Tip 51: Talige verwachtingen duidelijk maken bij academische schrijftaken

i.s.m. Monitoraat op Maat*

In alle opleidingen wordt van studenten verwacht dat ze schriftelijk over de vakinhoud kunnen communiceren (onderzoekspapers, scripties, laboverslagen, open examenantwoorden,…). Bij de beoordeling van schrijftaken stellen docenten echter vast dat sommige studenten weinig vertrouwd zijn met algemene principes van academisch schrijven: de tekst mist logische samenhang, de manier van formuleren past niet bij de taak of de opleiding, ingediende teksten zijn niet grondig nagelezen,… Ook studenten zelf geven vaak aan met schrijftaken te worstelen.

Expliciteer talige verwachtingen

Vooral beginnende studenten moeten hun eerder verworven schrijfcompetentie leren toepassen op nieuwe academische inhouden en schrijftaken. Een manier om hen daarbij te ondersteunen is door de talige verwachtingen bij een schrijftaak vooraf mee te delen (feed up). Zo weet de student duidelijk waar hij op talig vlak naartoe moet. Voor docenten maken geëxpliciteerde verwachtingen het gemakkelijker om in de loop van de opleiding feedback te geven op taken en studenten te ondersteunen en bij te sturen in hun leerproces (feed forward).

Bouw talige verwachtingen op 

De eisen die aan de schrijfvaardigheid van de student gesteld worden, moeten studenten voldoende uitdagen. Anderzijds moeten ze rekening houden met de academische ervaring van de student: bij de aanvang van een hogere studie kan niet dezelfde academische geletterdheid worden verwacht als in een masterjaar. Een gevorderde student moet bijvoorbeeld ook complexere en langere schrijfopdrachten aankunnen dan een beginnende student. 

Motiveer talige verwachtingen 

Leg uit waarom bepaalde eisen worden gesteld aan academisch taalgebruik. Studenten die overtuigd zijn van het belang van een goede schrijfvaardigheid (tijdens hun studie, maar ook in toekomstige beroepstaken) zullen er meer aandacht aan besteden en meer openstaan voor feedback. Niet alle talige aspecten zijn trouwens voor elke taak even relevant. Zo kan als antwoord op bepaalde examenvragen een helder schema volstaan, terwijl voor een ander examen doorlopende tekst wordt verwacht.

Besteed aandacht aan product, strategieën en attitude

Verwachtingen hebben betrekking op het eindproduct, maar ook op de strategieën om schrijftaken efficiënt uit te voeren en op de gewenste attitude. Voorbeelden van verwachtingen op deze verschillende vlakken zijn: 

  • product: de tekst heeft een logische en heldere structuur; de tekst is objectief en nauwkeurig geformuleerd; de tekst is verzorgd op het vlak van spelling, grammatica en woordkeuze;
  • strategieën: eerst de structuur van de tekst vastleggen, dan pas beginnen schrijven; tijdens het schrijven het doel van de tekst voor ogen houden;
  • attitude: niet te snel tevreden zijn; bereid zijn om een tekst na te lezen en te verbeteren.

Focus bij het expliciteren van de verwachtingen op aspecten waar studenten het doorgaans moeilijk mee hebben.

Gebruik hulpmiddelen om de talige verwachtingen te verduidelijken

  • Illustreer de verwachtingen met voorbeeldteksten of fragmenten. Vermeld telkens wat er goed aan is of niet, en waarom. Gebruik ook materiaal van studenten: voorbeelden die dicht bij de student staan, kunnen de student extra motiveren om eruit te leren.
  • Gebruik een checklist. Studenten kunnen een checklist niet alleen inzetten bij het controleren van een schrijfproduct (van zichzelf of van een medestudent), maar ook als leidraad tijdens het schrijfproces. Hier vindt u een voorbeeld van een checklist voor een paperopdracht <link> en een e-mail naar een docent <link>. 
  • Laat studenten zelf criteria achterhalen, bijvoorbeeld voor een gepaste inleiding of een goed geformuleerd examenantwoord.
  • Toon het beoordelingsformulier voor een opdracht en maak duidelijk in welke mate taalvaardigheid meespeelt in de score.

Meer weten?

Berckmoes, D., & Rombouts, H. (2009). Intern rapport verkennend onderzoek naar knelpunten taalvaardigheid in het hoger onderwijs Antwerpen: Linguapolis / Universiteit Antwerpen.

Bonset, H., & de Vries, H. (2009). Talige startcompetenties hoger onderwijs. Enschede: SLO.

Braaksma, M. (2002). Observational learning in argumentative writing. Amsterdam: Universiteit van Amsterdam

Hattie, J., & Timperley, H. (2007). The power of feedback. Review of Educational Research, 77(1), 81-112.

Van Houtven, T., & Peters, E. (2013). Schrijfvaardig in het hoger onderwijs. Praktische handleiding voor krachtig schrijfvaardigheidsonderwijs in de instroomfase. Leuven: Acco

Verheyden, L. (2010). Wijzer kijken met kijkwijzers? Over een tussentijds product van taalbeleid. In: Van Hoyweghen, D. (Red.) Naar taalkrachtige lerarenopleidingen. Bouwstenen voor taalbeleid. Mechelen: Plantyn.

* Monitoraat op maat Academisch Nederlands

Studenten van de Universiteit Antwerpen voor wie academisch Nederlands een struikelblok vormt, kunnen terecht op het Monitoraat op maat voor workshops of persoonlijke taalondersteuning. Meer informatie op www.uantwerpen.be/monitoraatopmaat.  

 

(Onderwijstip juni 2016)