwerpen heeft een licentie voor onderwijzend personeel voor het gebruik van PollEverywhere. Contacteer Sven Van der Stappen voor verdere informatie en de aanmaak van een account op PollEverywhere (waarmee PollEverywhere ook voor grote aantallen studenten gebruikt kan worden).

Er zijn ook andere, gratis programma’s beschikbaar om stemmingen te organiseren (bv. Socrative), maar deze zijn vaak gelimiteerd tot een 50-tal studenten.

Van Petegem, P. (red.) (2009). Praktijkboek Activerend Hoger Onderwijs (pp. 94-96). Leuven: LannooCampus.

Crouch, C. H., & Mazur, E. (2001). Peer Instruction: Ten years of experience and results. American Journal of Physics, 69(9), 970-977.

 

(Onderwijstip november 2014)