Tip 41: De one-minute paper

“Wat hebben we vandaag geleerd?” One-minute paper, uitgevoerd door Piet Huysentruyt

De one-minute paper is een activerende werkvorm die gemakkelijk uit te voeren is. In principe gaat het om een korte opdracht die studenten zeer snel kunnen uitwerken.  Hoewel eenvoudig, kan het zowel een krachtig leermiddel voor student als een sterk feedbackmoment voor de lesgever zijn. In deze tip verdiepen we ons in de oorspronkelijke vorm van en mogelijke variaties op de one-minute paper. Ook staan we stil bij voordelen en mogelijke aandachtspunten.

Oorspronkelijk was de one-minute paper een opdracht die een lesgever op het einde van een les aan studenten gaf. Zij kregen enkele minuten de tijd om een kort (schriftelijk) antwoord op twee vragen te formuleren:

  1. Wat is het belangrijkste inzicht / idee /… dat je meeneemt uit de les van vandaag?
  2. Welke vraag heb je nog?

Vervolgens verzamelde de lesgever de antwoorden om daar in de volgende les op in te gaan. Er zijn een aantal voordelen verbonden aan deze format. De eerste vraag zorgt ervoor dat studenten gaan reflecteren over de les en wat men daaruit geleerd heeft. De tweede vraag dwingt studenten om aan zelfevaluatie te doen: wat kennen ze al en wat is nog onduidelijk? Een pluspunt hierbij is de anonieme en laagdrempelige manier voor studenten om vragen te kunnen stellen. Naast een krachtig leermiddel voor studenten geeft de werkvorm ook feedback aan de lesgever. Het is een diagnose van wat studenten al onder de knie hebben en waar de lesgever (eventueel) nog op moet terugkomen. Daarenboven geeft de werkvorm al tijdens een opleidingsonderdeel of module informatie aan de lesgever. Hierdoor is deze nog in staat tijdig relevante aanpassingen te maken.

Variatie in de opdracht/het doel

In tussentijd zijn er verschillende varianten van de one-minute paper ontstaan. Zo bestaat er variatie in de opdracht die de lesgever geeft. Naast de oorspronkelijke format zijn er verschillende opdrachten, afhankelijk van wat de lesgever wil bereiken bij studenten. Enkele voorbeelden:

  • Wat was het moeilijkste punt uit de les?
  • Wat was het meest verrassende dat je vandaag meeneemt uit de les?
  • Schrijf de drie belangrijkste begrippen van de les op.
  • Maak een samenvatting van…
  • Geef een voorbeeld van…
  • Verklaar in eigen woorden: …
  • Reageer op de volgende stelling:…

Hierbij willen we nog meegeven dat de eerste voorbeelden minder sturend zijn en meer gericht op zelfreflectie. De andere zijn eerder voorbeelden die de student meer sturen richting het bereiken van een leerdoel of het begrijpen van een afgebakend stuk leerinhoud.

Variatie in de timing

Meer variatie kan ook aangebracht worden in het tijdstip van de opdracht. U moet deze opdracht niet steeds op het einde van een les plaatsen. De one-minute paper kan geïntegreerd worden op verschillende momenten van de les. Het feit dat de one-minute paper niet alleen op het einde van de les opgenomen moet worden, opent nog verdere mogelijkheden:

  • Organiseer na de one-minute paper een zoemsessie waarin studenten aan elkaar hun antwoorden voorleggen
  • Verbind een stemming met de one-minute paper om na te gaan wat de algemene antwoordtendens is

Variatie in terugkoppeling/opvolging van antwoorden

Verder kunt u als lesgever variëren in wat u gaat doen met de schriftelijke antwoorden van de studenten. Enkele mogelijkheden:

  • U kunt de antwoorden gebruiken/beantwoorden in de volgende les
  • U kunt reageren op vragen in een discussieforum of door middel van een kort instructiefilmpje
  • U kunt deze gebruiken als algemene diagnose om uw lessen te verbeteren
  • U kunt u door de opmerkingen laten inspireren om examenvragen of opdrachten op te stellen

Enkele aandachtspunten:

  • Bij activeren is het belangrijk om te variëren. Dat betekent dat de one-minute paper best niet de enige werkvorm van uw les is. Ook raden we aan te variëren in het tijdstip en de concrete opdrachten van de one-minute paper. Zorg hierbij wel steeds dat het doel van de activering bereikt wordt door de werkvorm of opdracht die u kiest.
  • Geef studenten voldoende tijd om de opdracht uit te voeren. De term “one-minute” paper is hierbij misschien wat misleidend. Pas de te besteden tijd aan de moeilijkheidsgraad aan of aan de uitgebreidheid van de opdracht.
  • Het is niet altijd mogelijk om op elke vraag van studenten te antwoorden. Daar is vaak de tijd niet voor. Mogelijke manieren om hier mee om te gaan zijn: een steekproef van de vragen beantwoorden, de meest gestelde vragen beantwoorden, op basis van uw ervaring met de one-minute paper een Frequently Asked Questions-forum maken of dit opnemen in een syllabus, …

Meer weten?

Van Petegem, P. (Red.) (2010). Praktijkboek Activerend Hoger Onderwijs. Tielt: LannooCampus. 

  • Hoofdstuk 5: activerend werken tijdens contactmomenten

Stead, D. R. (2005). A review of the one-minute paper. Active learning in higher education, 6 (2), 118-131.

 

(Onderwijstip oktober 2015)